Onderzoekers ontdekken nieuw mechanisme achter darmverlamming

20/06/17 om 13:40 - Bijgewerkt om 14:02

Uit nieuw onderzoek aan de KU Leuven blijkt dat darmverlamming niet wordt veroorzaakt door de cellen die daar al jarenlang verantwoordelijk voor worden geacht.

Onderzoekers ontdekken nieuw mechanisme achter darmverlamming

© iStock

Wie een buik- of darmoperatie ondergaat, wacht een lange ziekenhuisopname. Door de operatie raken de darmen voor enkele dagen verlamd, waardoor de patiënten niet normaal kunnen eten of stoelgang maken. Naast het persoonlijke ongemak is ook de economische kost van zo'n ziekenhuisopname aanzienlijk. Daarom zoeken wetenschappers al lang naar manieren om deze darmverlamming tegen te gaan of de werking van de darmen sneller te herstellen. Daarbij gingen ze er steeds vanuit dat monocyten, een bepaald soort witte bloedcellen, mee verantwoordelijk waren voor de darmverlamming. Professor Gianluca Matteoli en professor Guy Boeckxstaens van de onderzoeksgroep Gastro-enterologische aandoeningen van de KU Leuven tonen nu het tegendeel aan.

"Bij een operatie aan de darmen treedt er onvermijdelijk een ontsteking op van de spierlaag van de darm. Deze ontsteking is voornamelijk opgebouwd uit monocyten, een bepaald type witte bloedcellen", zegt Gianluca Matteoli. "We deden onderzoek op muizen die zo genetisch gemanipuleerd werden dat de monocyten niet in staat zijn om de bloedbaan te verlaten en in de spierlaag binnen te dringen. De verwachting was dat we op die manier het optreden van een darmverlamming konden vermijden. Tot onze verbazing kregen deze dieren echter nog steeds darmverlamming en herstelden ze zelfs slechter dan verwacht."

Daaropvolgend onderzoek toonde inderdaad aan dat deze monocyten juist een positieve invloed hebben op het herstel van de darmwerking. "We zagen dat de monocyten initieel bijdragen tot de ontsteking, maar gaandeweg het beschadigde weefsel als het ware opruimen. Daarna verandert hun functie drastisch en helpen ze zelfs bij het herstel van de normale werking van de darmen", gaat professor Boeckxstaens verder. "Als we deze switch van opruimen naar herstellen kunnen bespoedigen, kunnen we misschien ook het herstel van de patiënt versnellen."

Lees meer over:

Onze partners