Titanic fascineert 100 jaar later nog altijd

04/04/12 om 17:15 - Bijgewerkt om 17:15

Ooit al afgevraagd waar onze obsessie voor grote rampverhalen vandaan komt? Het begon een eeuw geleden, op een onzinkbaar gewaand schip, waar in amper 160 vreselijke minuten 1.500 zielen in de ijzige wateren van de Atlantische Oceaan verdwenen. En het orkest, dat speelde voort.

Titanic fascineert 100 jaar later nog altijd

© Reuters

Triomf, tragedie, moed en lafheid. Dat zijn de ingrediënten van het haast bijbelse verhaal van de gezonken Titanic op die fatale 15 april 1912. De tragedie van het luxestoomschip is daarom, net als alle Grote Verhalen van onze tijd, tijdloos.

Het 269 meter lange stoomschip RMS Titanic, 's werelds grootste en meest luxueuze passagiersschip uit die tijd, vertrok op 11 april vanuit het Ierse Queenstown naar New York met 2.224 passagiers en crew, 60.000 kilo vlees en vis, 800 kilo roomijs, 400 aspergescheppen en... slechts 20 reddingsboten.

Op 14 april om 23.40 uur voer de Titanic tegen een ijsberg. Om 2.20 ging het schip ten onder in de donkere Atlantische Oceaan en kwamen 818 passagiers, waaronder enkelen van Amerika's rijkste zakenlui, en 696 bemanningsleden om. Slechts 710 mensen overleefden.

Macabere vorm van entertainment

Niemand had ooit gedacht dat de Titanic kon zinken. 'Zelfs God zou het schip niet kunnen laten zinken', zou de kapitein van de Titanic, Edward John Smith, hebben gezegd'. Immers, de Titanic werd 'onzinkbaar' gewaand, een term die later een eigen leven zou gaan leiden. De oorspronkelijk omschrijving was 'praktisch onzinkbaar' en verscheen in een obscuur ingenieursmagazine.

Natuurlijk waren er al eerder catastrofes geweest, maar dit was meer dan nieuws, het was een macabere vorm van entertainment. Volgens overlevende Lawrence Beesley werd de ramp in de media zelfs veel dramatischer voorgesteld dan dat in werkelijkheid het geval was.

In zijn boek 'Loss of the SS Titanic' schrijft hij: "Het is zonder overdrijving als ik zeg dat diegenen die rustig thuis over de ramp lazen meer overmand werden door een horrorgevoel dan de mensen die effectief op het dek stonden en het schip zagen zinken." Volgens Beesley kwam het gevoel van angst bij de passagiers heel traag door een gebrek aan gevaarsignalen.

Van heldhaftig naar verachtelijk

Verhalen deden de ronde over heldhaftige rijken die in eerste klasse reisden en hun leven opofferden voor hun vrouwen en kinderen. Toch tonen de cijfers aan dat hoe armer iemand was, hoe minder kans hij had om te overleven. Zo kwam 60 procent van de eersteklasreizigers levend uit de ramp, van de tweedeklasreizigers overleefde 42 procent en amper 25 procent uit de derde klas kon het verhaal verder vertellen.

In de eerste decennia na de ramp werd met geen woord gerept over het dodental onder de verschillende klassen. Het was pas toen het boek 'A Night To Remember' van Walter Lord in 1955 verscheen dat het thema van de rigide klassenongelijkheid op de Titanic werd aangehaald. En tegen de tijd dat de Oscarwinnende film van James Cameron in 1997 in de bioscoopzalen kwam, werden sommige 'behulpzame rijken' afgeschilderd als verachtelijke egoïsten.

De mythe

Was de Titanic gezonken tijdens zijn derde of vierde oversteek, dan had het verhaal - hoe erg het ook klinkt - veel van zijn grandeur verloren. Maar wat het verhaal van de Titanic echt bijzonder maakt is dat veel van wat we ervan gehoord hebben, ook werkelijk waar is. De verhalen werden bevestigd door de overlevenden. Zo huldigde Ben Guggenheim zich daadwerkelijk in avondkledij om samen met zijn knecht te sterven met een glas whisky in de hand en de woorden: 'We've dressed up in our best and are prepared to go down like gentlemen' en vuurden bemanningsleden daadwerkelijk schoten af om de mannen te verhinderen aan boord te klimmen van de reddingsboten.

Tot op vandaag is de Titanic big business dankzij langspeelfilms, boeken, liedjes, poëzie en tentoonstellingen. Toeristen betalen duizenden dollars om de reis van de Titanic over te doen of om met Russische onderzeeërs naar het zeemansgraf van het schip te duiken. En de 100e verjaardag van het ongeluk wakkert die aantrekkingskracht alleen maar aan.

De zondebok

Het begin van de 20e eeuw was het hoogtepunt van het industriële tijdperk. Alles werd inderhaast gebouwd: auto's, wolkenkrabbers en gigantische schepen. De rederij White Star Line vocht een zware concurrentiestrijd uit met de Cunard Line en andere, dus moesten de Titanic en haar zusterschepen, Olympic en Britannic, de grootste, de beste en de meest luxueuze zijn - en 'onzinkbaar' natuurlijk. Maar de luxe won het van de veiligheid.

De regelgeving kon de technologische vooruitgang bovendien niet volgen. Hoewel een bepaald aantal reddingsboten vereist was, vreesden de ontwerpers van de Titanic dat die het zicht van de eersteklaspassagiers op de oceaan zouden verhinderen. Daarom waren er maar reddingsboten voor slechts de helft van de opvarenden.

Een Britse en een Amerikaanse onderzoekscommissie concludeerden dat de kapitein de ijsbergwaarschuwingen in de wind had geslagen en laakten de gedateerde veiligheidsvoorschriften met betrekking tot de reddingsboten. De boten werden bovendien niet ten volle gevuld waardoor nog eens 500 mensen hadden kunnen gered worden.

En het orkest?

Een van de meest fascinerende verhalen over de Titanic draait rond muziek. Het orkest onder leiding van Wallace Hartley speelde inderdaad verder om de passagiers moed te geven tijdens hun evacuatie, alleen zijn experts het niet eens over welk liedje de ondergang begeleidde. Geen enkele van de muzikanten overleefde. (TE)

Lees meer over:

Onze partners