Dirk Draulans

Etniciteit is een koncept met vele gezichten. Zo hebben de etnische zuiveringen in Bosnië en het sukses van het Vlaams Blok gemeenschappelijke komponenten. Professor Roosens geeft een overzicht.

ER gaat geen dag voorbij of de media moeten een gebeurtenis melden die haar oorsprong vindt in een of andere vorm van etniciteit. Sinds de Serviërs in de door hun gekontroleerde zones van Bosnië-Hercegovina een etnische zuivering begonnen tegen Moslims en Kroaten, en deze laatsten de praktijk overnamen, heeft de term een uitgesproken negatieve teneur gekregen. Maar etniciteit heeft nog andere, en niet minder aktuele komponenten. Een gesprek over vele volkeren met professor Eugeen Roosens van het departement sociale en kulturele antropologie van de KU Leuven.

Is er een wetenschappelijke verklaring voor het fenomeen dat een goed gebracht betoog over etniciteit op korte tijd tot een wrede burgeroorlog kan leiden ?

EUGEEN ROOSENS : Etniciteit is moeilijk te definiëren, maar er zijn twee elementen die belangrijk zijn. Het eerste omhelst een stuk volksbiologie. De mensen wordt verteld dat ze een gemeenschappelijke oorsprong hebben. Wij hebben hetzelfde bloed. Dat slaat op een onuitroeibare natuurlijke verwantschap die muurvast verankerd zit. Daarrond wordt dan veel mytologie gebouwd, gesteund door stukjes geschiedenis die erin passen. Behalve dit verwantschapselement is er het element van de eigen levensstijl de eigen taal en kultuur. Zo wordt een sterke aflijning gecreëerd, een sociokulturele grens : wij zijn de anderen niet.

Dat klinkt heel algemeen. Herkenbaar zelfs.

ROOSENS : Het is inderdaad een transkultureel verschijnsel, dat zich overal in de wereld uit, maar niet noodzakelijk op dezelfde manier. Mensen pikken uit de totaliteit van de kultuur een aantal elementen die ze als hún kultuur bestempelen. Die elementen kunnen verschillen.

Dus de struktuur die in ex-Joegoslavië de etnische zuiveringen schraagde, is ook bij ons te vinden ?

ROOSENS : Natuurlijk. Kijk naar de manier waarop Marokkanen en Belgen elkaar beoordelen. Marokkaanse migranten van de eerste generatie beschouwen Belgische mannen als ontaard en eerloos, omdat ze geen vat hebben op het gedrag van hun vrouwvolk. Ze laten hun vrouw met de wagen rijden en hun dochters op straat lopen, zodat ze hun seksualiteit niet meer kontroleren. Berber-mannen houden de eer aan zichzelf. Mede via hun geloof overtuigen ze zich ervan dat ze op termijn gelijk zullen krijgen. Voor de doorsnee Belg heeft zo’n man echter een kultureel niveau dat nog uit de middeleeuwen stamt. In beide groepen gebeurt hetzelfde : ze creëren een positief zelfbeeld en koppelen dat aan een negatief beeld van de andere. Dat trekt een grens.

Maar het leidt niet noodzakelijk tot oorlog ?

ROOSENS : Het explosieve zit vooral in de koppeling van familiale banden en etnische relaties. Alle mensen in de wereld zijn ervan overtuigd dat verwantschap belangrijk is. Van iemand kan gezegd worden dat hij geen kultuur heeft, maar niet dat hij geen ouders heeft. Als dat idee metaforisch wordt overgeplant op het koncept van de etnische groep, wordt dat een heel sterke struktuur, die niemand kan loochenen. De etnische groep wordt een familie.

De Serviër die geen land wil teruggeven aan de Moslims, omdat zijn broeders daar hun bloed gegeven hebben ?

ROOSENS : Precies. De etniciteit bevat veel elementen die diep in de mens geworteld zijn. Een politicus die daarop inspeelt, maakt zijn mensen kwetsbaar voor de buitenwereld. Ze interpreteren elke vorm van kritiek als een oneerlijke aanval op hun afkomst. Als die idee gesteund wordt door feiten, zoals in ex-Joegoslavië en Ruanda is gebeurd, kan een konflikt worden uitgelokt. Het is ook geen toeval dat in zulke omstandigheden veel vrouwen van het andere kamp worden verkracht. Je zult de vijand onder je hart dragen. Dat is het omzetten van het symbool van de familie naar de etniciteit. Anderen zien die schendingen, en reageren. Eenmaal dat proces in gang is gezet, is het moeilijk te stoppen, omdat het door de koppeling van familie en etniciteit heel gepersonalizeerd wordt. Mijn dochter wordt verkracht omdat ik Vlaming ben. Dat is een rechtstreekse aanval op een persoonlijk leven dat zich voortzet in de kinderen, die tegelijk aanknoopt met de etnische groep.

Waarom leidt etniciteit de jongste tijd tot drama’s van nooit geziene omvang ?

ROOSENS : Daar zijn verschillende redenen voor, die terug te voeren zijn tot het wegvallen van andere identifikatiestrukturen sinds ongeveer dertig jaar. De natiestaat die in de negentiende eeuw de mensen het gevoel wilde geven dat ze tot een groep behoorden, overkoepelde lang het etnische aspekt. Eendracht maakt macht. In België proberen sommigen nog altijd om dat gevoel nieuw leven in te blazen. Door een aantal faktoren die heel zichtbaar zijn, heeft de natiestaat echter sterk aan belang ingeboet.

Vooreerst worden er op een niveau boven de natiestaat nieuwe blokken gevormd : oost en west, het Verenigd Europa, dat soort dingen. De natiestaat is te klein voor de internationale funkties, maar te groot om een emotioneel aanbod te kunnen garanderen. Het denken in termen van veiligheid gebeurt niet langer op het niveau van landen maar van blokken. Parallel daarmee valt het patriottisme weg. Landen bieden niet langer de unificerende kracht van de strijd tegen een gemeenschappelijke vijand. Daarenboven zitten de intellektuelen die de natiestaten met ideologieën moeten voeden, in de overkoepelende blokken, of op een lager niveau.

Verder is de klassenstrijd weggevallen, en brokkelt de socialistische ideologie af. Die sneden door het etnische heen : arbeiders bleven arbeiders, of ze nu Vlaming waren of Waal. De KWB-tonelen rond de heroïsche strijd van arbeiders tegen patroons behoren tot de folkore. Loonschalen verminderden de polariteit tussen lompenproletariaat en kapitalisme. Iedereen draagt jeans, en arbeiders rijden in grotere wagens dan kaderleden. Mensen met gezag zijn uit de mode geraakt. Ze verbergen zich. Het is ook niet meer interessant om zich als arbeider te profileren. Wel als Vlaming. Dat zegt niks over geld of status. Iemand kan in zo’n groep stappen zonder zijn status te moeten onthullen.

Ook het belang van de kristelijke kerk in al haar varianten is sterk verminderd. Ze wou er zijn voor de hele wereld. Maar vele mensen geloven niet meer. Er groeit een sfeer dat mensen die zeggen dat ze katoliek zijn, uitgelachen worden. Zelfs Opus Dei verbergt zich.

Dat alles betekent dat belangrijke referentiepunten weggevallen zijn, wat tot anomie leidt : de mensen verliezen hun houvast. De etnische groep biedt houvast, zekerheid, overzicht, en een duidelijk kader van wat goed en slecht is.

Zijn er alternatieven voor etniciteit om dat identifikatie-vacuüm op te vullen ?

ROOSENS : Ik zie etniciteit niet onmiddellijk uit de tijd geraken. Toen wij de natiestaat die we ontwikkeld hadden, in Afrika gingen inplanten bij mensen die daar niets mee te maken hadden, kwam daar als reaktie een enorme uitbreiding van de familie naar de etnische groep. Dus ook daar zijn etnische groepen voor een stuk een modern verschijnsel, hoewel waarnemers ze graag naar het verleden toe projekteren, en ze met de stammen vergelijken. Ik heb lange tijd bij de Yaka van Zaïre gewerkt, een van de minst geavanceerde stammen. Dat is helemaal geen naadloze struktuur. Daar zitten lagen in die een historisch proces weerspiegelen. Binnen zo’n stam wordt ook gespeeld met etniciteit en het behoren tot een bepaalde laag van de bevolking, als dat nodig is.

Wat ik eventueel wel zie gebeuren, is dat etniciteit op termijn minder en vedette zal staan als gevolg van ontwikkelingen die moeilijk te voorspellen zijn. Wat zal er gebeuren als de Europeanen zich sterk zullen willen definiëren ten aanzien van de islam een proces waarvan we alleen maar kunnen hopen dat het niet te hard zal beginnen rollen ? Onze landen nemen nu intern een opstelling ten opzichte van immigratie aan, die zou kunnen leiden tot het besef dat de oppositie binnen de eigen grenzen minder relevant is dan deze naar buiten toe. Dat zou tot de kreatie van een nieuwe gemeenschappelijke vijand kunnen leiden.

Tenzij de redelijkheid zich eindelijk manifesteert ?

ROOSENS : We moeten niet teveel rekenen op de redelijkheid van mensen. Als we zien dat degenen die zich strijdbare Vlamingen noemen, en die zich voorhouden dat hun groep sterk verdrukt is geweest, geen enkele moeite hebben om anderen te verdrukken, dan vrees ik dat er niet wordt gegeneralizeerd. Het paradoksale is dat maar weinig mensen zeggen : wij hebben dit meegemaakt, dus we moeten ervoor zorgen dat we met die sukkelaars niet hetzelfde doen. Wij hebben als Vlamingen geen enkele les getrokken uit het feit dat we ooit zelf verdrukt zijn geweest. Dat maakt me heel pessimistisch.

Hoe komt het dat etniciteit een modern verschijnsel is ? Het lijkt alles te hebben om al eeuwen met sukses geaksentueerd te worden.

ROOSENS : Wat we nu meemaken, is te interpreteren als een suksesverhaal. Er zijn overal in de wereld boeiende verhalen die niet de aandacht van de media halen. Zo is er de merkwaardige revival van de indianen in Zuid-Amerika. Groepen die de voorbije decennia met grote snelheid de moderne levenswijzen in huis haalden, trekken zich nu terug. De Aymara van Bolivië, bijvoorbeeld, wilden tot ver in de jaren tachtig niet meer horen dat ze indianen waren. Ze hielden zelfs vol dat ze de taal niet meer kenden. Nu spreken ze die weer. Ze keerden op hun stappen terug, omdat ze merkten dat het tegenwoordig loont om tot een etnische groep te behoren.

In welke zin ?

ROOSENS : Etniciteit heeft nog andere facetten dan de emotionele waar we het tot dusver vooral over gehad hebben. Na de Tweede Wereldoorlog ontstonden er als reaktie op de holocaust internationale organizaties die de rechten van de mens moesten garanderen. Eén van de ideeën die daarbij doorgang vonden, was dat elke mens, ongeacht zijn expressiemogelijkheden en afstamming, recht van bestaan had. Dat werd opgenomen door vooral kleinere etnische groepen die meenden dat ze verdrukt of benadeeld werden, en die het gebruikten als een wapen in hun streven naar recht op eigenheid. Iemand die zich daar tegen verzette, werd onmiddellijk als een racist gebrandmerkt. Er komt ook nu nog relatief weinig verzet tegen dat uitgangspunt, omdat een politicus bang is dat hij zich anders publiek belachelijk zou maken.

Die ideeën over mensenrechten werden vertaald naar de stelling dat niemand kan beletten dat een ander zijn eigen kultuur heeft. En niets is flexibeler dan kultuur. Heel weinig mensen geven iets om hun kultuur, maar ze geven er wel om dat ze ernstig genomen worden en rechten hebben. Iemand met voldoende macht kan zelfs een konstruktie maken van een kulturele eigenheid en die door de keel van de anderen duwen.

Is deze opleving van etniciteit dan een soort modeverschijnsel ?

ROOSENS : Nee, maar wel een konjunktuurverschijnsel. Ze ligt goed in de markt. In de Verenigde Staten (VS) neemt dat zelfs karikaturale vormen aan. De zwarten zijn er zeer zwaar verdrukt geweest, maar slaagden er vanaf de jaren zestig in rechten te krijgen. Daaraan koppelden ze een positief eigenbeeld : black is beautiful. Dat ging heel ver, tot het instellen van leerstoelen afrikanistiek en het onderwijzen van Afrikaanse talen aan sommige universiteiten. Andere groepen gingen dan uit naam van hún kultuur tegenreageren, en eisten ook geld voor de subsidiëring van studie- en kulturele centra. Ik geloof dat er nu in de VS 560 etnische groepen zijn geregistreerd.

Zelfs de blanken zijn zich etnisch gaan manifesteren. Ze willen ineens de streek van hun voorouders bezoeken, en het graf van een grootmoeder zien, hoewel ze er tot voor kort dikwijls geen idee van hadden vanwaar ze kwamen. Daar is een sterk roots-toerisme rond gegroeid. De mensen geven thuis in kleine kring Spaanse of Franse etentjes, naargelang van het land van oorsprong waarmee ze zich geïdentificeerd hebben. Ze kiezen dus als het ware een bepaalde afkomst, en die halen ze uit hun zak als het hen past.

Is het daarom dat het proces rond de zwarte sportvedette O.J. Simpson zoveel herrie kon maken ?

ROOSENS : In dat proces werd etniciteit als een instrument gebruikt. Erger zelfs. Etniciteit werd er aan ras gekoppeld, hoewel het koncept ras voor de mensensoort geen biologische betekenis heeft. Ras werd echter een sociale kategorie met een uitgesproken biologisch merkteken, in dit geval de huidskleur. Het is belangrijk, omdat in de VS rassen wettelijke rechten krijgen, maar etnische groepen niet. Dat betekent onder meer dat er positieve akties ondernomen worden om zwarten op alle niveau’s representatief te laten vertegenwoordigen. Een zwarte intellektuele vrouw vindt nu bijna gegarandeerd een goede job, maar een blanke intellektuele man kan het wel vergeten. Ook de Mexicanen proberen zich in de VS als ras te laten erkennen, precies omwille van de wettelijke voordelen die zo’n erkenning biedt.

Gebruikte de zwarte advokaat van O.J. Simpson dan in feite dezelfde principes als de Bosnisch-Servische generaal Ratko Mladic ?

ROOSENS : Etniciteit is een heel gediversifieerd landschap, hoewel het overal dezelfde formele ingrediënten heeft. Mijn onderzoeksploeg heeft met vele etnische groepen gewerkt over de hele wereld. Overal loopt hetzelfde machientje, hoewel de gevolgen van het aanzwengelen ervan sterk kunnen verschillen. Dat komt omdat het decor waardoor het zich beweegt, een rol speelt. De sfeer waarin mensen leven, en de fenomenen die niet langs zichtbare kanalen lopen, maar toch een invloed hebben op het gedrag, zijn belangrijk. Een faktor die bij ons sterk speelt, is natuurlijk het feit dat we in een demokratie leven, zodat pressiegroepen er kunnen gedijen. Iemand die goed rondkijkt, en ziet wat er beweegt, kan daar handig op in spelen. Het Vlaams Blok heeft dat gedaan. Het Blok aksentueert duidelijk de etnische oorsprong en de fierheid : Eigen Volk Eerst. Ze stellen een eenvoudige wereldvisie voor, zonder twijfelachtige intellektuele spekulaties, en geven de mensen vaste waarden, zodat die het gevoel krijgen weer ergens bij te horen.

Dus het sukses van het Vlaams Blok heeft zijn wortels in de mekanismen die elders gebruikt worden om een volkenmoord uit te lokken ?

ROOSENS : Zeker, hoewel het in beide gevallen om een extreme manifestatie van een algemeen principe gaat. Het Vlaams Blok trekt in feite vooral etnonationalisten aan, die wegwillen uit België. Maar het gebruikt de niet-Europese migranten als gemakkelijk model om een duidelijke grens te trekken tussen zichzelf en de anderen. Het is een zeer handige manier om een sterke inhoud te verwerven. Het illustreert ook dat er een stevige band tussen etniciteit en racisme kan bestaan. Het discours van de fierheid van het eigen volk impliceert een vergelijking met mensen die minder recht hebben om fier te zijn. Dat ligt heel kort bij racisme.

Is er geen tegenspraak tussen enerzijds een groeiende aandacht voor etniciteit en anderzijds een globalizering van kommunikatie en organizatie ?

ROOSENS : Integendeel. Er is een koppeling. Wat zich globalizeert, is het onpersoonlijke : het monetaire, het ekonomische, het toerisme zonder engagement. Grootschalige organizaties hebben nog maar weinig te bieden. Wat is de inhoud van het Europeaan zijn, tenzij men naar Amerika reist ? De Europeaan heeft nog maar weinig geschiedenis, en de mensen hebben een stuk geschiedenis nodig : een verleden waar ze een myte van kunnen maken. Daarom grijpen ze nu terug naar de andere kant, als een vorm van kompensatie voor dat grootschalige. Etniciteit draait om persoonlijke waarden.

Hoe verklaart u dat er in Somalië, waar omzeggens iedereen tot dezelfde etnie behoort, met dezelfde taal en godsdienst, toch een burgeroorlog losbarst ?

ROOSENS : Dat is heel interessant. Zelfs als we de mensen honderdduizend keer zeggen dat racisme funest is, toch zullen sommigen blijven zien dat iemand zwart of roze is, en dat als merkteken hanteren, als embleem om groepen te maken. De mens schijnt een diepgewortelde tendens tot opsplitsen te hebben. Er zijn experimenten gedaan waarin vrijwilligers die niet tot verschillende groepen leken te behoren, werden uitgenodigd om in een kamer een spel te spelen. Ook daar werden na zekere tijd bijna automatisch groepen gevormd, en werd er in positievere termen over de eigen groep dan over de andere gesproken. De neiging om op te delen en te scheiden is alom aanwezig.

Er zijn mensen die zeggen dat een multikulturele samenleving onmogelijk is, tenzij een kultuur overheerst. Hebben die gelijk ?

ROOSENS : Ja. Multikulturele samenleving is een kodeterm geworden. De manier waarop onze politici hem gebruiken, is een karikatuur. In een multikulturele samenleving leven groepen van mensen met een eigen kultuur evenwaardig naast elkaar. De meeste zogeheten multikulturele samenlevingen zijn echter te beschrijven als multi-etnische staten met stukken kultuur. Kijk naar de scholen in ons land. De jeugd die uit andere volksgroepen dan de Belgische komt, wordt er gewoon door een molen gehaald. Een Marokkaan van achttien die uit een Belgische school komt, zou vergeten dat hij een Marokkaan was als anderen hem daar niet voortdurend op wezen. België is geen multi- maar een bikulturele samenleving, met Vlamingen en Walen. Op dat vlak is alles goed afgewogen. De mogelijkheid om multikultureel te leven bestaat dus. Maar het is nonsens te beweren dat dit in ons land momenteel het geval is.

Dirk Draulans

De koppeling van familiale symbolen aan etnische elementen is explosief, en kan tot oorlog leiden.

Professor Eugeen Roosens : “De mens schijnt een diepgewortelde tendens te hebben om op te delen en te scheiden. “

Een Marokkaan van achttien die uit een Belgische school komt, zou vergeten dat hij Marokkaan was als anderen hem daar niet op wezen.

Zelfs in Afrikaanse stammen wordt gespeeld met etniciteit en bevolkingslagen als dat nodig is.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content