Hubert van Humbeeck

Paul Krugman, professor economie en columnist van ‘The New York Times’, is in Amerika uitgegroeid tot een van de felste tegenstanders van president George W. Bush en diens neoconservatieve kliek. ‘Amerikaanse tv-stations zoals Fox News en CNN maken deel uit van de Republikeinse propagandamachine’, beweert hij.

Een lezer in The Washington Post had een vraag: hoe het komt, wou hij weten, dat de Democratische presidentskandidaten John Kerry en John Edwards geen plan hebben om iets te doen voor de sociale zekerheid van mensen met een laag tot gemiddeld inkomen. ‘Ik zal mij nooit gezondheidszorg kunnen permitteren, maar daar lijken die miljonairs niet mee te zitten.’ In werkelijkheid wil Kerry 650 miljard dollar uittrekken om de gezondheidszorg van de armere Amerikanen te verbeteren.

Het bovenstaande voorbeeld komt uit een artikel van Paul Krugman in The International Herald Tribune – eigenlijk de internationale uitgave van de befaamde krant The New York Times. Krugman ontpopte zich in de Times de laatste tijd tot een verbeten tegenstander van George W. Bush en de neoconservatieve kliek die met de president het land bestuurt. Hij wordt soms vergeleken met de cineast Michael Moore, die de politiek van het Witte Huis in zijn gelauwerde film Fahrenheit 9/11 zo genadeloos op de korrel neemt. Maar Moore is een professionele entertainer, Krugman een economieprofessor aan Princeton University, een man van de wetenschap.

Met zijn stukje over die lezer van The Washington Post wou Krugman achterhalen hoe het komt dat zo’n doorsnee kiezer er geen idee van heeft dat de Democratische kandidaat de superrijken opnieuw meer belastingen wil laten betalen om armere mensen aan een ziekteverzekering te helpen. ‘Zestig dagen lang heb ik nauwlettend kennis genomen van de bronnen waar tachtig procent van de Amerikanen hun nieuws halen: de grote televisienetwerken. En die reppen daar gewoon niet over.’

Paul Krugman (51) noemt zichzelf gematigd liberaal. De kleinzoon van een joodse immigrant uit wat nu Wit-Rusland is, rijdt met een achttien jaar oude Volvo en brengt zijn vakantie bij voorkeur in Frankrijk door. Als jonge econoom werkte hij in het begin van de jaren tachtig nog enige tijd als adviseur voor de regering van Ronald Reagan. Tien jaar later diende hij de Democratische kandidaat Bill Clinton van advies. Omdat hem daarna geen stevige baan in Washington werd aangeboden, greep hij maar naar de pen. Hij schreef in bladen als Fortune en Foreign Affairs en bracht een reeks populair wetenschappelijke boeken over economie uit.

In de herfst van 1999 stelde uitgever Arthur Sulzberger hem voor om op de opiniepagina van The New York Times te publiceren. Sulzberger was al een poos op zoek naar ‘een nieuwe stem’ over geld en economie. Krugman schrijft lekker en geldt als een van de weinige linkse economen in Amerika die ertoe doen.

De kracht van Kissinger

In zijn boek De Dramademocratie formuleert socioloog Mark Elchardus de stelling dat vooral de commerciële televisie de opinievorming beïnvloedt door de manier waarop ze de werkelijkheid voorstelt. Krugman maakt een vergelijkbare analyse voor de Verenigde Staten. ‘Het televisienieuws is er op zeker ogenblik mee gestopt de mensen te informeren over de kandidaten en hun programma’, schrijft hij. ‘We weten nu alles over de haarsnit van John Kerry, maar niets over wat hij met de ziekteverzekering wil doen. We weten precies hoe vaak en waar George W. Bush gaat joggen, maar we hebben het raden naar wat hij met het milieu van plan is. De televisie focust op het bijkomstige nieuws. Maar die triomf van het triviale is geen triviale kwestie.’

Paul Krugman gaat veel verder dan Mark Elchardus: hij verdenkt er de Amerikaanse televisienetwerken van dat ze precies het nieuws brengen dat de Republikeinen willen. ‘Dat werd helemaal duidelijk in de manier waarop ze over de Democratische Conventie hebben bericht. Fox News van de Australiër Rupert Murdoch was al langer een Republikeinse propagandamachine. CNN is nu dezelfde weg opgegaan. Ze vertellen dikwijls gewoon leugens. Volgens CNN toonde een peiling in The New York Times aan dat 75 procent van de afgevaardigden op de Conventie voor abortus op aanvraag waren. In werkelijkheid sprak 75 procent zich uit tegen een strengere abortuswetgeving – en dat is helemaal iets anders. Seconden na de toespraak van Kerry op de Conventie in Boston kreeg de voorzitter van de Republikeinse partij de kans om de Democratische kandidaat van repliek te dienen. Ik ben zeer benieuwd of de Democraten dezelfde kans krijgen, nadat Bush op zijn Conventie (volgende week in New York, nvdr) heeft gesproken.’

Zijn bijdragen in de Times hebben van de ietwat bestofte professor een ster gemaakt. Het vakblad Editor & Publisher riep hem uit tot Columnist van het Jaar, een bloemlezing van zijn teksten werd een bestseller en op het internet heeft hij drie fansites. In het Duitse weekblad Der Spiegel zei hij enkele maanden geleden dat het te laat is om nog een blad voor de mond te nemen. Hij noemt George W. Bush dan ook zonder omwegen een prutser, een leugenaar en een bedrieger.

Toch bleef de nieuwe columnist aanvankelijk braaf bij zijn onderwerp – de monetaire economie. ‘Maar nadat Bush president was geworden, zag je meer en meer cijfers opduiken die niet klopten’, zei hij in Der Spiegel. ‘Bij nader toezien, blijkt dat de mensen een vals beeld van de werkelijkheid wordt voorgehouden.’

Paul Krugman weet nog precies wanneer de stukjes van de puzzel in zijn hoofd op hun plaats vielen. In april 2003 legde zijn vrouw een boek op zijn werktafel dat ze bij het opruimen had gevonden: het proefschrift waarmee Henry Kissinger lang geleden tot doctor was gepromoveerd. De voormalige minister van Buitenlandse Zaken beschrijft daarin onder meer hoe het kan gebeuren dat een revolutionaire kracht een bestaand politiek systeem zonder scrupules en met verachting opzijschuift en haar eigen principes tot het uiterste doordrijft.

Krugman herkende in de beschrijving de machtsovername door de nazi’s in Duitsland, maar plotseling zag hij ook klaar in een ontwikkeling die zich onder zijn ogen afspeelde. De parallellen met de manier waarop ‘neoconservatieve ideologen, christelijke fundamentalisten en fanatici van de vrije markt’ in het spoor van George W. Bush Washington hebben veroverd, zijn volgens Krugman onmiskenbaar. Als we ze laten begaan, zei hij in Der Spiegel, gaat eerst de sociale zekerheid eraan en daarna volgen de burgerrechten. Op school zal de evolutieleer uit het lessenpakket worden geschrapt en het leger komt in de plaats van de diplomatie. Alles wat met de staat te maken heeft, zal worden ontmanteld.

Fraude in Florida

Krugman lijkt te overdrijven. Toch is de werkelijkheid soms nog grimmiger. Door de zogenaamde Patriot Act, die na de aanslagen van 11 september 2001 werd goedgekeurd, kunnen mensen zonder vorm van proces worden opgesloten. Een collega van Krugman deed twee weken geleden in The New York Times het verhaal van een jonge Haïtiaanse bootvluchteling die al twee jaar in een Amerikaanse cel zit. Daar is geen enkele aanleiding voor, aangezien een oom de jongen wil opvangen tot zijn asielaanvraag wordt behandeld. Maar minister van Justitie John Ashcroft zelf weigert hem op borgtocht vrij te laten. Want, zegt de minister: ‘Stel je voor dat Al-Qaeda hoort dat het zo makkelijk is om via Haïti het land in te komen!’ Het is dat soort politieke willekeur die ook in Guantanamo onder vuur ligt.

Columnist Krugman krijgt nu dreigbrieven en haatmail. Onderdeel van een campagne, denkt hij, om hem monddood te maken. ‘Weinigen kunnen de druk weerstaan. Daarom is de kritiek op Bush ook zo schaars in de media. Maar ik hang niet rond op feestjes in Washington, ik hoef geen vetbetaalde opdrachten meer.’ In zijn gesprek met Der Spiegel sloot hij niet uit dat de neoconservatieven hun toevlucht nemen tot kiesbedrog om Bush in het Witte Huis te houden. ‘Ze hebben ondertussen veel te verliezen. Ik wil niet doorgaan voor iemand die overal complotten ziet. Maar omdat ze zich zo open en bloot onder onze ogen afspelen, zouden ze ons makkelijk voorbij kunnen gaan.’

Van intimidatie tot kiesbedrog is trouwens maar een kleine stap. Het rommelt op dit moment stevig in Florida. Bush won daar in 2000 na veel heisa over onleesbare stembrieven met enkele honderden stemmen verschil van tegenkandidaat Gore. Bush’ broer Jeb is er nog altijd gouverneur. Er is nu een onderzoek begonnen naar ‘kiesfraude’ bij de voorbije lokale verkiezingen. Uitsluitend oudere en zwarte kiezers krijgen politie in uniform over de vloer, worden streng ondervraagd en met gevangenisstraf bedreigd. Het zijn toevallig ook allemaal mensen die zich inzetten voor de League of Voters, een organisatie die zwarte mensen aanzet om te gaan stemmen. Nu al lijkt zeker dat de operatie duizenden zwarte kiezers bang genoeg zal maken om in november niet aan de verkiezingen deel te nemen.

Het bevestigt de ergste vermoedens van Paul Krugman. Hij begrijpt nu nog minder dat media zoals zijn eigen krant zo afstandelijk kunnen blijven als het over deze president gaat. ‘Als Bush zegt dat de aarde plat is, schrijven ze morgen voorzichtig dat de meningen over de vorm van de aarde verdeeld zijn.’

Hubert van Humbeeck

‘Eerst gaat de sociale zekerheid eraan en daarna volgen de burgerrechten.’

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content