Libië biedt excuses aan voor bombardement Grieks schip

06/01/15 om 08:32 - Bijgewerkt om 08:31

Gevechtsvliegtuigen van de internationaal erkende Libische overheid hebben een Grieks schip gebombardeerd. Twee crewleden kwamen daarbij om. Libië heeft zich intussen verontschuldigd voor de 'vergissing'.

Libië biedt excuses aan voor bombardement Grieks schip

Brandweerlui staan voor een onmogelijke opdracht © REUTERS

Libische gevechtsvliegtuigen van de internationaal erkende overheid hebben een Griekse olietanker gebombardeerd. Daarbij kwamen twee crewleden om en raakten twee anderen gewond. Een escalatie in het aanhoudende geweld tussen verschillende facties die strijden om het bestuur van het land - dat nu twee regeringen en twee parlementen telt.

'Alle strijdende partijen ingelicht'

Het scheen om een vergissing te gaan. Ondertussen heeft Libië zich verontschuldigd voor de actie. Een woordvoerder van het leger, Ahmed al-Mesmari, verklaarde dat de vliegtuigen het schip al twee keer geraakt hadden voor de kust van de oostelijke havenstad Derna, voordat de overheid besefte dat het om een vaartuig van de lokale energiecentrale ging. Dat bericht de New York Times.

Het Griekse schip bevond zich in wateren van Derna, een stad die onder controle van islamistische extremisten is. Het leger vond, zo schrijft persagentschap Reuters, dat de olietanker zich vreemd gedroeg nadat al gewaarschuwd was de haven niet binnen te komen. Vermoed werd toen dat het militanten naar de oostelijke havenstad transporteerde. Maar het was het staatsbedrijf NOC dat beroep had gedaan op het schip om vanuit de westelijke oliehaven Brega brandstof naar Derna te vervoeren.

'Het NOC in Tripoli heeft ons niet geïnformeerd', beweerde al-Mesmari. 'De tanker had iets te maken kunnen hebben met terroristen of terroristen zouden het op zee kunnen hebben overgenomen. Dat is waarom we het gebombardeerd hebben', citeert Reuters.

Het nationale oliebedrijf houdt er echter aan vast alle strijdende partijen te hebben ingelicht over de Griekse tanker. Het incident zou nu een 'negatieve impact' hebben op binnenkomende tankers in Libische havens, meent het NOC.

'Identificeren en bestraffen'

De bombardementen beschadigden het schip, maar geen van de 12.600 ton zware olie lekte, zo meldde Aegean Shipping Enterprises Co. uit Athene. Wel vielen er twee doden bij het incident: een Grieks en Roemeens crewlid.

Griekenland veroordeelde de 'niet-uitgelokte en laffe' aanval en zei de gezant van de Verenigde Naties voor Libië en de Europese Unie te hebben gecontacteerd over het incident, aldus Reuters.

'De Griekse overheid zal alle nodige maatregelen nemen tegenover Libië, ondanks de onrust, zodat er duidelijkheid geschept kan worden over dit tragische incident. Zodat de aanvallers geïdentificeerd en bestraft kunnen worden en de families van de slachtoffers vergoed', luidde het statement van Griekenland.

Olieproductie neergehaald

Libië is het toneel van chaotisch geweld tussen twee parallelle overheden. Een officieel erkende overheid en verkozen parlement werden uit de hoofdstad Tripoli verjaagd naar Tobruk, een oostelijke havenstad op zo'n 150 kilometer van de Egyptische grens. Die regering heeft de steun gezocht van ex-rebellen in Zintan, bij Tripoli, en een voormalige generaal onder Moamar Kadhafi, Khalifa Haftar, die zich tegen islamisten verzet.

Tripoli zelf wordt nu door een zelfverklaarde regering gecontroleerd, geleid door de factie Libische Dageraad. Die bestaat uit militanten gelieerd aan de stad Misrata en heeft een voormalig parlement opnieuw aangesteld en neemt ministeries over, zo bericht Reuters.

Elke zijde heeft bovendien eigen verantwoordelijken aangeduid binnen het NOC en het ministerie van Olie, wat de verwarring over wie nu wat controleert, vergroot.

De strijd om de controle van olie in Libië heeft de productie van de 1,6 miljoen vaten per dag voor de burgeroorlog in 2011 herleid tot slechts 380.000 per dag. Bij een bijeenkomst van de Arabische Liga in het Egyptische Caïro, vroeg de verkozen regering de Arabische staten dan ook om tussen te komen en de olie-installaties van het land te beschermen.

Lees meer over:

Onze partners