Saturnusmaan Dione verbergt oceaan onder het ijs (Koninklijke Sterrenwacht)

29/09/16 om 01:05 - Bijgewerkt om 01:07

Onderzoekers van de Koninklijke Sterrenwacht van België (KSB) hebben op grond van nieuwe gegevens van de ruimtesonde Cassini aangetoond dat de Saturnusmaan Dione een oceaan van vloeibaar water onder haar ijsoppervlak heeft.

Saturnusmaan Dione verbergt oceaan onder het ijs (Koninklijke Sterrenwacht)

Dione, gefotografeerd met een flardje Saturnus vanuit de ruimtesonde Cassini © REUTERS

De Belgische studie verschijnt deze week in "Geophysical Research Letters".

Bij twee andere manen van Saturnus, Titan en Enceladus, en ook Europa, een maan van Jupiter, was men al vrij zeker dat er onder hun ijskorst grote oceanen zitten, maar nu is er dus nog een "oceaanwereld".

De oceaan is enkele tientallen kilometers diep en omsluit een grote harde kern. Zo gelijkt Dione erg op buur Enceladus, die ook bekend is omwille van de reusachtige stralen van waterdamp ("jets") die bij de zuidpool worden uitgestoten. Dione lijkt nu wel rustig, maar de littekens op haar oppervlak, in de vorm van grote ijskliffen, wijzen op een tumultueus verleden. De oceaan van Dione was er waarschijnlijk al van bij het ontstaan van de maan en is mogelijk een goede omgeving voor microscopisch leven.

"De contactzone van de oceaan met de harde kern komt het meest in aanmerking. Daar kunnen de voedingsstoffen en de energie aanwezig zijn, die nodig zijn voor leven", zegt co-auteur Attilio Rivoldini.

Het aantal "oceaanwerelden", de ijsmanen en planeten met een ondergrondse oceaan, wordt groter bij elke nieuwe missie naar de buitengebieden van ons zonnestelsel. Met drie "oceaanwerelden" bij Jupiter, drie bij Saturnus, en mogelijk één bij Pluto, is het geen exclusieve club meer. Dankzij de nieuwe "isostatische" benadering kunnen deze werelden nu beter bestudeerd worden, zodra we hun vorm en gravitatieveld kennen. "Toekomstige missies zullen de manen van Jupiter bestuderen, maar ook de satellieten van Uranus en Neptunus zouden moeten onderzocht worden", vindt één van de auteurs, Mikael Beuthe.

Onze partners