De meeste autoverzekeraars maken geen onderscheid voor de premieberekening op basis van het motortype. De meeste risico's zijn immers dezelfde, of het voertuig nu elektrisch is of op fossiele brandstof rijdt. Wel is het zo dat wanneer de aankoopprijs van een EV hoger ligt dan die van een auto met verbrandingsmotor, dat verschil zich logischerwijze vertaalt in een hoger tarief.

Het interieur van een auto wordt bij een auto met verbrandingsmotor vooral opgewarmd door restwarmte van de motor. Een elektrische auto produceert amper restwarmte en moet daarom een beroep doen op een elektrische bijverwarming.

Eigen aan elektrische voertuigen is dat ze moeten worden opgeladen. Hoe groter de batterij, hoe langer dat duurt, maar de nieuwste modellen kunnen al probleemloos 150 à 200 kW aan. Een batterij van 75 kWh opladen van 10 tot 80 procent duurt vandaag minder dan een half uur.

Koude temperaturen zijn niet bevorderlijk voor de werking van een batterij. Naarmate het kwik daalt, wordt de elektrolytvloeistof in de accucellen trager, wat resulteert in minder goede prestaties, niet alleen wat de vermogensafgifte betreft, maar ook inzake de laadsnelheid.

De capaciteit van een aandrijfaccu wordt uitgedrukt in kWh (kilowattuur). De meeste constructeurs vermelden in hun communicatie de bruto waarde. Dat is de hoeveelheid die de batterij in totaal kan opslaan, maar is niet de hoeveelheid die daadwerkelijk ter beschikking staat. Dat laatste is de netto capaciteit.