Srebrenica 6 juli 1995: startschot voor een genocide

06/07/15 om 09:09 - Bijgewerkt op 02/07/15 om 21:01

In de zomer van 1995, twee jaar nadat de Verenigde Naties het tot een zogenaamde veilige zone omdoopten, werd de Bosnische stad Srebrenica het toneel van de gruwelijkste slachtpartij van de Bosnische oorlog. Een overzicht van de aanloop naar de genocide, vandaag exact 20 jaar geleden.

Srebrenica 6 juli 1995: startschot voor een genocide

Een vluchtelinge uit Srebrenica schreeuwt wanneer ze een container met zo'n 3.500 lijken binnenkomt. © Reuters

Dag op dag 20 jaar geleden begonnen verschillende gebeurtenissen elkaar op te volgen, wat uiteindelijk leed tot de val van Srebrenica en de moord op duizenden mannen en kinderen. Een overzicht. (Een grafische weergave vindt u in onze infografiek.)

6 tot 8 juli: Srebrenica onder vuur

Bosnische Servische troepen bezetten de enclave Srebrenica waar tienduizenden burgers hun toevlucht zochten nadat Serviërs eerder in het noordoosten van Bosnië een offensief gestart waren.

De burgers stonden onder de bescherming van ongeveer 600 lichtbewapende Nederlandse infanterietroepen. De brandstof begon op te geraken en er was geen verse voeding aan de enclave geleverd sinds mei.

Servische troepen begonnen gedurende die eerste dagen Srebrenica onder vuur te nemen. Bosnische islamitische strijders in de stad vroegen de vredesmacht om hun de wapens terug te bezorgen die ze hadden ingeleverd bij hun overgave. Maar dat verzoek werd afgewezen.

De Nederlandse commandant Thom Karremans riep het VN-hoofdkwartier in Sarajevo op tot 'dichte luchtsteun' nadat bommen en raketten dicht bij de vluchtelingencentra en observatieposten, bemand door de vredesmacht, beland waren.

Een Bosnische Serviër schiet met een zwaar machinegeweer bij de oostelijke Bosnische stad Sbrebrenica op 13 juli 1995.

Een Bosnische Serviër schiet met een zwaar machinegeweer bij de oostelijke Bosnische stad Sbrebrenica op 13 juli 1995. © Reuters

9 juli: gijzeling

De Bosnische Serviërs voerden de aanval op en zo'n 30 VN-soldaten werden gegijzeld.

10 juli: dreigen met NAVO-luchtaanval

Luitenant-kolonel commandant van Dutchbat, Karremans, vroeg de Verenigde Naties nogmaals om luchtsteun nadat Bosnische Serviërs Nederlandse posities aangevallen hadden. VN-commandant-generaal Bernard Janvier weigerde aanvankelijk, maar gaf dan toch toe na een tweede verzoek van Karremans. Servische aanvallen stopten voordat de vliegtuigen arriveerden en de bombardementen werden uitgesteld.

Toen de avond viel, waren er ongeveer 4.000 vluchtelingen in Srebrenica en er heerste paniek in de straten. Grote menigten verzamelden rond de Nederlandse posities.

De Nederlandse commandant deelde mee dat NAVO-vliegtuigen enorme luchtaanvallen zouden uitvoeren tegen de Serviërs als zij zich niet uit de veilige zone terugtrokken tegen 6u de volgende ochtend.

11 juli: ultimatum

De Servische troepen trokken zich niet terug en om 9u ontving kolonel Karremans een bericht uit Sarajevo dat stelde dat hij het verzoek tot luchtsteun op een verkeerd formulier had ingegeven. Om 10u30 bereikte de nieuwe aanvraag generaal Janvier, maar NAVO-vliegtuigen moesten terug naar de basis in Italië om bij te tanken omdat ze sinds 6u in de lucht hadden doorgebracht.

Vluchtelingen uit Srebrenica zijn op weg naar het transport van Potoc ari naar Kladanj op 13 juli 1995.

Vluchtelingen uit Srebrenica zijn op weg naar het transport van Potoc ari naar Kladanj op 13 juli 1995. © Reuters

Tegen de middag trokken meer dan 20.000 vluchtelingen - voornamelijk vrouwen, kinderen en zieken - naar het Nederlandse hoofdkwartier in Potoc ari.

Om 14u30 dropten twee Nederlandse F-16's twee bommen op Servische posities rondom Srebrenica. De Serviërs dreigden de Nederlandse gijzelaars om te brengen en vluchtelingen aan te vallen. Verdere luchtaanvallen werden daarop gestaakt.

De Bosnische Servische commandant Ratko Mladic kwam twee uur later Srebrenica binnen, vergezeld door Servische cameraploegen. 's Avonds riep generaal Mladic kolonel Karremans bij zich voor een vergadering. Daar stelde Mladic een ultimatum waartegen de moslims hun wapens moesten inleveren indien ze in leven wilden blijven.

12 juli: mannen en vrouwen gescheiden

Bussen arriveren om vrouwen en kinderen naar islamitisch territorium te brengen. Ondertussen beginnen de Serviërs met het apart nemen van alle mannen en jongens tussen de twaalf en 77 jaar oud voor 'verhoor over vermoedelijke oorlogsmisdaden'.

Naar schatting werden 23.000 vrouwen en kinderen gedurende de volgende 30 uur gedeporteerd. Honderden mannen werden in vrachtwagens en warenhuizen vastgehouden.

Ongeveer 15.000 Bosnische moslims hadden 's nachts gepoogd te ontsnappen uit Srebrenica, maar zij werden beschoten wanneer ze door de bergen vluchtten.

Een Bosnische vluchteling uit Srebrenica arriveert in Tuzla op 13 juli 1995.

Een Bosnische vluchteling uit Srebrenica arriveert in Tuzla op 13 juli 1995. © Reuters

13 juli: 5.000 moslims voor 14 peacekeepers

De eerste moorden op ongewapende moslims vonden plaats in een warenhuis in het naburige Kravica.

Peacekeepers leverden zo'n 5.000 moslims die in de Nederlandse basis van Potoc ari schuilden uit aan de Serviërs. In ruil lieten de Bosnische Serviërs veertien Nederlandse peacekeepers vrij die in de Nova Kasaba-basis vastgehouden werden.

16 juli: Nederlanders verlaten Srebrenica

De eerste berichten over de slachtpartij komen aan het licht wanneer de eerste overlevenden na een lange tocht uit Srebrenica in islamitisch territorium arriveren.

In de vijf dagen nadat de Bosnische Serviërs Srebrenica innamen, zouden meer dan 7.000 islamitische mannen gedood zijn. Daar ging het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) toch in 2002 vanuit. Het Bosnische herdenkingscentrum telde tot 2009, 8373 slachtoffers. Tot juli 2012 werden 6.838 van die slachtoffers geïdentificeerd

Na onderhandelingen tussen de Verenigde Naties en de Bosnische Serviërs mochten de Nederlanders eindelijk Srebrenica verlaten. Ze lieten wapens, voeding en medische voorraad achter.

Een vluchtelinge uit Srebrenica schreeuwt wanneer ze een container met zo'n 3.500 lijken binnenkomt.

Een vluchtelinge uit Srebrenica schreeuwt wanneer ze een container met zo'n 3.500 lijken binnenkomt. © Reuters

2 augustus 2001: veroordeling Krstic

De voormalige Bosnische Servische legercommandant Radislav Krstic wordt schuldig bevonden aan genocide vanwege zijn rol in Srebrenica. Het is de eerste veroordeling voor volkerenmoord in verband met het conflict in het vroegere Joegoslavië. Krstic moet 46 jaar de cel in.

Radislav Krstic arriveert voor het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag.

Radislav Krstic arriveert voor het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag. © Reuters


21 juli 2008: arrestatie Karadzic

De zelfverklaarde president van de 'Servische Republiek', Radovan Karadzic wordt gearresteerd in Belgrado waar hij schuilging als dokter. Hij wordt ervan beschuldigd het bevel gegeven te hebben tot etnische zuiveringen onder Kroaten en Bosnische moslims. Zijn proces is nog aan de gang.

Radovan Karadzic op een recenter archiefbeeld en in 1995.

Radovan Karadzic op een recenter archiefbeeld en in 1995. © Reuters


26 mei 2011: arrestatie Mladic

Ratko Mladic wordt in Lazarevo, in het noorden van Servië opgepakt. Ook zijn proces loopt nog in Den Haag.

Radko Mladic in 1993 en bij zijn arrestatie in 2011.

Radko Mladic in 1993 en bij zijn arrestatie in 2011. © Reuters

(WB via BBC en Radio Free Europe)

Lees meer over:

Onze partners