Twintig jaar na het meesterwerk “Dubbelspel” en zestien jaar na zijn laatste boek verscheen “De laatste vrijheid”, een nieuwe roman van Frank Martinus Arion. Een gesprek.

“DAN bel je me toch gewoon op. ” zegt Frank Martinus Arion als we hem vertellen dat we ooit drie uur in de luchthaven van Curaçao doorbrachten. Dat we elkaar toen nog niet kenden, lijkt niet van tel. Terwijl hij me omstandig het verschil tussen Cubaanse en Curaçaose zwarte vrouwen beschrijft, moet ik denken aan wat Gerard van Westerloo in Vrij Nederland schreef : “Uren met Frank Martinus doorgebracht, zijn van de aanstekelijke vrolijkheid die een vriend goed doet maar een journalist aan het dwalen brengt. “

In Willemstad, de hoofdstad van zijn geboorteland Curaçao, leidt Arion het Instituto Lingwistiko Antiano. Hij bestudeert er het Papiamentu, maar hij schreef zijn nieuw boek, “De laatste vrijheid”, in het Nederlands. De roman speelt zich af in Amber, een denkbeeldig Caribisch eiland, waar het stadje Constance ontruimd wordt omdat een vulkaan op uitbarsten staat. Waarom heeft de schrijver zolang gezwegen ?

– FRANK MARTINUS ARION : De omstandigheden. Tot 1979 verschenen mijn boeken met enige regelmaat. Toen ging ik naar Suriname om de revolutie mee te maken. Dat vond ik heel leuk, tot de kliek van Desi Bouterse zich kolonel begon te wanen, toen wou ik weer weg. Ik kreeg een baan in taalkunde op Curaçao aangeboden. Dat hield me weg van de literatuur. Ik had ook problemen met mijn publiek : ik schreef wel, maar ik wist niet waar mijn publiek zat. Omdat mijn uitgever aandrong, heb ik het boek afgemaakt waaraan ik in 1976 was begonnen.

Ik had toen geschreven over de zwavelmijnuitbarsting van 1976 in Guadeloupe. De oorspronkelijke sensatie. Als dat stuk verloren was gegaan, dan had ik het boek niet kunnen schrijven. Maar eigenlijk is het schrijven van een boek de aantrekkelijkheid van een idee, dat was dus een van de ideeën die de jaren overleefde.

– Het idee van een man die weigert te vluchten voor een dreigende vulkaanuitbarsting.

– ARION : Dat was het basisidee. Het fascineerde me en liet me niet los. Die gewone jongens die daar bleven. Hoe we er op een middag bij de stille zee zaten, je zag de vulkaan, de askleuren, ik dacht : straks vliegen we allemaal de lucht in. Om vijf uur zei ik dat ik wegging en zij bleven daar.

– Daryll bleef omdat hij er gelukkig was.

– ARION : Misschien bleven die jongens ook omdat ze er gelukkig waren. Het leven lijkt er ook op geluk : je vist gewoon je vis, je grijpt het voedsel om je heen, het is allemaal vrij. Ze hadden ook een soort dapperheid en koppigheid die je meer tegenkomt in dat gebied. Die provincie in Guadeloupe was heel militant vóór onafhankelijkheid. Er werd gezegd dat de plotselinge evacuatie bedoeld was om de stad voor altijd de status van hoofdstad te ontnemen. Het kan best dat ze niet wilden weggaan vanuit een zeker militantisme.

– Daryll is allerminst een macho, terwijl het machisme in de Cariben wijdverspreid is.

– ARION : Daryll is een hippie en de hippies keerden veel dingen op een grappige manier om. Hij parasiteert een beetje op zijn prachtige vrouw. Hij maakt dus ook op een bijna pooierachtige manier van haar misbruik. Er is een rechtstreekse manier van onderdrukken, maar er zijn ook andere manieren. De zijne is veel geestelijker. Daarom laat ze hem ook in de steek, ze beseft dat hij haar op een subtiele manier plundert. Ze gaat hem pas opnieuw bewonderen als hij durft in te gaan tegen de vulkaan, als hij opnieuw mannelijk, eigenlijk macho wordt. Misschien gaat het vooral om durven kiezen, staan voor iets, de moed hebben standvastig te zijn.

– U speelt een spel met mannelijke en vrouwelijke waarden. De vrouwelijke hoofdpersonen hebben, bijvoorbeeld, “mannelijke” ambitie.

– ARION : Het boek onderzoekt dat. In “Dubbelspel” beschreef ik een vrouw die een beetje voor haar tijd was. Ik moest mijn best doen om haar acceptabel te maken. Sindsdien is er bij onze vrouwen een ontzettende beweging geweest. Ze maakten zich los en wilden zelf hun ding doen. Dat geeft een interessante dialektiek. Je krijgt bij vrouwen de tragiek die ook vaak bij mannen voorkomt : dat je dingen moet opofferen, kinderen bijvoorbeeld. Of dat er in die ambitie ook eenzaamheid schuilt, en dat je niets bereikt als je die eenzaamheid niet onder ogen durft te zien.

– De blanke journaliste betreurt dat ze geen kind heeft, de zwarte vrouw verlaat man en kinderen om “haar ding te doen”.

– ARION : Ik kreeg opmerkingen dat ik weer zo’n man ben die vindt dat vrouwen kinderen moeten baren. Dat moet iedereen voor zichzelf uitmaken. Wat ik wil aantonen is dat er verschillende mogelijkheden zijn : een vrouw vindt een kind het allerbelangrijkste, een andere vrouw vindt iets anders belangrijk. Het leven is niet het een of het andere, maar een mengsel van mogelijkheden.

Ik denk dat de zwarte vrouw slimmer is. De blanke vrouw heeft een beetje teveel het vroegere patroon van de man overgenomen. Volgens mij had de vrouwenbeweging veel meer moeten eisen, niet alleen een baan maar ook ruimte om kinderen te krijgen. Zoals in Cuba, daar hebben ze een zwangerschapsverlof van negen maanden.

– U begint met een citaat van Ivan Illich dat waarschuwt tegen deskundigen, maar heel de roman lijkt een waarschuwing tegen de wetenschap.

– ARION : Naast de wetenschap moet er toch intuïtie blijven. We kregen al het bewijs dat we op allerlei manieren door de wetenschap om de tuin worden geleid. Eerst denken ze jarenlang dat het die kant uitgaat en dan krijgen we het tegenovergestelde te horen. Als je wetenschappers zomaar hun gang laat gaan, ontdek je plots vreemde dingen. Het gaat erom dat je de verantwoordelijkheid niet op anderen kunt leggen, je moet zelf altijd voldoende alert zijn om eigen keuzes te maken.

– Maar wie durft er te blijven als de wetenschappers een vulkaanuitbarsting voorspellen ?

– ARION : In Guadeloupe was er ook een bekende vulkanoloog, Radhid Tazil, die stelde dat men meer rekening moest houden met de mensen rond de vulkaan, liever dan opdracht te geven tot overhaaste evacuatie. Ook met de overstromingen in Nederland vorig jaar waren er mensen die niet wilden weggaan. Toen is de rivier uiteindelijk ook niet doorgebroken. Door een snelle ontruiming is de schade soms groter dan als je zolang mogelijk standhoudt.

– De verliefdheid van de blanke Joan op de zwarte Daryll wordt ook geduid als een soort verzet tegen haar racistische vader.

– ARION : Dat zijn motieven die je haalt bij vriendinnen en kennissen. Ik ken veel verhalen van vrouwen die daar ontzettend onder geleden hebben. Toen ik studeerde, was er een vader die mij verbood met zijn dochter om te gaan. Die verliefdheid is in zekere zin ook mijn verliefdheid op die zwarte man die daar bleef, mijn bewondering.

– “Negers zijn niet ambitieus”, zegt de vader. Manchi zei hetzelfde in “Dubbelspel”.

– ARION : (Lacht.) Ja, dat is een probleem van negers, ambitie, ze zijn niet ambitieus.

– Ze wachten zestien jaar met een nieuw boek ?

– ARION : Bijvoorbeeld (lacht), omdat de zon schijnt en zo. Het moet allemaal gezellig blijven. De drift om iets te betekenen is bij ons niet zo groot. De wil om in eenzaamheid te leven en een groot schrijver te zijn, heb ik niet. Ook niet de nijd van kollega-schrijvers om op elkaar te timmeren. Als je leeft om te overleven in de geschiedenis, werk je je dood. Dat kan niet als je aandacht hebt voor het plezier van het leven. Het vermogen om te zijn zoals de mensen bij ons op de hoek van de straat : ze zitten wat te kletsen, ze zijn graag met elkaar bezig. Maar ze werken slecht en drinken veel op zondagavond zodat ze te laat op het werk komen. Ze hebben niet dat doelgerichte, helaas of terecht.

De blanke Brouce krijgt dat ook door. Als ik ambitieuzer was, had ik hem zeker laten ontkomen. Dat was mijn oorspronkelijk plan, maar ik kon niet verder. Eigenlijk had ik moeten doorgaan. Het zou leuk zijn om Brouce te laten vechten voor zijn deel van het paradijs. Ik stel me voor dat hij op het eiland onder een boom gaat genieten van de vruchten, terwijl die gekke Daryll allerlei plannen ontwikkelt. Dat vind ik leuk : individuen die beslissen wat ze prettig vinden.

Ik ben bang van kulturen waarin mensen naar één mode toe gedreven worden. Daarom voel ik me ook goed op mijn eiland : er is geen denkmode, je doet waar je zin in hebt.

Maar ik ben ook ambitieus hoor. Ik heb een school opgericht, dat heeft me zeven jaar aan een plek gebonden. Ik kan voor een bepaald ding tot in het fanatieke doorgaan.

– Waarom schrijft u geen romans in het Papiamentu ?

– ARION : Ik zei vroeger dat ik het niet kon, omdat ik altijd in de Nederlandse traditie heb gewerkt. Ik denk nu dat ik het wel zou kunnen. Ik wil minstens een traditionele, historische roman in het Papiamentu schrijven. Over de opeenvolging van vrijheidsvechters en opstanden in het Caribisch gebied. Ik wil me meer richten op de behoeften van waar ik woon.

– Ook Daryll is nogal fanatiek in die taalkwestie.

– ARION : Ja, maar een beetje speels. Als onderwijzer wil hij geen les geven in het Nederlands aan Papiamentu-sprekende kinderen. Je had veel van die mensen : één iemand verscheurde de foto van de koningin, de schrijfster Astrid Roemer wilde Sinterklaas niet meer vieren.

Darylls vrouw heeft meer het ambitieuze. Zwarte vrouwen zijn veel ambitieuzer. Als je, bijvoorbeeld, een Dominicaanse vriendin hebt, komt er een moment dat ze zegt : zullen we niet op dit hoekje een kleine zaak beginnen ? Ze willen altijd iets ondernemen, iets verkopen. Bij ons hebben alle vrouwen wel een boetiek, een snackje.

– Die ondernemingszin gaat in het boek wel erg ver : ze nodigt twee mannen uit om met zijn drieën de liefde te bedrijven.

– ARION : Ja, maar in de sekskwestie is de zwarte vrouw heel gereserveerd. Die grens hebben ze nog niet overschreden. Het is een schaamtekultuur.

– Het leek me het cliché te bevestigen van de zwarte, Caribische vrouw die seks wil ?

– ARION : Is dat zo ? Ik denk van niet, de zwarte man wil seks, de zwarte vrouw wil een zaak. Het is een cliché dat mogelijk bij blanke mannen heerst, maar voor ons is de zwarte vrouw een beetje een moeilijke vrouw om iets mee te krijgen. Ze is heel gereserveerd en terughoudend. Een cliché uit mijn studententijd was dat de zwarte man lijkt op de blanke vrouw en de zwarte vrouw op de koele, Hollandse man. Als buitenlandse mannen bij ons komen, vinden ze dat de vrouwen godverdomme moeilijk doen, terwijl op Santo Domingo of Cuba vrijblijvende seks geen probleem is. Bij ons kan dat niet. Het gebeurt wel, maar heel afgemeten.

– De mannen in “Dubbelspel” lullen wel voortdurend over vrouwen en seks.

– ARION : Juist, mannen zijn daar zeker driekwart van hun leven mee bezig, waardoor het ook dwars door politiek en andere bezigheden loopt. Altijd proberen die moeilijke vrouwen te versieren, verschrikkelijk. Ik weet dat sommige gedeputeerden het in hun kantoor doen. “Wil je een baan ? Ga liggen, heb je een baan. “

Na “Dubbelspel” belde een mevrouw me op : “Je gebruikt seks om veel te verkopen, ” zei ze. Ik antwoordde : “Mevrouw, als ik niet zo’n bekrompen, burgerlijke man was, had je gelezen hoe het er werkelijk aan toe gaat. ” Maar ik kan het niet, ik hou mijn personages tegen. Het is erg gereserveerd, al denk ik dat mijn zus zich doodschrikt als ze het leest.

– Net zoals u trok ook Daryll naar Suriname met de onafhankelijkheid.

– ARION : In die tijd gingen ontzettend veel mensen naar Suriname : romantici, alternatieve architekten, onderwijzers, studenten, hippies. Iedereen kwam er, het was een soort Woodstock. Je had de revolutie zelf niet gedaan maar je steunde ze. De ene al meer dan de andere. Veel mensen kwamen enkel voor de sfeer van de omwenteling : we moeten dit meemaken, meelopen in de drukte.

En die drukte was wel gezellig. Als het moeilijk begon te worden, monsterden die mensen ook als eerste weer af. Dat hebben we ook in Suriname gezien, de leegloop van de revolutionairen. Politieke avonturiers werden mijn vrouw en ik ooit genoemd door iemand die het met ons niet eens was. Mijn vrouw is Surinaamse, maar ik ging er omdat ik gefrustreerd was dat mijn eigen land niet onafhankelijk werd, ik wou Surinamer worden. Ik had er een baan : onderwijsprogramma’s maken.

– U bent niet ontgoocheld ?

– ARION : In zekere zin ben ik teleurgesteld door jongens die er een pretje van maakten. Ik ken er die helemaal omgedraaid zijn. De onderwijzer in Curaçao die ooit de foto van de koningin verscheurde en daarmee bekend werd, richtte voor het referendum in 1993 nota bene een partij op voor aansluiting bij Nederland. Eigenlijk wil hij gewoon aan de macht komen, omdat hij sinds de jaren zestig met zijn hippiegedoe niets bereikt heeft. Nu is hij in de vijftig en cynisch.

Een andere is een tijdlang zwaar aan de drugs geweest en ging in de Voodoo, allerlei gekke dingen omdat hij ze niet allemaal meer op een rij had. Je moet dat soort jongens in de gaten houden. Want als ze niet veranderen, worden ze politici en doen ze in twee dagen de ergste dingen, veel erger dan de oude politici. Ze hadden niet de bedoeling om door te zetten, ze wilden opvallen, aan bod komen. Dat maakt me des duivels. Als ik iets doe, ben ik ontzettend konsistent, soms op het humorloze af.

– U ging ook in de politiek, maar stapte er vlug weer uit.

– ARION : Ik ben uit de politiek gestapt omdat ik zag dat de meeste mensen het alleen maar voor zichzelf doen. Ik lees nu Aristoteles en Plato, zij hadden al lang door waarom de beste mensen niet in de politiek gaan. Het lijkt natuurlijk voor het volk, maar bijna altijd is het voor henzelf. Het is heel moeilijk om het anders te doen.

– Vroeger stelde u dat schoonheid in de literatuur niet voldoende was.

– ARION : Dat vind ik nog. Maar ik geloof ook dat schoonheid iemand kan raken. Een vriend uit St. Maarten wil niet meer van het eiland weg. Hij woonde in de States waar zijn flatgenoten elkaar niet groetten, daar ging hij dood van. Ook mijn vrouw wordt gek in Amsterdam van mensen die elkaar niet begroeten in de lift. De uitstraling van je natuurlijke omgeving heeft ontzettend veel invloed. Ik woonde ooit in Amsterdam-Noord en werd er ziek. Depressie heet het, maar ik noem het verveling. Dat had met de omgeving te maken. Ik was me daar vroeger niet zo bewust van. Als ik nu opsta, ga ik gauw kijken naar mijn planten en bloemen. Ik heb door dat die gekke planten niet groeien als ik ze niet verzorg. Bloemen zijn belangrijk, zoals vrienden.

Johan Vandenbroucke

Frank Martinus Arion, “De laatste vrijheid”, De Bezige Bij, Amsterdam, 314 blz., 790 fr.

Frank Martinus Arion : “Als ik iets doe, ben ik ontzettend konsistent, soms op het humorloze af. “

“De wil om me in eenzaamheid af te zonderen om een groot schrijver te worden, heb ik niet. “

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content