Ingrid Van Daele
Ingrid Van Daele Ingrid Van Daele is redacteur bij Knack

Op 27 oktober stemt het Europees parlement over de Commissie-Barroso. Ondanks enkele kritische bedenkingen hoopt de leider van de liberale fractie Graham Watson op een positieve uitslag.

De stemming op 27 oktober in Straatsburg over de 25-koppige nieuwe Commissie van voorzitter José Manuel Durão Barroso, lijkt wel op een heus machtsspel tussen de Europese Commissie, het Europees parlement en de lidstaten uitgedraaid. Aan de basis ligt de discussie rond de Italiaan Rocco Buttiglioni. De kandidaat-commissaris voor Justitie, Vrijheid en Veiligheid liet zich tijdens hoorzittingen neerbuigend uit over homoseksuelen en vrouwen en kon daardoor niet langer op de steun van het hele parlement rekenen. De parlementscommissie voor Burgerlijke Vrijheden wees zijn kandidatuur zelfs ronduit af. Barroso hield echter voet bij stuk en beschermde de post van Buttiglione. Hij zou hem onder zijn voogdij plaatsen en samen met een werkgroep van commissarissen de besprekingen over non-discriminatiethema’s zelf mee in goede banen leiden.

De christen-democratische EVP-fractie stond meteen als een blok achter voorzitter Barroso. De socialisten en liberalen vonden het voogdijvoorstel echter ontoereikend – zij verwachtten bredere toegevingen. Maar, ‘de bewegingsruimte van Barroso is beperkter dan hij wil laten doorschemeren’, zegt Graham Watson, de leider van de liberale fractie in het Europees parlement (ALDE). ‘Zelfs al had hij willen schuiven met de portefeuille van Buttiglione – dat heeft hij vermoedelijk ook geprobeerd – hij zou het parlement daarmee een de facto vetorecht toegekend hebben over individuele commissarissen.’ Volgens de huidige regels kan het parlement alleen de héle commissie wegstemmen, of ze in haar geheel goedkeuren. ‘Géén van de lidstaten wil een dergelijk precedent. Dat zou de positie van de eigen commissarissen naar de toekomst toe alleen maar kunnen verzwakken.’

U vroeg aan Buttiglione om op te stappen?

GRAHAM WATSON: Volgens mij was dát de beste manier om de commissie veel leed te besparen: door aan te geven dat hij zélf niet langer geïnteresseerd is in de portefeuille Justitie, Vrijheid en Veiligheid. Nu heeft hij de commissie-Barroso in gevaar gebracht, of er tenminste voor gezorgd dat heel wat parlementsleden tégen Barroso zouden stemmen (het interview vond plaats voor de stemming, nvdr).

De macht van het parlement is zeer begrensd. De echte machtscentra zijn de hoofdsteden van de lidstaten.

WATSON: Zolang we niet beschikken over het recht om individuele commissarissen naar huis te sturen, hebben de lidstaten nog vrij spel. Nu konden ze inderdaad nog veel druk uitoefenen. En ik vermoed dat ook de Commissie, en individuele commissarissen als Louis Michel, Neelie Kroes, geprobeerd hebben om de parlementariërs te beïnvloeden. Iedereen beseft de ernst van de zaak. Het is duidelijk dat men toch niet zomaar voorbij het Europees parlement kan.

Vrijdag wordt het verdrag van de nieuwe grondwet ondertekend. Kan het parlement de Commissie dan wel wegstemmen?

WATSON: Ik zou mijn fractie er graag van overtuigen om voor de commissie-Barroso te stemmen. Maar ik vind dat Barroso slecht geschaakt heeft. Hij heeft me weinig argumenten in handen gegeven om hem ten gronde te verdedigen. Akkoord, zijn manoeuvreerruimte is beperkt. Maar hij heeft ook op geen enkel ogenblik laten blijken dat hij rekening hield met de ernst van onze zorg.

Ik gok dat hij het haalt, waarschijnlijk met de hakken over de sloot. Het is trouwens moeilijk te voorspellen wat er precies gebeurt als we tegen stemmen. Het is pas de derde keer dat we in het parlement hoorzittingen van de commissarissen organiseren. Onze vragen zijn misschien nog niet zo scherp als die in het Amerikaans Congres, maar we worden duidelijk harder in onze beoordelingen.

De zaak-Buttiglione wijst op een politisering van het parlement. Hoe liggen de machtsverhoudingen?

WATSON: Het is nog te vroeg om een duidelijk beeld te krijgen. Zoals bekend, hebben de socialisten (PSE) en de christen-democratische EVP-EDD een overeenkomst gesloten. Die heeft hen onder meer de voorzitter van het parlement opgeleverd. Maar strikt inhoudelijk lijkt ze nu al zwak. De komende weken en maanden zullen er voor een aantal dossiers trouwens andere meerderheden ontstaan: tussen onze liberale fractie en de EVP voor economische thema’s, tussen liberalen en socialisten wat betreft de buitenlandse politiek.

De coalitie tussen de christen-democraten en socialisten is een technische coalitie. Ze heeft niets van doen met een overeenkomst in het teken van de toekomst van de Unie. Het is in de eerste plaats een Duits-Duitse overeenkomst. Dat blijkt uit de keuze van de twee Duitse fractievoorzitters: Martin Schulz (PSE) en Hans-Gert Poettering (EVP). En dat reflecteert – veel meer dan een bepaalde politieke visie – de belangen van de Duitse industrie en die van het Duitse, politieke establishment. Beide willen zoveel mogelijk invloed in het Europese parlement. Dat bleek al tijdens de laatste legislatuur: toen blokkeerden ze de overnamerichtlijn, omdat die niet paste in de strategie van de grote Duitse industrie. Omdat ze beseften dat hun invloed in het nieuwe parlement, dat sinds de uitbreiding veel meer leden telt, wel eens beperkter zou kunnen zijn, stuurden ze aan op een samenwerking tussen de sociaal-democratische SPD en de christen-democratische CDU/CSU. Dat is de échte reden van de overeenkomst. De automobiel- en de chemische industrie hebben ongetwijfeld gelobbyd opdat die coalitie tot stand zou komen. Er staan immers belangrijke richtlijnen in de chemische sector op de agenda.

In de Commissie zélf moesten Duitsland en Frankrijk wel aan invloed inboeten.

WATSON: Barroso heeft, rekening houdend met de kwalificaties van de kandidaten, inderdaad belangrijke portefeuilles aan de kleinere lidstaten toegekend. Hij komt uit een klein land, maar hij heeft kennelijk wel begrepen wat Parijs en Berlijn niet begrepen hebben: dat het Europa met 25 lidstaten een andere institutionele logica heeft dan het Europa van de 15. In de nieuwe Europese Unie zijn we allemaal minderheidsgroepen, we zijn allemaal kleine landen. Binnen die context is het niet mogelijk dat sommige landen vinden dat ze belangrijker zijn dan andere.

Duitsland gaat binnenkort dwarsliggen tijdens de begrotingsbesprekingen in het parlement. Het land was de melkkoe van de Unie. ‘Dat kan niet meer’, zegt Berlijn.

WATSON: Ik ga niet akkoord met de grote lidstaten die vinden dat Europa meer moet kunnen doen, zonder dat ze ervoor hoeven te betalen. Met één procent van het bruto binnenlands product komen we er niet.

Akkoord, we moeten een rechtvaardiger financieringssysteem uitdokteren. Dat betekent dat het Verenigd Koninkrijk zich bereid moet tonen de historische korting die Margaret Thatcher destijds bedong, te bespreken. Maar ook Duitsland zal 25 procent of meer moeten bijdragen aan het totale budget van de uitgebreide Unie. Het is nodig een veralgemeend correctiemechanisme door te voeren. De financiële solidariteit tussen de lidstaten kent immers grenzen.

De uitgaven voor de landbouw en de structuurfondsen moeten herbekeken worden.

WATSON: We dienen ons inderdaad af te vragen of we nog zoveel aan landbouw willen blijven uitgeven. Zo rees ook de vraag of we nog fondsen moeten voorzien voor de armere regio’s van de rijke lidstaten. Ik denk het wel: Griekenland, Duitsland, Frankrijk tellen zeker nog gebieden die structuurfondsen nodig hebben.

Het wordt een vurig debat, dat normaal gezien in de loop van 2005 afgerond moet zijn, maar dat halen we niet meer. Het wordt begin 2006. De discussie over de Britse rebate zou dan wel eens kunnen samenvallen met het referendum over de grondwet. Het zal de eurosceptici gemakkelijke argumenten voor hun campagne aanreiken: het Verenigd Koninkrijk is niet bereid om nog meer te betalen voor Europa!

In Frankrijk zou het referendum over de grondwet dan weer samenvallen met de discussie over de toetreding van Turkije.

WATSON: Het ene heeft nochtans niets met het andere te maken. Tenzij dat je als voorwaarde stelt, dat we Turkije pas kunnen aanvaarden, als we de grondwet hebben goedgekeurd. Daar kan ik wel mee instemmen. Het is vandaag trouwens de prioriteit van het Europees parlement: de ratificatie van het verdrag van grondwet verzekeren. Als dat niet gebeurt, bevindt Europa zich pas in een échte crisis. De verklaring van Laken en de Conventie over de toekomst van Europa hadden ons, na het verdrag van Nice, weer op het goede spoor gezet. Maar als de grondwet nu niet wordt geratificeerd, vrees ik dat de Europese Unie zich op een totaal andere manier zal ontwikkelen. Ik vermoed dat de grote lidstaten – het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Frankrijk, Italië – in dat geval niet langer voor deze unie zouden kiezen. Dat zou ons pas in een crisis storten.

Ingrid Van Daele

‘Ik ga niet akkoord met de grote lidstaten die vinden dat Europa meer moet kunnen doen, zonder dat ze ervoor hoeven te betalen.’

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content