Opinie

Ewald Pironet

’80 procent werkzaamheidsgraad voor Vlaanderen is twijfelachtig, voor België is het onmogelijk’

Ewald Pironet Senior writer van Knack

‘De regering-De Croo stoelde haar budgettair beleid op de onrealistische 80 procent werkzaamheidsgraad’, schrijft Ewald Pironet, senior writer bij Knack.

De Vlaamse regering-Jambon en de federale regering-De Croo willen beide hetzelfde: acht op de tien mensen tussen de 20 en 64 jaar moeten aan de slag. De Vlaamse regering wil tegen het einde van de bestuursperiode, in 2024, een werkzaamheidsgraad van 80 procent, de federale regering wil dat tegen 2030. Die 80 procent is cruciaal, want de budgetten zijn daarop gebaseerd: meer mensen die werken, betekent meer belastinginkomsten en minder uitkeringen, zodat er financiële ruimte ontstaat. Toen de regering-De Croo onlangs met veel trompetgeschal een nieuwe arbeidsmarktdeal presenteerde, werd nog eens onderstreept wat bij de start van de Vlaamse en de federale regering al duidelijk was: voor Vlaanderen is het twijfelachtig of die 80 procent wordt gehaald, voor België is het onmogelijk.

80 procent werkzaamheidsgraad voor Vlaanderen is twijfelachtig, voor België is het onmogelijk.

In Vlaanderen bedraagt de werkzaamheidsgraad 75 procent. Bij de start van de Vlaamse regering zei minister-president Jan Jambon (N-VA): ‘De Vlaamse regering zal alles op alles zetten om de werkzaamheidsgraad op te trekken naar 80 procent.’ Slechts een handvol Europese landen haalt die 80 procent: Duitsland, Nederland, Zweden, IJsland en Zwitserland.

Het percentage werklozen in Vlaanderen bedraagt nog geen drie procent van de 20- tot 64-jarigen, minder is vrijwel onmogelijk. Zelfs als morgen élke Vlaamse werkzoekende een baan heeft, zijn we nog maar ergens halfweg de beoogde 80 procent. Vlaanderen zal vooral inactieven aan het werk moeten helpen, mensen die geen werk hebben en er ook niet naar op zoek zijn. Een op de vijf mensen is in dat geval, het gaat om huisvrouwen (vaak met een migratieachtergrond), langdurig zieken, mensen ouder dan 20 die voltijds studeren en ontmoedigde werklozen.

Inactieven aan het werk krijgen is niet gemakkelijk. De Vlaamse regering doet inspanningen, maar om te slagen zal er ook strenger moeten worden toegezien op wie een beroep kan doen op de ziekteverzekering en wie met pensioen mag gaan. Dat zijn federale bevoegdheden en niets wijst erop dat de regering-De Croo strenger zal optreden, integendeel. Het is dan ook twijfelachtig of Vlaanderen die 80 procent werkzaamheidsgraad over twee jaar zal halen.

In het regeerakkoord van de regering-De Croo luidt een van de weinige cijfermatige doelstellingen: ‘De regering (…) streeft tegen 2030 een werkzaamheidsgraad van ten minste 80 procent na.’ Arbeidsmarktdeskundigen zeiden van meet af aan dat dit streefcijfer onrealistisch hoog lag. De voorbije tien jaar steeg de werkzaamheidsgraad van 67,5 naar 70 procent en nu wil de regering in dezelfde tijdsspanne van 70 naar 80 procent. Hoe dat moet, is onduidelijk. Er staan weinig concrete arbeidsmarkthervormingen in het regeerakkoord.

Hoe onrealistisch die 80 procent is voor België, blijkt wanneer we naar de regionale cijfers kijken. Vlaanderen moet tegen 2030 die 80 procent kunnen halen. In Wallonië bedraagt de werkzaamheidsgraad nu 65 procent, in Brussel 62 procent en niemand gelooft dat ze over tien jaar 80 procent halen. Je zou in Vlaanderen natuurlijk kunnen streven naar een werkzaamheidsgraad van 85 procent of meer, zodat Wallonië en Brussel wat minder dan 80 procent hoeven te halen, maar dat is onrealistisch als je weet dat IJsland en Zwitserland met ‘slechts’ 82,5 procent vandaag aan de top staan in Europa.

De recent afgesloten arbeidsmarktdeal helpt niet om meer mensen aan de slag te krijgen. Wat daar werd afgesproken, zoals een vierdagenwerkweek en meer opleidingen, komt vooral mensen die al werk hebben ten goede. Hier en daar hoorde je dat de regering er verkeerd aan deed om de arbeidsmarktdeal in verband te brengen met het streefdoel van 80 procent werkzaamheidsgraad, maar het gaat om veel meer dan slechte communicatie. De regering-De Croo stoelde immers haar budgettair beleid op die onrealistische 80 procent. De begrote meerinkomsten en minderuitgaven van de regering zijn op los zand gebouwd. Wat het nog erger maakt: de extra uitgaven, zoals de verhoging van de minimumpensioenen, zijn er ondertussen wél al. Ondanks alle waarschuwingen rekent de regering-De Croo zichzelf rijk en regeert ze het land arm.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content