Wetenschap was vroeger minder competitief dan nu
vrijdag 09 december 2011 om 06u00
De jongste tien jaar haalden opvallende gevallen van wetenschappelijke fraude het wereldnieuws. Die leiden tot scherpe commentaren in de editorialen van de meest gerespecteerde vakbladen ter wereld.

© Reuters
Wetenschappelijke fraude beroert de gemoederen. Het schokt de goegemeente. Het leidt tot scherpe commentaren in de editorialen van de meest gerespecteerde vakbladen ter wereld. Het resulteert in onderzoekscommissies en officiële klachten van academische en andere instanties.
In feite is dat goed nieuws. Het illustreert dat wetenschappelijke fraude niet als evident wordt beschouwd, in tegenstelling tot sectoren als de politiek en de economie waarvoor de overtuiging groeit dat manipulatie en zakkenvullerij inherent onderdeel van het systeem zijn. Maar het kan wetenschappelijke fraudeurs ook stimuleren om te doen wat ze menen te moeten doen: gegevens afschrijven, vervalsen of zelfs volledig verzinnen om indruk te maken met sterke conclusies en daardoor gemakkelijker toegang te krijgen tot financiële middelen.
De jongste tien jaar haalden opvallende gevallen van wetenschappelijke fraude het wereldnieuws. De Duitse fysicus Jan-Hendrik Schön, de Zuid-Koreaanse dierenarts Woo-Suk Hwang, de naar de Verenigde Staten uitgeweken Belgische bioloog Luk Van Parijs, onlangs de Nederlandse toppsycholoog Diederik Stapel: allemaal dienden ze toe te geven dat ze hun loopbaan in een stroomversnelling hadden willen gooien door niet te wachten tot ze met meticuleus speurwerk verantwoorde onderzoeksgegevens hadden verzameld. Meestal reageerden ze aanvankelijk gelaten en met schuldbesef op hun ontmaskering. Achteraf stuikten ze in een depressie en verdwenen ze van het toneel. Hun reacties verschilden in de details. Schön vocht het verlies van zijn doctorstitel aan, Stapel gaf hem spontaan terug.
De wetenschappelijke wereld buigt zich over de oorzaak van de opvallende toename van het aantal ontdekte fraudegevallen. De groeiende aandacht voor de problematiek zal er wel een rol in spelen, naast de kwestie dat het wat makkelijker wordt om klokkenluider te spelen. Maar er is ook het feit dat onderzoekers in een aantal disciplines (onder meer de psychologie) steeds minder geneigd zijn hun gegevens met elkaar te delen. De druk van de competitie kan ondraaglijk groot worden. De wetenschappelijke wereld kan dodelijk zijn als je er mentaal en karakterieel niet tegen bestand bent.
Hoe anders moet het vroeger geweest zijn! Charles Darwin schrok zich destijds ongetwijfeld lam toen hij een brief kreeg waaruit bleek dat iemand anders onafhankelijk van hem op hetzelfde spoor van evolutie door natuurlijke selectie was gekomen, maar in plaats van de brief discreet te laten verdwijnen, gunde hij Alfred Russel Wallace ridderlijk de eer om mee als ontdekker te worden erkend. Dat was halverwege de 19de eeuw. Het wetenschappelijke topvakblad Nature publiceerde vorige maand een interessant verhaal met wortels in het begin van de 20ste eeuw, over de vraag of de zelfs historisch belangrijke Amerikaanse astronoom Edwin Hubble zijn Belgische ‘rivaal’ Georges Lemaître zou laten censureren hebben, om niet te laten blijken dat hij in feite niet de eerste was geweest die de geleidelijke uitdijing van het heelal had beschreven, en daar een snelheid voor had berekend die nu als de Hubble-constante door het leven gaat.
Lemaître publiceerde in 1927 zijn inzicht dat het heelal uitdijt, en dus de facto een begin moet hebben gehad (dat als de Grote Oerknal bekend zou worden). Hij deed dat helaas in het Frans, en in een obscure Belgische publicatie: de Annales de la Société Scientifique de Bruxelles. Men gaat ervan uit dat Hubble die publicatie niet zag voor hij zijn versie van hetzelfde feit publiceerde, in 1929 in de gereputeerde Proceedings of the National Academy of Sciences. Maar al snel werd Lemaîtres bijdrage ruimer bekend, en in 1931 werd hij gevraagd er een Engelse vertaling van te maken voor de Monthly Notices of the Royal Astronomical Society.
Zo gebeurde, en niemand die erom maalde, tot begin dit jaar duidelijk werd dat een aantal sleutelparagrafen, onder meer over de berekening van de uitdijingsconstante, uit het vertaalde artikel waren verdwenen. Censuur, beweerden sommige wetenschappers: Hubble zou die paragrafen laten weren hebben om de originaliteit van zijn eigen publicatie niet in het gedrang te brengen. Een ernstige vlek op zijn reputatie, luidde het. Maar een grondige analyse in Nature pleit Hubble van alle schuld vrij: het was Lemaître zelf die de vertaling maakte, en die de gewraakte passages schrapte, omdat hij vond dat ze niet meer relevant waren aangezien de gerenommeerde Hubble de berekeningen al had gepresenteerd, en hij zelf ondertussen andere berekeningen had gemaakt die gedetailleerder waren.
Volgens Nature zegt de saga veel over de psychologie van (sommige) wetenschappers uit die tijd. Op dezelfde manier als Wallace blij was dat hij bij het wetenschappelijke establishment rond Darwin kon aanleunen, was Lemaître blij dat hij de eer kreeg tot de inner circle van de wereldastronomie te kunnen behoren. Hij was er helemaal niet op uit om het krediet te krijgen van allereerste ontdekker van de Hubble-constante. Maar in feite had de Hubble-ruimtetelescoop dus de Lemaître-telescoop moeten heten. Astronomen pleiten er nu voor om een van de volgende grote telescopen naar onze illustere landgenoot te noemen.
Het mooie verhaal illustreert hoe de wetenschappelijke zeden veranderd zijn. Het illustreert ook dat de wetenschappelijke wereld een kenmerk heeft waarin ze zich fundamenteel onderscheidt van de rest van de wereld: een sterke capaciteit tot zelfcorrectie.
Dirk Draulans
Reacties
Mooi verhaal, maar het voorstellen alsof er vroeger nooit gefraudeerd werd of onwetenschappelijke technieken gebruikt werden om wetenschappelijk gelijk te halen, lijkt me wat kort door de bocht. Lavoisier haalde met z'n zuurstoftheorie de overhand op Stahl's phlogiston, niet omdat-ie gelijk had, maar omdat hij genoeg geld en macht had om de boeken te laten herschrijven....
Het volgende voorbeeld illustreet het artikel van de heer Draulans bijzonder goed: Denken we maar aan de overgrote nationale stocks tegen de Mexicaanse groep, goed voor honderden miljoenen euro (en waarschijnlijk ook dollars) die momenteel vernietigd worden. Bovendien is gebleken dat de rapporten van de farmaceutische fabrikant-ontwikkelaar vervalst waren ... en dat het vaccin helemaal niet doeltreffend was. Dit geld zou elk Europees land in de huidige crisis goed kunnen hebben gebruiken ... Waarom wordt de farmaceutische producent niet bestraft?
Mooi verhaal, Dirk. De wetenschappelijke wereld is uiterst belangrijk voor het vrijwaren van de menselijkheid van het bestaan. Dat zeg ik ook als fervente katholieke christen. Gelukkig leven we niet meer in de tijd van de Hebreeën, ook al was het leven toen gezapig, tussen de kamelen en de stadspoorten, op sandalen... en ook al had de mens toen zeer veel aan de "betovering" van het bestaan via de verhalen van de rabbijnen, van de grote profeten zoals Jesaja. Vandaag lijden mensen letterlijk aan de onttovering van de wereld. Maar ik ben de eerste om toe te geven dat daaraan enkel een klein gild van fundamentalistische, rabiate wetenschappers schuld heeft. Ik houd bijvoorbeeld van "The God Delusion" van Richard Dawkins, ook juist als kritisch denkende katholiek (NB in het katholicisme, zie Lemaître) is er een eeuwenlange traditie van kritisch nadenken over wereld, mens en geloof, meer dan in bepaalde protestantse tradities, waar de aantrekkingskracht van het Boek veel andere zaken heeft weggedrukt). Ik houd dus van "God als misvatting", omdat het als een vijltje het oude en lelijk en nutteloos geworden vernis van bepaalde christelijke opvattingen af haalt. Maar heel af en toe gaat vriend Dawkins toch wel over de (wetenschappelijke) schreef, als hij spreekt over de fundamentele zinloosheid van het bestaan. Dat soort uitspraken mag hij doen, maar dan spreekt hij niet meer als wetenschapper. (Ik heb Sartre ook nooit kunnen hebben, met zijn nadruk op vuile handen en een zinloos bestaan, denkbeelden die een spiegelbeeld vonden in zijn persoonlijk leven, niet alleen in de wijze waarop vriendin Simone meisjes ronselde om met de vuile filosoof het bed te delen). Wetenschap. Zonder medicijnen zou het bestaan heel wat minder doenbaar zijn. Zonder stevige scholen, gemeentehuizen, woonhuizen ook. Wetenschap en Techniek maken deze wereld herbergzaam, nooit in die mate dan sinds WOII. Laat die jongens maar de deugd van de eerlijkheid en de dienstbaarheid cultiveren en bewaren. Als ze willen kunnen ze inspiratie komen opdoen in een goede parochie, en in lectuur van de heerlijke bijbelverhalen en heiligenlevens...
Den Denker. Wat je opnoemt is de basis van alle wetenschap. Dat is nu wat continue met de voeten wordt getreden in de klimaat"wetenschap". Mann's hockeystick grafiek kon niet geverifieerd worden, simpelweg omdat noch de basisgegevens, noch de gebruikte rekenmethodes werden gepubliceerd. Toen McIntyre vele jaren later de gegevens opvroeg werden die hem toegestuurd, echter niet de werkelijk gebruikte rekenmethode. Daardoor kon de HS niet worden gereproduceerd. Tot dan had niemand de moeite gedaan om die grafiek te reproduceren. Idem voor de temperatuurgegevens of de correctiemethodes van Phil Jones. Slechts door continu aandringen, het ontdekken van verborgen bestanden e.d. en het uitlekken van de mails werd duidelijk dat gegevens en rekenmethodes/statistieken waren achtergehouden omdat ze niet het gewenste resultaat gaven. Een kroniek van deze gebeurtenissen is hier: http://www.uoguelph.ca/~rmckitri/research/McKitrick-hockeystick.pdf een ander pareltje: In Mann e.a. 2008 geeft Mann zelf to dat hij gegevens verving door "betere". Commentaar van McIntyre: "after Mann deletes the post-1960 values of the Briffa data, he then substitutes “infilled” values and then calculates correlations using the imaginary data. Out of the 484 series that “pass” Mann’s correlation test, no fewer than 95 are these spliced Briffa MXD series which exemplify the divergence problem without splicing; another 71 are the Luterbacher instrumental series.". Die laatste zijn een mix van proxies en instrumentele data. Uiteraard geeft dat een goede correlatie met de instrumentele data... Zie: http://climateaudit.org/2009/01/21/more-on-voodoo-correlations/ Dat is de staat van de huidige paleoklimaat wetenschap.
Reageer
Opgelet: Het is niet mogelijk om anoniem te reageren. Uw loginnaam zal bovenaan uw reactie verschijnen.
Om een reactie te plaatsen, dien je geregistreerd te zijn:









