4 redenen waarom Assad nog steeds stevig in het zadel zit

26/02/14 om 21:38 - Bijgewerkt om 21:43

De Syrische president Bashar al-Assad zit nog steeds stevig in het zadel, terwijl hij strijdt tegen een grotendeels door het Westen gesteunde opstand, zeggen militair analisten en diplomaten in het Midden-Oosten.

4 redenen waarom Assad nog steeds stevig in het zadel zit

© Reuters

Toevoer van wapens uit Rusland. Politieke en militaire steun uit Iran en van de Libanese militante groep Hezbollah. Sterke verdeeldheid tussen rebellengroepen. Een loyaal leger. Het zijn de vier belangrijkste redenen waarom Assad van geen wijken wil weten.

"Assad is de Verenigde Staten en Westerse machten te slim af", zegt een Arabische diplomaat die anoniem wil blijven. De vredesbesprekingen in Genève eindigden vorige week in een mislukking en als er geen ingrijpende veranderingen plaatsvinden in Syrië, zal Assad aan het bewind blijven, zegt hij.

Paul Sullivan, hoogleraar economie aan de National Defence University (NDU), zegt dat Assad alleen zal vertrekken als het leger een de inlichtingendiensten zich tegen hem keren. Gezien het feit dat het grootste deel van de leiding van het land behoort tot de Alawieten, een islamitische stroming, zal dit op hoog niveau niet snel gebeuren, zegt Sullivan. Veel lagere officieren en soldaten zijn echter soennitisch. Dat is ook waar de tijdbom tikt voor Assad.

Oppositie opereert wanordelijk

Wapens, geld en andere steun voor het regime van Assad komt uit Iran, van Hezbollah en zelfs uit landen als Irak. De Russische wapenexport naar Syrië ligt momenteel veel lager dan voor de uitbraak van het conflict. "De oppositie is sterk verdeeld, verwikkeld in twisten en slaagt er niet in Assad te verdrijven. Dat is in het voordeel van Assad, meer nog dan de wapenimport. De oppositiegroepen zijn zelf hun grootste vijand."

Assad hoeft volgens Sullivan geen verdeel-en-heersstrategie te volgen. "Dat doet de oppositie al voor hem."

De oppositiegroepen, inclusief de Hoge Militaire Raad, het Vrije Syrische Leger en de splintergroep Syrisch Revolutionair Front, het Nusafront, de Syrische Nationale Coalitie, het Islamitisch Front en de Islamitische Staat van Irak en al-Sham, opereren wanordelijk.

Toen Assads vader Hafez al Assad in 1971 aan de macht kwam, onderhield Syrië goede banden met de toenmalige Sovjet Unie via een vriendschapsverdrag. Syrische militairen werden bewapend met zware wapens uit Rusland, inclusief MiGs en Sukoi-gevechtsvliegtuigen, helikopters, fregatten, patrouilleboten, raketten, gevechtstanks, pantservoertuigen, raketwerpers en mortieren.

Bommen gemaakt in Syrië

William D. Hartung, directeur van het Arms and Security Project van het Centre for International Policy (CIP), zegt dat een stop op wapenimport uit Rusland de gruwelijkheid van de oorlog kan beperken en levens kan redden. Alleen al om die reden is het belangrijk daarop aan te dringen, zegt hij. "Maar gezien het huidige arsenaal van Assad en zijn vastberadenheid aan de macht te blijven, is het niet gezegd dat de oorlog ermee bekort wordt."

Zowel de Verenigde Staten als de Verenigde Naties hebben scherpe kritiek geuit op de aanvallen van het regime-Assad op burgers. Vooral het gebruik van zogenoemde 'barrel bombs', vaten met explosieven in dichtbevolkte gebieden, leidde tot internationale verontwaardiging.

Pieter Wezeman, onderzoeker bij het Arms Transfers Programme van het Stockholm International Peace Research Institute (SIPRI), vermoedt dat die bommen in Syrië zijn gefabriceerd. "Ik verwacht niet dat Rusland zoiets levert." Alles wijst er echter wel op dat Rusland in de afgelopen vijf jaar de belangrijkste wapenleverancier van het Syrische regime was.

'Geruïneerd land'

Sullivan noemt Syrië een "geruïneerd land." Als Assad valt, is er zeer waarschijnlijk geen verenigde en georganiseerde oppositie om het roer over te nemen. "Dat kan leiden tot grote chaos en meer conflicten."

De Verenigde Staten en de Europese Unie hebben in deze situatie "geen ruggengraat getoond", zegt hij. Rusland is het Westen te slim af geweest, maar de Amerikaanse en Europese leiders hebben zo weinig benul van de situatie dat ze dat zelf niet eens zien. "Geld sturen naar vluchtelingen, het geweld afkeuren en verder niets doen behalve buigen voor de Russen als het over Syrië gaat. Dat is geen beleid. Dat is een schande." (IPS/AVE)

Lees meer over:

Onze partners