Zonnige groeten uit Syldavië

BRUNO DE GROOTE Monkste aller gitaristen. © CYLEONG.BE
Bart Cornand
Bart Cornand Redacteur Knack

Waarom Tijgers van Eufraat, dé verrassing van het voorjaar, eigenlijk geen verrassing is.

Nee, hij hield er niet zo van als ze hem Super Bruno noemden, het maakte hem ongemakkelijk. Maar al zo’n anderhalf decennium geleden hoorde je de geuzennaam van gitarist Bruno De Groote overal gonzen onder muzikanten. De Groote was de spil van Mambo Chillum, de beste bluesband die dit land ooit heeft gehad, flirtte met kitsch bij The Ladybirds en Bruno de Bruxelles, straalde in Son Deluxe, speelt met Raymond van het Groenewoud en Axelle Red op grote en nog grotere podia. Doorheen al die uiteenlopende bezettingen en stijlen liep en loopt één rode draad: De Groote is de Monkste aller gitaristen, met een schijnbaar achteloos losse pols en dito timing. Instantane herkenbaarheid, het is weinigen gegeven. Alleen: nadrukkelijke jazz kwam er niet uit.

Tot nu. En ook weer niet. Dat zit zo. In 2008-2009 componeerden De Groote en bassist Ben Faes (Jokke Schreurs Trio, Orquesta Tanguedia) een livesoundtrack bij In Die Dagen, een hedendaagse versie van het Passieverhaal door muziektheater Compagnie Kaiet. De eigen composities, aanvankelijk doordesemd van klezmer, strekken zich met blazer Tom Callens en violist Stefan Wellens intussen uit tot over een gebied dat reikt van Samois tot Gdansk en Bratislava, met Syldavië, het wonderlijke Oostblokland uit de verhalen van Kuifje, als uitvalsbasis.

Liefhebbers van John Zorn en in het bijzonder diens gitarist Marc Ribot zijn hier aan het juiste adres. Het interessante is: de Tijgers (de naam is een vergissing van formaat, maar goed) zijn geen tribute band, laat staan een afkooksel, maar komen dankzij hun vergelijkbare invloeden tot een soortgelijke synthese. Oostenrijks-Hongaarse csardassen, klassieke harmonieën, de gipsyswing van Django Reinhardt, de tango van Oscar Piazzolla, en nadrukkelijke verwijzingen naar de Joodse traditie, ze zijn er allemaal. En ook hier – alweer een parallel met Ribot – de aandrang om elk zelotisme eerbiedig te torpederen. Luister naar het muzikale gegrinnik in Taxi! Taxi!, naar de overstuurde, in octaven gesplitte gitaaruithalen à la Jimi Hendrix’ Band of Gypsys op Ho Hara, en kus uw pollen.

Is het jazz? De klankkleur niet, de instelling wel. ‘Meezingbare Zorn’, zo noemt de band het. Misschien vat de nationale leuze van Syldavië, gebaseerd op Hergés Brusselse dialect, de intenties nog het beste samen: ‘ Eih bennek, eih blavek.’

TIJGERS VAN EUFRAAT, TIJGERS VAN EUFRAAT, EIGEN BEHEER, TE VINDEN IN DE BETERE PLATENZAAK.

Bart Cornand

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content