Amnesty International beschuldigt Israël van oorlogsmisdaden

09/12/14 om 09:39 - Bijgewerkt om 09:40

Het Israëlische leger heeft oorlogsmisdaden begaan tijdens het Gaza-offensief afgelopen zomer. Een onderzoek moet worden ingesteld, zo vraagt mensenrechtenorganisatie Amnesty International.

Amnesty International beschuldigt Israël van oorlogsmisdaden

© REUTERS

Volgens mensenrechtenorganisatie Amnesty International heeft het Israëlische leger tijdens het offensief in de Gazastrook - operatie Protective Edge - afgelopen zomer oorlogsmisdaden begaan. Daarom moet een onderzoek worden ingesteld.

Het gaat met name over de vernieling van vier gebouwen gedurende de laatste vier dagen van de vijftigdaagse oorlog. Een schending van de internationale mensenrechten, stelt Amnesty volgens Agence France-Presse in een rapport.

'Moedwillig en onrechtvaardig'

'Uit al het bewijs dat we voorhanden hebben, blijkt dat die grootschalige vernieling moedwillig en zonder militaire rechtvaardiging gebeurde', verklaart Philip Luther, directeur van het Midden-Oosten- en Noord-Afrika-programma van de organisatie.

'Oorlogsmisdaden moeten onafhankelijk en onpartijdig onderzocht worden. Wie verantwoordelijk wordt geacht, moet berecht worden in eerlijke processen', zegt Luther tegen AFP. Het bewijs omslaat onder andere getuigenissen van het Israëlische leger destijds en geeft aan dat de aanvallen 'een collectieve straf waren voor de bevolking van Gaza'. En dat om hun bestaansmiddelen te vernietigen, besluit Luther.

Een van de vernietigde gebouwen was een commercieel centrum in Rafah. Het centrum huisde een kliniek, bureaus en een winkelcentrum. Honderden gezinnen waren erop aangewezen voor hun levensonderhoud, meent Amnesty International.

Bewoners of bezoekers van de gebouwen die vernield zouden worden, werden door het Israëlische leger gewaarschuwd en gevraagd het pand te verlaten. Ze hadden daarbij echter niet de tijd om belangrijke bezittingen mee te nemen.

Ook mensen in gebouwen uit de buurt raakten gewond. Honderden kwamen zonder woning op straat te staan, aldus de mensenrechtenbeweging.

Een van de gebouwen zou volgens Israël een commandocentrum van het Palestijnse Hamas bevat hebben. Een ander huisde 'faciliteiten gelinkt aan Palestijnse militanten', vervolgt het rapport.

Partijdigheid

Maar dat buiten beschouwing gelaten, 'was het Israëlische leger verplicht om te kiezen voor die methodes die de schade aan burgers en hun bezit zou minimaliseren', zegt Luther tegen het persagentschap. 'In het verleden heeft het Israëlische leger nog luchtaanvallen uitgevoerd tegen specifieke appartementsblokken, zonder die volledig met de grond gelijk te maken.'

Amnesty heeft zijn bevindingen over de luchtaanvallen aan Israël overgemaakt, inclusief vragen over waarom welke aanval werd uitgevoerd. Het land heeft volgens AFP nog niet gereageerd op het rapport. Wel heeft Israël eerder al geweigerd mee te werken aan een onderzoek van de Verenigde Naties (VN) naar oorlogsmisdaden ten tijde van het conflict. Israël beschuldigde de VN toen van partijdigheid.

Het leger heeft er echter zelf een reeks onderzoeken gelanceerd naar oorlogsincidenten, zoals onder andere het bombardement op een VN-school waarbij minstens vijftien mensen omkwamen. Ook het bombardement op een strand, waar vier kinderen bij werden gedood, werd aan het onderzoek onderworpen. Onderzoek dat volgens critici evenmin onafhankelijk wordt geacht.

Amnesty International vraagt Israël in zijn rapport om mensenrechtenorganisaties toegang te verlenen tot de Gazastrook en het onderzoek van de VN er 'ongehinderd te laten verlopen'.

Bij het conflict tussen Israël en militanten van Hamas in de Gazastrook afgelopen zomer - dat op 26 augustus na 50 dagen beëindigd werd - lieten 2.100 Palestijnen, vooral burgers, het leven. Aan Israëlische zijde vielen 73 doden, onder wie 67 soldaten.

Onze partners