Kunst en politiek, tussen die twee komt het nooit meer goed.

Enkele jaren geleden maakte de Gentse museumkonservator Jan Hoet nog ophef dat was in de tijd dat Jan Hoet nog ophef maakte toen hij voor zijn museum de installatie Wirtschaftswerte van Joseph Beuys aankocht : een winkelrek met een kollektie aandoenlijke DDR-produkten. De Gentse gemeenteraad had daar grote problemen mee, want geef toe, wie besteedt er nu miljoenen goed belastingsgeld aan een stel konservenblikjes die tenslotte voor géén geld uit de Aldi kunnen worden betrokken ? Die DDR-rommel moet bovendien ook nog eens geregeld worden vervangen wegens doorroesten en zo. Het wordt dezer dagen trouwens wel heel moeilijk om nog wisselstukken voor dit kunstwerk te vinden.

Ach, Jan Hoet. Ooit ontvingen werklui van zijn museum een werk van de Hongaars-Amerikaanse inpakartiest Christo. Even later gingen ze verontrust bij het Hoets kantoortje aankloppen. Wat bleek ? Ze hadden het kunstwerk uitgepakt en… er zat niets in !

De Antwerpse Kultuurschepen Eric Antonis is geen haar beter dan Hoet, integendeel. Ook hij is bijvoorbeeld zo te spreken over die Panamarenko, maar een vliegtuig maken dat ook kan vliégen, nee. Antonis betrok nu bij de Amerikaans kunstenaar Lawrence Weiler een zin, waar hij 1,3, miljoen voor betaalde. IJzer en goud in de lucht, stuifmeel en rook op de grond. Die moet in het groot en het rood tegen een muur in het Middelheim-park worden gekalkt. De twee moekes van het Antwerpse stadsbestuur konden daar, arm in arm, niet mee lachen. Schepen Mieke Vogels vond dat veel geld “voor een hoop rode letters tegen een witte muur”. Schepen Patsy Sörensen, altijd lettend op de kleintjes, vindt graffiti véél mooier en nog voor niets te krijgen ook ; meestal moet je er niet eens om vràgen, ze staan er zo. De rockfabriek die Antonis in het Hof ter Loo wil installeren was dan toch een beter gedacht, meer iets voor het volk eigenlijk.

Per letter betaalt het stad die Weiner bijkans 30.000 frank. Een modale copywriter gaat zeker nooit met zo’n schoon daguur naar huis. Met enige ruimdenkendheid kan de IJ in “IJzer” als een Y worden beschouwd, en die is heel wat punten waard in het scrabble-spel, maar toch. En dat terwijl onze Vlaamse artiesten ongetwijfeld goedkopere zinnen kunnen leveren. Voor een beetje chauvinisme is Antonis nooit te vinden geweest, zie maar naar dat horizontaal vuurwerk van die Fransman, terwijl men het bij ons in Deurne schoon recht naar omhoog afschiet, zodat iedereen het goed kan zien, gelijk dat het moet met een vuurwerk. Leo Tindemans vroeg zich destijds al af waar ze zich op die kunstscholen toch allemaal mee bezig houden ; zijn zoon zat al drie jaar op muziekles en kon nóg geen gitaar spelen.

Onze Vlaamse kunstenaars zouden wellicht ook wel juistere zinnen kunnen schrijven, gelijk : Singer naaimasjien is de beste. Want wat die Amerikaander beweert is dus net omgekeerd van wat in het echt het geval is ! Het is er aan te zien dat er geen beëdigd vertaler aan te pas is gekomen, hoewel het daar op het stadhuis niet aan mankeert.

Nog goed dat er iemand een woordeke uitleg is komen verschaffen over de zinnen van Weiner : “Ook al zijn sommige werken, semantisch gezien, concreter dan andere, ze zijn allemaal, soms op eenpoëtische manier, geworteld in het reëel aanwezig zijn van kwaliteiten die waargenomen kunnen worden of die denkbaar zijn, processen, condities, handelingen, substanties of dingen. “

Het zijn dingen. En hadden ze gemeenteraad, die daar nu met lange tanden op de zin zat te kauwen, toch maar eerder gezegd dat die Weiner in Amerika echt wel een Bekende Amerikaan is en dat hij soms nog véél meer geld vraagt voor zijn zinnen.

H.B. Schiettecatte

Indian Summer, 1995 (Foto : Patrick de Spiegelaere)

Zeg niet…

Van : cg/jc/pvr

Aan : programmamakers

Zeg niet : Belgische kust.

Zeg : Vlaamse kust.

Zeg niet : Vlaamse Ardennen.

Zeg : Vlaamse Vlaamse Ardennen.

Zeg niet : de Vlaamse premier.

Zeg : de Vlaamse Vlaamse premier.

Zeg niet : burgemeester.

Zeg : bendeleider.

Zeg niet : administrateur-generaal.

Zeg : de ere-administrateur-generaal.

Zeg niet : Herman Van Rompuy.

Zeg : Eric Van Rompuy.

Zeg niet : l’eau qui pétille.

Zeg : het water dat blurps zegt.

Zeg niet : de oude Belgen.

Zeg : de oude Vlamingen.

Zeg niet : de BRTN.

Zeg : de V-NIR.

Zeg niet : Jean-Luc Dehaene.

Zeg : Jan-Luc Dehaene.

Zeg niet : Belgenmop.

Zeg : Vlamingenmop.

Zeg niet : gebelgd.

Zeg : gevlamingd.

De avonturen van Pommeke

“Hebt gij uw diepste draai al gevonden ? “, vroeg Pommeke aan Filiberke.

Filiberke werd rood tot achter zijn oren.

“Gij zijt een vuilaard”, zei Filiberke.

“Weet gij dat professor Gobbelijn een poederke heeft gemaakt van de hoorn van een rinoceros, waardoor ge drie keer na elkaar kunt juichen ? “, vervolgde Pommeke.

Nee, dat wist Filiberke niet.

“Juichen, juichen”, kakelde Flip.

“Onnozel soepkieken”, zei Pommeke. “Kom Filiberke, we gaan Rozemieke en Annemieke een poets bakken. “

Rozemieke en Annemieke hadden een duobaan als Schepen van Burgerlijke Stand en Emancipatiezaken op ’t stadhuis.

“Wij gaan trouwen”, stelde Pommeke voor.

“Alleen als ik in ’t wit mag”, blafte Pekkie.

Zo gezegd, zo gedaan.

Kwak en Boemel, die juist een glaasje limonade aan het drinken waren, wilden graag getuige zijn.

Onze vriendjes kwamen met z’n allen op het stadhuis. Maar op het kabinet van de Schepen van Burgerlijke Stand en Emancipatiezaken stond een bordje met bezet.

Pommeke loerde door het sleutelgat.

Hij slaakte een ijselijke kreet.

Rozemieke en Annemieke waren met Pudding en Gisteren… oei !

(Wordt vervolgd voor de rechtbank van eerste aanleg.)

De begeleiders wachten

Op het derde Nationaal Kongres Drugsbeleid 2000 in Gent zullen deze week minstens zes ministers het woord voeren. Het is niet uitgesloten dat hun toehoorders daarbij een vaag déjà entendu-gevoel zullen krijgen. Want sinds het eerste verslag van de interkabinetten-werkgroep van oktober 1993 en het Tienpunten-programma dat de vorige regering in januari 1995 goedkeurde, zijn er van de vele mooie plannen om tot een samenhangend drugsbeleid te komen nauwelijks een paar gerealizeerd.

Het Transit-centrum in Brussel is het enige van de negen geplande medisch-sociale opvangcentra voor drugsgebruikers dat (sinds 1 oktober) operationeel is. Het Stedelijk Krisisopvangcentrum in Gent zorgt al voor psychosociale bijstand maar zoekt nog kontakten met de medische wereld. Hoe het verder moet in Antwerpen, Oostende, Genk, Charleroi, Luik, Namen en Bergen is minder duidelijk. Ook dat zal minister van Binnenlandse Zaken Johan Vande Lanotte (SP), als voogdijminister van het Vast Sekretariaat voor het Preventiebeleid, in Gent moeten uitleggen. Waar blijft overigens de beloofde preventiecampagne om het rekreatief drugsgebruik in te dijken, dat de jongste jaren vooral in en rond megadancings voor gigantische problemen zorgt ? Waar blijft de gezamenlijke aanpak van de minister van Binnenlandse Zaken en de gemeenschapsministers van Onderwijs om het drugspreventiebeleid op school als daar al sprake van is in te passen in het drugsbeleid van de betrokken steden als ook dat er al zou zijn ?

En de aangekondigde omzendbrief van de ministers van Binnenlandse Zaken en van Justitie om het vijfhoeksoverleg eindelijk tot een beleidsinstrument uit te bouwen, zodat de drie politiediensten (binnen de betwiste inter-politie-zones ?) het parket en de bestuurlijke overheden (binnen elk arrondissement ?) leren samenwerken ?

Ook deze belofte kan door premier Jean-Luc Dehaene (CVP) in Gent nog maar eens worden herhaald. Justitieminister Stefaan De Clerck (CVP) moet er krachtens het jongste regeerakkoord dan weer voor zorgen dat “de repressie tegen alle drugsproducenten en -handelaars opgedreven wordt. ” Of daartoe, zoals het Tienpunten-programma belooft, het lidmaatschap van een misdaadorganizatie op zich reeds strafbaar zal worden gesteld en verdachten verplicht zullen worden te bewijzen dat hun vermogen wel degelijk legaal verworven is, valt eveneens af te wachten. En hoe zit het met de beloofde wijzigingen van de drugswet van 1921, die het mogelijk moeten maken enerzijds de commercie harder aan te pakken en anderzijds zowel de medisch begeleide verstrekking van methadon als spuitenruil-programma’s op te starten ? De federale minister van Volksgezondheid Marcel Colla (SP), zijn Vlaamse kollega Wivina Demeester (CVP), de minister van Sociale Zaken Magda De Galan (PS) en het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (Riziv) zouden nu eindelijk eens met konkrete voorstellen mogen komen. Of moet er nog eens drie jaar worden gestudeerd ?

Frank De Moor

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content