Unicef: veel vooruitgang, maar tegen 2030 nog altijd 119 miljoen ondervoede kinderen

23/06/15 om 03:30 - Bijgewerkt om 04:55

Er is de afgelopen 15 jaar enorme vooruitgang geboekt voor het welzijn van kinderen wereldwijd, maar volgens Unicef mag ook niet naast de mislukkingen gekeken worden. Zo zullen er, bij gelijkblijvende verbetering, tegen 2030 nog altijd 119 miljoen chronisch ondervoede kinderen zijn.

Unicef: veel vooruitgang, maar tegen 2030 nog altijd 119 miljoen ondervoede kinderen

Anthony Lake, directeur van Unicef © REUTERS

Dat staat te lezen in "Progress for Children", het jongste rapport van VN-kinderrechtenorganisatie Unicef.

"De MDG's (Millennium Development Goals) hebben de wereld de kans gegeven om immense vooruitgang te boeken ten voordele van kinderen, maar ze hebben ons ook aangetoond hoeveel kinderen verwaarloosd worden", zegt Anthony Lake, algemeen directeur van Unicef. Het rapport legt uit hoe, ondanks de vooruitgang die geboekt werd, de kansenongelijkheid ertoe geleid heeft dat miljoenen kinderen in armoede leven, sterven voor ze vijf jaar zijn, niet naar school gaan en lijden aan chronische ondervoeding. Zo is ondervoeding bij kinderen wereldwijd met 41 procent gedaald sinds 1990, maar maken kinderen uit rurale gebieden vandaag de dag dubbel zoveel kans op een groeiachterstand als kinderen uit verstedelijkte gebieden.

HIV bij meisjes

"Indien de groeiachterstand aan dit tempo blijft afnemen, zullen tegen 2030 nog steeds 119 miljoen kinderen hier het slachtoffer van zijn", zegt Lake. Ook de armoede bij kinderen werd grondig gereduceerd, van 1,9 miljard kinderen in 1990 naar 1 miljard in 2015. Maar 1 miljard is nog altijd "veel te veel".

Ondervoeding blijft in grote delen van de wereld een probleem

Ondervoeding blijft in grote delen van de wereld een probleem © Reuters

In 1990 nog meer dan 100 miljoen kinderen geen basisonderwijs, terwijl dat in 2012 gezakt was tot 58 miljoen kinderen. Ook hier maakt Unicef een kanttekening: "Vandaag maken arme kinderen vijf keer meer kans om geen basisonderwijs te genieten dan rijkere kinderen." En ondanks de achteruitgang van 58 procent in HIV-besmettingen bij kinderen tot 14 jaar sinds 2001, maakten tienermeisjes in 2013 tweederden uit van alle besmettingen bij adolescenten.

Moeilijker te bereiken groep

"Er is inderdaad enorme vooruitgang geboekt. Desalniettemin vallen veel kinderen nog uit de boot", zegt Steven Lauwerier, vertegenwoordiger van Unicef in Somalië die het rapport in Brussel uit de doeken deed, "We moeten dan goed kijken hoe dat komt. Meestal heeft dat te maken met drie zaken: de geboorteplaats, het geslacht en de sociaal-economische context". Volgens Unicef is het probleem dat men niet ambitieus genoeg was in de MDG's. "Door brede wereldwijde doelstellingen voorop te stellen, moedigden de MDG's landen onbedoeld aan om de vooruitgang te meten met behulp van nationale gemiddelden. In hun haast om vorderingen te maken, focusten veel landen daarom op gemakkelijk te bereiken kinderen en gemeenschappen, en niet op de kinderen en gemeenschappen die in de grootste nood verkeerden. Hierdoor werd de nationale vooruitgang mogelijk vertraagd." Zo hoeft het niet te gaan, zegt Unicef. De organisatie vraagt om te focussen op meer investeringen en aandacht voor de moeilijkst te bereiken groepen. "Enkel zo kan er een gigantisch en blijvend verschil gemaakt worden in de levens van miljoenen uitgesloten kinderen. Focussen op gelijkheid is de enige manier om onze wereldwijde ontwikkelingsdoelstellingen te realiseren op een echt duurzame manier", aldus Lauwerier.

(Belga/RR)

Onze partners