Een trip door de foute kant van Antwerpen in een getunede Lexus met Dimitri Vegas in de hoofdrol, featuring Frank Lammers met een Hitlersnor en Tom Vermeir die met een auto copuleert. H4Z4RD, de nieuwe film van Jonas Govaerts, is, euh, een keer iets anders.

Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Het moet een van de minder verwachte paren uit de recente Vlaamse filmgeschiedenis zijn: Jonas Govaerts en Dimitri ‘Vegas’ Thivaios. De eerste is de regisseur van Welp, de eerste Vlaamse horrorfilm op een scoutskamp, en een groot liefhebber van alles wat cult is. De tweede is de helft van Dimitri Vegas & Like Mike, ’s lands grootste commerciële dj-duo van de voorbije tien jaar. Dus ja, bien étonnés.

Had ook niemand zien aankomen: een huis-closfilm met ninetiesjohnny’s. Hazard is één dag uit het leven van Noah Hazard (Dimitri Vegas), tranceliefhebber en eigenaar van een lelijk getunede Lexus met nummerplaat H4Z4RD, waarbij de camera nooit zijn auto verlaat. ’s Morgens begint hij de dag met een sterretje in zijn voorruit. Tegen de avond is dat het minste van zijn problemen. Wanneer hij bij een mislukte overval chauffeur speelt voor zijn criminele neef Carlos (Jeroen Perceval), ontspoort namelijk het een en ander. Zonder té veel te spoilen: hun ritje door Antwerpen omvat onder meer Frank Lammers met een Hitlersnor, Tom Vermeir die seks heeft met de auto en een achtervolging op een iconische plek waar doorgaans geen auto’s komen. En dat alles op een bonkende soundtrack met onder meer Darudes Sandstorm, Tiësto’s Adagio for Strings, 9Pm (Till I Come) en een onverwachte remix van Daar gaat ze.

Tom Vermeir is er in die seksscène met de Lexus echt wel voor gegaan. Hij heeft dingen geïmproviseerd met de ruitenwissers die niet in het script stonden.

Wanneer de trip erop zit, laat Hazard de kijker dan ook ietwat gedesoriënteerd achter. Het is níét het verwachte vanity project van een wereldvermaarde dj die wil laten zien dat hij ook kan acteren. Het is ook níét een lowbudgetnichefilm, enkel bedoeld voor mensen die de zes delen van George A. Romero’s Night of the Living Dead in chronologische volgorde kunnen opnoemen. Wat Hazard dan wel is, is moeilijk te zeggen, maar het is het meeste pure plezier dat een Vlaamse film heeft uitgestraald sinds Patser.

De eerste vraag die ik me stelde toen ik de trailer zag: hoe is Hazard ontstaan?

Jonas Govaerts: De eerste aanzet kwam van Trent Haaga, een scenarist uit de Troma-scene – New Yorkse horror met een punkinslag. James Gunn, de regisseur van Guardians of the Galaxy, is zowat zijn grote broer, figuurlijk dan. Vijftien jaar geleden had Trent Deadgirl geschreven, een MeToo-zombiefilm die ik heel goed vond. Sindsdien waren we aan het praten over een mogelijke samenwerking.

In de zomer van 2020 leek die er ook te gaan komen, tot corona alles stillegde. ‘Heb je toevallig niks kleins liggen dat ik tussendoor al kan draaien?’ stuurde ik hem op Facebook. Waarna hij me de eerste versie van een script mailde. Bij de eerste zin was ik al verkocht: ‘De camera verlaat nooit de auto.’

Heb je iets met auto’s?

Govaerts: Nee. Ik heb zelfs geen auto: ik rij rond met Poppy-deelauto’s. Het was puur het cinematografische potentieel dat me aansprak. Dat claustrofobische leek me een interessant uitgangspunt. Een van mijn lievelingsfilms is Duel, het debuut van Steven Spielberg, waarin een man in een auto de hele film lang geterroriseerd wordt door een truck die achter hem rijdt.

Met Trents goedkeuring hebben Stef Lernous (artistiek leider van theatergroep Abattoir Fermé, nvdr.) en ik het scenario onder handen genomen. Het originele script speelde zich af in de gangsterscene van Los Angeles en draaide om een stel chollo’s. Dat hebben we verplaatst naar een milieu dat ik wél ken: Antwerpse johnny’s die in de jaren negentig zijn blijven steken. Wat meteen ook een goed excuus was om iets met mijn stad te doen.

En met Dimitri Vegas, blijkbaar.

Govaerts: Dat is de ándere kant van het verhaal. Ik was al een tijdje met Dimitri aan het nadenken over een mogelijke samenwerking. ‘Is dit misschien iets?’ vroeg ik hem. Hij zag het meteen zitten.

Eigenlijk was het een win-win voor ons allebei. Dimitri zocht al even een ingang in de filmwereld. Voor mij was het dan weer interessant omdat hij een merk op zich is. Met een scenario als dit krijg je moeilijk steun van het VAF en er zijn heel weinig sterren in ons land die zo groot zijn dat ze een volledig project kunnen dragen. Samenwerken met Dimitri verhoogde de kansen aanzienlijk dat de film er ook daadwerkelijk zou komen. Al bleef Hazard een enorm risico, zowel voor productiehuis Potemkino als voor Dimitri.

Ik wist niet dat jullie elkaar kenden.

Govaerts: Een paar jaar geleden is hij me beginnen te volgen op Instagram. Af en toe stuurde hij een berichtje. We zijn dan eens sushi gaan eten om het over cinema te hebben. Hij bleek een groot filmliefhebber te zijn, vooral van horror en genrecinema dan. Hij kent er ook echt iets van. We hebben het lang over de kwaliteiten van Creepshow van George A. Romero gehad en over hoe onderschat het vroege oeuvre van Jean-Claude Van Damme is. Over muziek hebben we minder gepraat. Ik denk dat we daar qua smaak net iets meer verschillen. (lacht)

Er zit ook een niet zo subtiele diss in de film wanneer Carlos voor het eerst in de auto stapt en meteen vraagt om ‘die johnnymuziek’ af te zetten.

Govaerts: Dat was een suggestie van mij, ja. (lacht)

In de docureeks Dimitri Vegas & Like Mike had hij het al over zijn ambitie om te gaan acteren. Hij meende dat dus?

Govaerts: Zeker. Het is ook zoals hij in de documentaire zegt: film was zijn eerste passie, de dj-wereld is iets waar hij per ongeluk in gerold is. Hij staat er op een schone manier in. Hij is niet bang om helemaal onderaan de ladder te beginnen.

Ik denk ook niet dat ik al heb samengewerkt met een acteur die beter voorbereid op de set stond. Hij had zich op eigen houtje laten coachen door Matteo Simoni en Pieter Embrechts, die hem de rare scènes die Stef en ik hadden geschreven hielpen voor te bereiden. Op de set stond hij ook vaak met de andere acteurs te praten over welke technieken zij gebruikten. Hij ging er niet van uit dat dit zomaar zou lukken.

Hazard ziet er wel uit alsof jullie heel, heel veel plezier hebben gehad tijdens de opnames.

Govaerts: Ik ben blij dat het er zo uitziet.

Hoezo?

Govaerts:Technisch gesproken was dit niet de evidentste film om te draaien. Het ziet er misschien uit alsof ik met twee acteurs door Antwerpen heb gereden, maar de realiteit was net iets anders. Om te beginnen was er dat huis-closgegeven: de camera mocht de auto niet verlaten. Dat betekende dat elk shot op voorhand uitgedacht moest worden. Er was geen ruimte om op de set te improviseren. Aangezien Dimitri relatief groen was als acteur, lag ik tijdens de helft van de scènes buiten beeld achter de zetels of in de koffer mee te kijken op de monitor en aanwijzingen te geven. Op een bepaald moment ligt er een gelobotomiseerde gangster op de achterbank: dat was ik, onder het bloed, in de kleren van de acteur.

Er was ook niet maar één auto: we hebben er vier laten maken. Je had één Lexus die bedoeld was voor close-ups en die we na elke cut weer moesten oplappen, onze zogenaamde hero car. Hoe langer de opnames duurden, hoe meer hij uiteenviel. De actiescènes werden dan weer gedraaid in een wagen met een soort kooi op, waarin de eigenlijke chauffeur zat, een Duitse stuntman die Lutz heette en net van de set van de laatste James Bond kwam.

En dan waren er de puur praktische verwikkelingen die je krijgt als je een volledige film in een stad als Antwerpen wilt draaien. Op elke locatie dook er wel een of ander onverwacht probleem op. Om één voorbeeld te geven: terwijl we ons klaarmaakten om aan de kaaien te draaien, kwamen er plots twee grote trucks de set op gereden. Het was Pride ’s anderendaags en ze kwamen een podium bouwen. Gelukkig heeft onze location manager hen zo ver gekregen om, in ruil voor een paar pinten in het café om de hoek, alles een dag uit te stellen. Daarom: ik ben héél blij te horen dat de illusie werkt. (lacht)

Hoe hebben jullie Lexus zo ver gekregen om mee te werken? De meeste automerken laten zelfs niet toe dat er een kras in beeld komt.

Govaerts: Ik ken zelf niks van auto’s, dus Peter De Maegd van Potemkino, het productiehuis, heeft dat geregeld. Blijkbaar doet Lexus de zaken graag anders dan andere automerken. Ze waren ook mee met het scenario. Ze snapten dat we niet op zoek waren naar een gloednieuw model, maar dat het script vroeg om een wagen die al een stevig parcours had afgelegd, ook qua look. Bewust: er is een Facebook-pagina met foto’s van mislukte tunings die een grote inspiratie is geweest. Héél nieuwe wereld voor mij.

En vervolgens hebben we de auto de hele film lang beschoten en in de prak gereden. Ik weet nog dat op het einde van de opnames iemand van de crew opmerkte dat de auto niet meer startte. ‘Gaat dat een probleem zijn voor de sponsor?’ Het antwoord van Peter was: ‘Na álles wat we ondertussen met die auto gedaan hebben, denk ik niet dat ze daar nog over gaan vallen.’ Lexus gaat er prat op onverwoestbare wagens te maken: onze shoot is daar het levende bewijs van. (lacht)

Heeft de stad Antwerpen, een van de andere sponsors, de film al gezien?

Govaerts: Nee. Ze hebben het scenario gelezen en waren akkoord. Wat me een beetje verbaasde: Hazard is niet meteen een ritje langs de toeristische trekpleisters van Antwerpen. Ik wandel zelf heel vaak door de stad: als je over een muur of achter een hoek kijkt, kom je al snel rare stukjes Antwerpen tegen. Onbestemde plekken aan het Galgenweel. Braakliggende terreinen in de Diamantwijk waar je een western zou kunnen draaien. Dat is ook het Antwerpen geworden dat je in de film ziet.

Amsterdamned, een film van Dick Maas, de koning van de Nederlandse horror van de jaren tachtig, was op dat vlak een groot voorbeeld. De meeste steden krijgen een soort romcombenadering als ze in een film opduiken. Maar hij dacht: nee, ik ga een film maken over speedboten die door de Amsterdamse grachten racen terwijl er een serial killer in het water zit. Ik vond het een heel aantrekkelijk idee om een stad te laten zien zoals je die níét kent. Een oneerbiedig portret.

We moeten het ook over die ene scène hebben.

Govaerts: Tom Vermeir die seks heeft met de auto?

Die, ja. Was dat een knipoog naar Titane, waarin het hoofdpersonage de liefde bedrijft met een hydraulische Cadillac?

Govaerts: Verrassend genoeg niet. Titane was een van mijn lievelingsfilms van het voorbije jaar, maar hij kwam pas uit toen Hazard al was opgenomen.

Het is puur toeval dat er twee films in één jaar tijd verschijnen waarin mensen seks hebben met een auto?

Govaerts: Blijkbaar waren we niet de enigen, nee. In het oorspronkelijke scenario zag die scène er heel anders uit. Er kwam wel seks aan te pas, maar niet op een manier die ik filmisch interessant vond. Dus zijn we beginnen te denken wat voor seksscène we wél wilden draaien. En als je dan met Stef Lernous samenwerkt, kom je op dit soort terrein uit.

Het is ook niet zo vergezocht als je op het eerste gezicht zou denken. We hebben research gedaan naar mechanofilie, wat een echt bestaande fetisj is. Op zich houdt dat ook wel steek, ergens. Auto’s worden ontworpen om begeerlijke vormen te hebben. Elke autoreclame laat de camera over het chassis glijden alsof het een erotisch object is. Crash van David Cronenberg bouwde al voort op dat idee. Titane en Hazard doen dat ook.

Of ik iets wil vertellen met Hazard? De dieper liggende betekenis, bedoel je? (lacht)

Ik moet wel zeggen dat het een bijzondere draaidag was. Tom Vermeir was één dag op set, waarbij hij scène na scène seks moest hebben met de Lexus. Hij is er echt wel voor gegaan. Hij had het scenario gelezen, dus hij wist waar hij aan toe was, maar hij heeft dingen geïmproviseerd met de ruitenwissers die niet in het script stonden. (lacht) En wat het helemaal deed werken, was het nummer dat we erop gemonteerd hebben: 9PM (Till I Come), een Duitse trancehit uit de jaren negentig. Een idee van Dimitri. Op dat vlak hielp het wel om een dj van zijn kaliber aan boord te hebben. Hij kende al die gasten persoonlijk. Als hij mailde, was het in orde.

Domme vraag misschien, maar wil je eigenlijk ook iets vertellen met Hazard?

Govaerts: De dieper liggende betekenis, bedoel je? (lacht) Goh, er zitten persoonlijke kanten aan het verhaal. De Achturenhond, waar Noah en zijn neef over praten, was een griezelverhaal dat mijn bomma vertelde. Die johnnywereld van de jaren negentig kende ik uit mijn eigen jeugd, al was ik toen zelf een grunger. Met veel goede wil zou je kunnen zeggen dat Welp mijn kindertijd was en Hazard mijn puberteit.

Maar je moet er vooral niet te veel in willen lezen. Mijn intentie was in de eerste plaats om een film te maken die plezier uitstraalt. Mijn lievelingsfilm is Dellamorte Dellamore, een Italiaanse zombiefilm die ook een romcom is én knipogen naar Magritte en Böcklin bevat. Hazard heeft dat ook. Het ene moment is de film een hommage aan Cujo, een Stephen King-verfilming over een moeder en zoon die vastzitten in een auto terwijl een sint-bernard hen aanvalt. Het andere moment voelt het als een videoclip van dj Tiësto. En het einde is dan weer een sequentie die stiekem verwijst naar de Griekse mythologie. Met Hazard wil ik een lans breken voor dát soort cinema.

Weet je, op de filmschool zagen mijn kortfilms er altijd net iets anders uit dan die van mijn klasgenoten. Stelden zij hun eindwerk voor, dan was dat vaak iets contemplatiefs in een veld, gedraaid in één shot. Waarna ik afkwam met Gène Bervoets die tien minuten lang gemarteld werd. Op veel vlakken voel ik me nog altijd die gast uit de filmschool. Er worden weinig Vlaamse genrefilms gedraaid die fun willen zijn. Al heb ik het gevoel dat daar, mede dankzij Patser van Adil & Bilall, verandering in is gekomen.

Wat vond je van Patser?

Govaerts: De eerste keer dat ik de film zag, voelde ik me vooral oud. Maar ondertussen snap ik beter wat ze hebben willen doen: Adil & Bilall wilden een Vlaamse versie maken van de Hollywoodblockbusters waar zij van houden. Je voelt dat de tijd hun gelijk heeft bewezen: vandaag staat de filmwereld hier veel meer open voor on-Vlaamse genrefilms.

Is Hazard bedoeld als dat soort publieksfilm?

Govaerts: Als ik mag afgaan op de eerste testvisies, is het potentieel er. Ik ben benieuwd. Puur door de aanwezigheid van Dimitri is de trailer al meer dan vier miljoen keer bekeken, een record voor een Vlaamse film. De première is op Tomorrowland, wat een gigantisch platform is. De vraag is nu of al die fans van Dimitri Vegas de film ook daadwerkelijk gaan kijken.

En wat ze gaan denken wanneer Tom Vermeir met een getunede Lexus copuleert.

Govaerts: Dat ook, ja. (lacht) Dat was mijn stiekeme plan: een Tomorrowland-film draaien waar een punkfilm in verstopt zit. Soms heeft dat er ook om gespannen. Dimitri, een veel commerciëler denkende mens dan ik, is ook een producer van de film: als het botste op de set, ging het vaak daarover. Maar ik ben heel blij dat hij mee wilde gaan in mijn rare film. Net door die spanning is er volgens mij iets volstrekt unieks ontstaan.

Ergens zou Hazard wel eens de Vlaamse Spring Breakers kunnen worden, een film van Harmony Korine die de tieners lokte met Selena Gomez in de cast, om hen vervolgens een desoriënterende coketrip voor te schotelen.

Govaerts: Misschien is dat wel een goede vergelijking, ja. Ik denk niet dat het volk dat Spring Breakers is gaan kijken daar was omdat ze Trash Humpers(Korines film over een groep ontspoorde bejaarden die seks hebben met vuilnisbakken, nvdr.) zo’n goede film vonden. (lacht)

Maar goed, ik kan zelf totaal niet inschatten hoe mensen ernaar zullen kijken. Het grootste compliment tot dusver kwam van de vriendin van de monteur: ze had pas na een uur door dat de camera de auto niet verliet. Het is dus niet puur een film voor de mensen die Lifeboat van Hitchcock (die zich volledig afspeelt in een reddingsboot, nvdr.) fantastisch vonden.

Ik durf het bijna niet te zeggen, maar ik had het pas achteraf door, toen ik de perstekst las.

Govaerts: Wow. Een nóg groter compliment. (lacht)

H4Z4RD

Vanaf 20/7 in de bioscoop.

Jonas Govaerts

Beroep Regisseur.

Leeftijd 42.

Woont in Antwerpen.

FilmografieWelp (2014), een Vlaamse horrorfilm op een scoutskamp. Maakte daarnaast de tv-reeksen Super8 en Monster! en werkte als regisseur voor Tabula rasa en F*** You Very Very Much.

Tevens muzikant bij Arabnormal en The Hickey Underworld, waarmee hij ‘hopelijk volgend jaar’ weer gaat touren. Regisseerde ook videoclips voor onder meer School Is Cool, King Dick en Willy Organ, die allemaal een cameo kregen in Hazard.

Fun fact Mocht in 2019 als second-unit director meewerken aan de Nicolas Cage-film Color Out of Space.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content