Leven na een aanslag: een overlevende van Londen 2005 vertelt

29/03/16 om 15:50 - Bijgewerkt op 30/03/16 om 11:45

Bron: Knack

Uit het ergste kwaad kan iets nobels groeien. Die levensles leerde Mavis Hyman na 7/7, de datum die verwijst naar de zelfmoordaanslagen op de Londense metro in 2005. Miriam Hyman, een van de 56 dodelijke slachtoffers, leeft voort. Niet alleen in haar gedachten, maar vooral in een oogkliniek voor Indiase kinderen.

De aanslagen van 22/3 hebben niet alleen in Brussel levens en gebouwen verwoest, in Madrid en Londen hebben ze moeizaam geheelde wonden opengereten. Het is immers niet de eerste keer dat moslimterroristen het openbaar vervoer van een Europese hoofdstad in het vizier nemen. De aanslagen van 11 maart 2004 in Madrid blijven qua omvang en moorddadigheid zelfs ongeëvenaard. In volle ochtendspits ontploften in een tijdsspanne van twee minuten tien zware bommen aan boord van vier treinen. Balans: 192 doden en meer dan 2000 gewonden. De aan Al-Qaeda gelieerde daders bliezen zichzelf op toen ze enkele weken later door de politie werden belegerd. Daarmee staat '11M' als de eerste jihadistische zelfmoordaanslag op Europese bodem te boek. Een dik jaar later, op 7 juli 2005, was Londen aan de beurt. Drie zelfmoordterroristen sloegen toe op evenveel metrolijnen, een vierde liet zich een uur later aan boord van een dubbeldekker ontploffen. De trieste cijfers op '7/7': 56 doden en 700 gewonden.
...

Verder lezen?

Registreer u en lees elke maand gratis 4
artikelen.

Onze partners