'Hoe kunnen we weten wat noden van allerarmsten zijn, als ze op papier niet eens bestaan?'

13/07/15 om 11:51 - Bijgewerkt om 11:53

Jonge activisten van de ngo ONE gaven minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo (Open VLD) twee belangrijke boodschappen mee naar de VN-top in Ethiopië.

'Hoe kunnen we weten wat noden van allerarmsten zijn, als ze op papier niet eens bestaan?'

Anti-armoedeactivisten wuiven minister Alexander De Croo uit © ONE

In de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba start vandaag een belangrijke VN-top waar de basis gelegd moet worden voor de opvolgers van de millenniumdoelstellingen en de klimaatconferentie in Parijs. Gisteren vertrok vicepremier en minister voor Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo (Open VLD) vanuit de militaire luchthaven in Brussel naar het Oost-Afrikaanse land. Maar vooraleer hij op het vliegtuig stapte, nam hij de tijd om enkele jonge anti-armoedeactivisten van ONE, een lobby- en campagneorganisatie met bijna 7 miljoen leden, te spreken.

'We wilden hem niet alleen een fijne reis toewensen. Daarnaast wilden we De Croo eraan herinneren wat we van hem op deze cruciale top verwachten', verduidelijkt Heleen Callens, jeugdambassadeur bij ONE, aan Knack.be.

België voortrekkersrol

'De top in Addis Abeba is beslissend wat de financiering betreft. Want landen kunnen wel benadrukken dat ze zich willen inspannen om hun ontwikkelingsdoelen na te komen, maar zonder financiële steun komen we er niet', aldus Callens. 'Volgens ons gaan er te weinig middelen naar de lage-inkomenslanden, de landen in extreme armoede waar hulp onontbeerlijk is. Vijftig procent van alle ontwikkelingssamenwerking zou naar die landen moeten gaan.'

'Hoewel het waarschijnlijk wat risicovoller is om in zulke landen te investeren, mogen Westerse leiders hun verantwoordelijkheid niet ontlopen', stelt Callens.

Toch is ONE tevreden over de inspanningen die België levert. 'Want België speelt een voortrekkersrol.' Om zijn pleidooi voor meer hulp naar de minst ontwikkelde landen kracht bij te zetten, verwees de De Croo onlangs nog naar een recent OESO-rapport. Daaruit bleek dat de ontwikkelingshulp aan de minst ontwikkelde landen vorig jaar met 16 procent gedaald is. De OESO stipte aan dat België als een van de weinige landen tegen die trend ingaat.

'In buurland Nederland bijvoorbeeld gaat slechts 19 procent van het ontwikkelingssamenwerkingsbudget naar de minst ontwikkelde landen', voegt ONE toe.

Vooruitgang opvolgen

Voorts ijvert ONE voor een datarevolutie. Niet alleen moet er geld geïnvesteerd worden in ontwikkeling, het is bovendien erg belangrijk om de resultaten en vooruitgang op te volgen. 'Wereldwijd wordt 1 op 3 geboortes niet geregistreerd. Hoe kunnen we dan weten wat de noden van de allerarmsten zijn als ze op papier niet eens bestaan?'

Een standpunt waar De Croo zijn schouders graag onderzet. 'Als minister van Ontwikkelingssamenwerking én Digitale Agenda ben ik er rotsvast van overtuigd dat we de nieuwe digitale mogelijkheden moeten benutten om de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen wereldwijd te realiseren', klonk het.

De top, van 13 tot 16 juli in Addis Abeba, komt er voor in september in New York de knoop doorgehakt wordt over de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG's, naar Sustainable Development Goals). Die SDG's moeten de Millenniumdoelstellingen, die tot 2015 lopen, opvolgen.

Onze partners