Ilayda ‘Ila’ Cicek – zangeres, gitariste en 1m59 natuurkracht – dacht ooit aan stoppen. Maar sinds ze dit voorjaar De Nieuwe Lichting won – tweemaal, om correct te zijn – staat er geen maat meer op. ‘Ik dacht nochtans dat we geen kans maakten, omdat rock nu eenmaal iets voor mannen was. Vier kerels die de boel een beetje flegmatiek afbreken, nee?’

Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

‘Een labelbaas mailde me een jaar geleden dat mijn persfoto’s niet sexy genoeg waren. Ik zag er volgens die gast uit als “een negentigjarige, terminale vrouw”.’

‘Nog eens?’

‘Hoe haal je het zelfs in je botte kop om zoiets te schrijven? Eén: mijn muziek is níét sexy. Twee: de enigen die mij een negentigjarige terminale vrouw mogen noemen, zijn mijn bandleden wanneer ik me na een show compleet kapot van het podium sleep.’

Het is niet zozeer woede die vanop het terras van Ilayda Ciceks appartement, driehoog in een fraai Antwerps herenhuis, weergalmt tegen de muren van de verlaten speelplaats van de achterliggende kleuterschool. Vandaag toch niet meer. Eerder een mix van milde verontwaardiging met een stevige geut revanchisme. Het is hooguit nog een voorbeeld waarmee ze probeert te illustreren hoe ze met Ila vijf lange jaren aan de met labelhufters en teleurstelling bezaaide weg heeft getimmerd. Eerst twee jaar solo, daarna samen met drummer Cas Kinnaer en bassist en gitarist Sam Smeets. Kortweg, ‘de jongens’. Tot Ila zich dit voorjaar, alsof ze achternagezeten werd door een jonge PJ Harvey, met het rauwe Leave Me Dry naar een podiumplek tierde in De Nieuwe Lichting. Een dubbele podiumplek, want vijf minuten eerder werd ook Bluai, de girlband rond Cat Smet met Cicek als gitariste, uitgeroepen tot laureaat. ‘Oké, dit was het dan, dacht ik. Ze gaan me nooit tweemaal laten winnen. Maar kijk, dit nemen ze me toch nooit meer af.’ Even later won Bluai ook nog Humo’s Rock Rally, zij het zonder Cicek op gitaar. ‘Na de voorrondes moest ik afhaken. Het werd allemaal wat te veel en ik weet dat ik mezelf niet mag forceren. Mijn fysieke grenzen liggen gewoon lager dan die van anderen: ik crash sneller. En met Ila was mijn festivalzomer sowieso stevig gevuld. Het is eigenlijk grappig: je wint De Nieuwe Lichting en plots komen alle festivals die jij drie jaar geleden nog smeekte om een plekje zelf aankloppen. Van Rock Werchter tot de Lokerse Feesten. Terwijl er bijzonder weinig aan onze set is veranderd. We zijn beter gerodeerd, maar we spelen gewoon dezelfde nummers. (droog) Ik hoop dat ik ze met elk optreden deze zomer een beetje meer spijt kan laten voelen dat ze ons geen drie jaar eerder geboekt hebben.’

Ik kon vrij rimpelloos uit de kast komen. “Zelfs al trouw je met een walvis, wat maakt mij dat uit”, zei mijn vader.

En dan te bedenken dat jij eigenlijk geen zin had om deel te nemen aan De Nieuwe Lichting.

Ilayda Cicek: Ik schreef me uiteindelijk een paar uur voor de deadline in, omdat de jongens maar bleven aandringen. (denkt na) Ik dacht dat we toch geen kans maakten, omdat rock nu eenmaal iets voor mannen was. Vier kerels die de boel een beetje flegmatiek afbreken, nee? Bovendien hadden we in 2020 al een nummer ingezonden waar nooit iets mee gebeurd was. En ik had stilaan mijn buik vol van de afwijzingen.

Er ooit aan gedacht om de gitaar over de haag te gooien?

Cicek: Ik mocht niet van mijn papa. (lacht) Ik heb hem moeten beloven dat ik nooit zou stoppen met muziek maken. Maar tussen Montage en Felt, onze eerste en tweede ep, was er een moment dat ik er klaar mee was. Leave Me Dry werd enkel opgepikt door Radio Willy, het leek erop dat we nog een derde ep zouden moeten maken in de hoop dat die wel opgepikt zou worden, en ik vroeg me af waarom ik het nog deed. Samen met mijn uitgebreide familie trouwens, waarvan sommigen toen waarschijnlijk nog dachten dat ik covers bracht op Turkse trouwfeesten. (lacht) Op den duur kreeg ik de investering en de gemiste trouwfeesten steeds moeilijker uitgelegd. Tot we De Nieuwe Lichting wonnen, ze me in de krant zagen of een festivalshow van ons bijwoonden.

* * *

Vanavond speelt Cicek op Absolutely Free Festival in Genk. Een soort van thuismatch voor de naar Antwerpen uitgeweken Peerse. ‘Ik herinner me nog hoe daar in 2018 welgeteld acht man voor mijn podium stond. Waarvan zes familieleden. (lacht) Ik hoop dat het er nu minstens negen zijn. Dan maken we alvast vooruitgang.’ 2022 is haar eerste volwaardige festivalzomer. ‘Vorig jaar, met al die coronaproof shows aan tafeltjes, voelden we ons een beetje als een mariachiband ergens achteraan in een restaurant, maar het heeft ons wel wat extra podiumuren opgeleverd.’ Ila mocht op donderdag ook The Slope van Rock Werchter openen. ‘Je zou denken dat dat een ondankbaar plekje was. Maar niet dus. (lacht) We hoopten zelf op 150 man. Volgens de telling van Werchter werden het er 5000. Ik wist niet wat er gebeurde. Voorlopig blijft dat toch een van mijn favoriete momenten van deze festivalzomer. Dat, en Blues Peer in mijn hometown. Ook daar stond de tent vol.’

Hoe kijk je terug op je jaren in Peer? Traditioneel kunnen artiesten die opgegroeid zijn in een negorij…

Cicek: Niet snel genoeg wegvluchten? Snap ik. Alle begrip voor de vrienden en familie die er nog steeds wonen, maar ik moest er weg. Ik zat er vast op creatief vlak én ik werd er vreemd bekeken omdat ik een van de drie gekleurde kinderen op de hele school was. En het hielp waarschijnlijk ook niet dat ik wekelijks te horen kreeg dat ik ‘een van de goeie en niet zoals de anderen’ was. Oké, maar mijn familie hoorde dan wel bij ‘de anderen’, dus wat moest ik daarvan maken? (denkt na) Ik had mijn vrienden, maar onze interesses liepen behoorlijk uiteen. Zij gingen graag op stap, terwijl ik die ene keer dat ik naar een schuimfuif ging een uur later mijn vader heb gebeld om te vragen of hij mij wilde komen halen. (lacht) Ik zat als vijftienjarige nog het liefst in mijn zetel, samen met mijn mama, documentaires te kijken op Canvas. Of muziek te schrijven op mijn kamertje in mijn eentje.

Op mijn negende schreef ik een nummer over de paashaas. Maar ook dat was al zwartgallig.

Schuimfuiven, tot daaraan toe. Maar je ging wel naar optredens en festivals?

Cicek: Op mijn negende mocht ik met mijn tante naar Sean Paul op Couleur Café. En op mijn zestiende kwam ik voor Bring Me the Horizon voor het eerst in een concertzaal, de Ancienne Belgique. Ik heb ondertussen al meer op dan voor een podium gestaan. Ik lust geen alcohol, word liever niet vies en kan niet slapen in een tentje. Dus ik had niks te zoeken op festivals. Als ik toch naar Pukkelpop wilde, belde ik mijn vader achteraf wel om mij op te halen. Die woonde tegen die tijd toch in Hasselt.

Jouw ouders zijn uit elkaar?

Cicek: (knikt) Sinds mijn negentiende. Het was achteraf bekeken beter voor hen beiden, al was het toen even lastig. Scheiden ligt ook nog steeds gevoelig in de Turkse gemeenschap. Niet voor de man – die mag een week later gerust hertrouwen – maar als vrouw is de kans groot dat ze je als je tien jaar later iemand anders leert kennen nog altijd een hoer noemen. Sorry voor mijn taal, maar dat is nu eenmaal wat er gezegd wordt. Gelukkig is onze familie vrij progressief.

Je blaast inderdaad regelmatig de loftrompet voor jouw familie en hun ruimdenkendheid. Dat hun dochter op vrouwen viel was bijvoorbeeld nooit een issue.

Cicek: Ik kon op mijn zestiende vrij rimpelloos uit de kast komen. Ondanks dat mijn vader pas op zijn 26e Turkije verliet, is hij heel ruimdenkend. Hij groeide op in Iskenderun, een vrij moderne havenstad op anderhalf uur rijden van de Syrische grens, had een mooie jeugd en fijne vrienden, en hij heeft nooit het gevoel gehad dat hij iemand moest uitsluiten, labelen of als minderwaardig bestempelen omdat hij het zelf slecht had. ‘Zelfs al trouw je met een walvis, wat maakt mij dat uit’, zei hij. (lacht) Mijn moeder, die opgroeide met elf zussen en broers en in Turkije nooit echt ruimte voor zelfontplooiing heeft gehad, had het even iets moeilijker met dat nieuws. Al was de boodschap altijd: we houden van jou, je bent onze enige dochter en we willen jou niet kwijt. Ik had allerlei rampscenario’s in mijn hoofd, maar achteraf bekeken had het niet beter kunnen verlopen.

Ik heb ook andere verhalen gehoord in mijn vriendenkring. Dingen die ik niet had aangekund. Ik ben mijn ouders echt dankbaar voor hun steun. ‘Je bent een soort woordvoerder nu’, zegt mijn vader. ‘Probeer dat met trots te dragen. Je hoeft niet te verbergen wie je bent.’ Je kan je niet inbeelden hoe ontroerend het is om dat te horen van een 56-jarige man die zijn halve leven in Turkije heeft gewoond.

Het woord ‘woordvoerder’ kwam er zeer aarzelend uit. Je trok je neus zelfs een beetje op.

Cicek: Viel dat op? (lacht) Ik snap dat we een ander traject lopen dan hetero’s, en altijd uit de kast moeten blijven komen, maar ik wil geen klemtoon leggen op de ‘verschillen’. Ik wil een brug slaan, geen slotgracht graven tussen hetero’s en lgbtq+-personen. Laat ons nu toch gewoon allemaal in vrede samenleven.

Geen zin om op de volgende Pride op te treden? Kids with Buns bedacht zich hier eerder dit jaar hoe dat het hoogtepunt van hun jaar was.

Cicek: Ik zou graag op de Pride optreden, maar geef toe, echt vrolijke feestmuziek maak ik nu ook niet, hè. (lacht) Ik speel bovendien nog het liefst in donkere, vieze clubs waar 200 man dicht bij elkaar staat te zweten.

Heb je ooit een vrolijk nummer proberen te schrijven?

Cicek: (denkt na) Op mijn negende schreef ik een nummer over de paashaas.

Dan toch.

Cicek: Maar ook dat was al redelijk zwartgallig. Want ik was stout geweest waardoor de paashaas ons huis volgens mijn moeder dat jaar over zou slaan. (grinnikt) Mijn vriendin las onlangs het Diddl-dagboek dat ik op mijn achtste bijhield en ze schrok ervan hoe donker en misantroop ik toen al was.

Op sommige songs – zoals In Vain – verwerk je ook wat Turkse invloeden. Wil je daar verder in gaan?

Cicek: Die sluipen er gewoon in, zonder dat daar een bewust plan achter zit. Ik luister heel vaak Turkse muziek, en soms komt dat eruit in een zang- of gitaarlijn. Zoals ook in Eternity of F.O.Y.

Kristina, haar vriendin, vanuit de woonkamer: De hele familie hoopt wel dat ze ooit een nummer in het Turks schrijft, om daar ook door te breken.

Wil je doorbreken in Turkije?

Cicek: Ik wil zeer graag in Turkije optreden, ja.

Wil Turkije dat ook?

Cicek: Dat blijft nog maar de vraag. (lachje) Al zie ik daar toch veel Belgische artiesten shows uitverkopen, van Oscar and the Wolf tot Tamino.

Tamino vroeg zich in deze reeks ooit luidop af of hij zijn oorringen niet beter uit deed wanneer hij in het relatief conservatieve Egypte ging spelen. ‘Want ik wil geen eenmansrevolutie ontketenen.’

Cicek: Snap ik. Als ik ooit wil doorbreken in Turkije, benadruk ik mijn geaardheid beter niet. De Pride in Istanbul wordt steevast met waterkanonnen uiteengedreven. We waren het eerste Aziatische land waar de Pride georganiseerd kon worden, maar sinds die hufter aan de macht is, zijn we weer bij af. Als ik daar ooit een carrière wil uitbouwen, moet het dus louter om de muziek draaien. Want ik wil ook geen eenmansrevolutie ontketenen. Als ik een verschil kan maken, is dat mooi meegenomen, maar ik ben geen activiste. Ik maak muziek omdat ik het nodig heb, en omdat ik me geen leven zonder muziek kan voorstellen.

* * *

‘Ik heb achteraf gezien echt medelijden met mijn ouders. De metalcore die ik hen vroeger in de auto heb doen beluisteren…’

‘Sorry, maar: pannenkoekenpauze?’

Het gezicht van Kristina, de Russische vriendin van Cicek, staart ons vanachter een dampende stapel pannenkoeken vragend aan. ‘Je moet gasten eten geven. Zo ben ik opgevoed.’

Pannenkoekenpauze dus.

‘Maar waar was ik ook alweer? Metalcore, juist. Mijn muzieksmaak is altijd al nogal gitzwart geweest…’

‘Heb je hem al verteld over jouw Beyoncé-obsessie, Ilayda?’

‘Gitzwart. Op Beyoncé na dan. (lacht) Sinds Renaissance ben ik verslaafd. Ze heeft echt een kunstwerkje afgeleverd.’

De twee leerden elkaar kennen via Tinder. ‘Laat ons zeggen dat ik niet op zoek was naar een relatie’, aldus Cicek. ‘In tegendeel. Ik had het gehad met relaties en was klaar om jaren single te blijven. Maar toen kwam zij voorbij. En nu heb ik pannenkoeken als ontbijt.’

‘Ze meent het, hoor’, zegt Kristina. ‘Je moet maar naar haar muziek luisteren: zo veel heartbreak.’

‘You were a waste of time, a waste of touch / You were a waste of every teardrop’, klinkt het bijvoorbeeld op Live to Love, jullie nieuwste single.

Cicek: Ik schreef Live to Love na mijn eerste grote heartbreak op mijn negentiende. Ik speelde het ook regelmatig solo, maar het zat nooit helemaal juist. Pas toen we vorig jaar de studio indoken met Michael Badger-Taweel (producer van onder meer Sons en King Gizzard & The Lizard Wizard, nvdr.) heb ik die oude versie gecombineerd met mijn tweede grote heartbreak van vorig jaar. Tot een soort vulkaanuitbarsting van hartenpijn. (grinnikt) Live to love was altijd mijn mantra geweest – ik was een romanticus in hart en nieren – maar soms maak je iets mee dat je niet langer doet geloven in je eigen mantra. Soms ben je ervan overtuigd dat alle mensen shit zijn. Smerig. Onattent. Egoïstisch. En ik wilde ook zo worden. Want waarom zou ik wél moeite doen, als de rest van de wereld het niet doet?

Ik snap de reflex. Al betwijfel ik of het de juiste reflex is.

Cicek: Je klinkt al net als mijn psycholoog.

Delf je voor je nieuwe songs nog altijd uit dat Diddl-dagboek?

Cicek: Zeker. Maar minder letterlijk dan vroeger. Ik hoop dat ik het tegenwoordig iets poëtischer aanpak. Ik hoef mijn boosheid niet meer in elke song te duwen. Vroeger was schrijven mijn therapie. Vandaag is dat losgaan op een podium.

ILA

Speelt deze zomer nog onder meer op Deep in the Woods (10/9) en in de AB (30/9).

Stijn Vanhoegaerden

Gitarist bij Brutus

‘Ila speelde in november nog in ons voorprogramma in de AB, maar we kennen Ilayda’s muziek al veel langer. Sinds Montage, denk ik, haar eerste ep. Als een van ons iets ziet opborrelen in de Belgische scene, sturen we dat vrij snel naar elkaar door en Ila vonden we meteen alle drie goed.

‘Haar muziek heeft iets heel moody en bezwerends. Ik weet dat ze regelmatig met een jonge PJ Harvey vergeleken wordt, en dat waarschijnlijk nog jaren zal moeten horen, maar ik hoor tegelijk ook heel donkere americana-invloeden. En hier en daar een zweem Turkse muziek. Die mengvormen maken het alleen maar interessanter.

‘Ik was ook onder de indruk van haar podiumprésence. Ze staat er, zelfs in de kalmere nummers, als een volwaardige frontvrouw met veel flair, een punkattitude en een energie die ik louter op basis van haar nummers misschien niet van haar had verwacht. Ons publiek leek dat ook te kunnen smaken. Vrij zeker dat ze die avond behoorlijk wat zieltjes gewonnen heeft.’

Ilayda Cicek

Geboren in 1990 in Genk.

Bekend van haar band Ila, waarmee ze dit voorjaar ook De Nieuwe Lichting won. Als toenmalige gitariste van Bluai won ze zelfs tweemaal in hetzelfde jaar.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content