Ewald Pironet
Ewald Pironet
Senior writer van Knack
Opinie

17/01/12 om 14:53 - Bijgewerkt om 14:53

We moeten springen

De inspanningen die België moet leveren om in 2012 zijn begrotingstekort onder de 3 procent te brengen, worden met de dag groter. Nu blijkt dat we een veel slechtere uitgangspositie hebben dan gedacht, zodat er nog eens extra gesaneerd moet worden.

Tot voor kort zag het officiële regeringsscenario van Di Rupo I om het begrotingstekort terug te dringen er als volgt uit. In 2011 werd de begroting afgesloten met een tekort van 3,6 procent van het bbp. Europa vraagt dat we 2012 afsluiten met een tekort van maximaal 3 procent, maar de regering wou beter doen en streeft naar een tekort van 2,8 procent. Daarom moet er voor 11,3 miljard gesaneerd worden. Bij dat alles gaat de regering-Di Rupo uit van een economische groei van 0,8 procent.

Het was al van meet af aan duidelijk dat de regering uitging van veel te hoge economische groeicijfers, want in plaats van 0,8 procent groei spreken heel wat economen en ook de Nationale Bank van een bijna nulgroei in 2012. Dat scheelt natuurlijk in de inkomsten en uitgaven van de overheid. Het duurde even voordat de regering dat wou toegeven, maar ondertussen is toch voor 25 februari een begrotingsherziening gepland, en minister van Begroting Olivier Chastel (MR) heeft al gezegd dat dan wordt uitgegaan van een groei van 0,3 procent.

Maar nu blijkt dat we ook nog eens vanuit een veel slechtere positie vertrekken dan tot nu toe werd gedacht. Het begrotingstekort over 2011 is niet 3,6 procent maar wel 4 procent van het bbp, zo maakte de regering vorige week bekend. Dat het resultaat slechter is dan voorzien, heeft volgens minister Chastel vooral te maken met de vereffening van de Gemeentelijke Holding, een minder goede evolutie van de fiscale inkomsten, en de nucleaire bijdrage van 250 miljoen die in 2011 nog niet op de rekening kwam. Dat grotere tekort betekent wel dat de regering-Di Rupo dit jaar een nog veel grotere inspanning zal moeten leveren om het tekort naar 2,8 procent te brengen.

Hoeveel miljarden de regering-Di Rupo nu extra moet vinden, is nog niet helemaal duidelijk, maar het gaat minstens om 1,3 miljard euro en meer dan waarschijnlijk om meer dan 2 miljard euro. Dat komt dus boven op de 11,3 miljard saneringen waarover al beslist is, en pijnloos zal die operatie niet zijn. Al hoor je op het kabinet van Chastel al dat het geen fetisj meer is om het begrotingstekort in 2012 af te sluiten op 2,8 procent, omdat Europa tevreden is met een tekort van 3 procent. Met andere woorden: er wordt aan gedacht om de eigen doelstellingen wat te versoepelen, maar meteen zou dan ook elke reservemarge weg zijn.

Om die noodzakelijke extra miljarden te vinden, wordt steeds vaker gedacht aan een indexsprong: het opschorten van een automatische indexaanpassing. Eind januari zal de spilindex overschreden worden en dan worden in principe ook de sociale uitkeringen en de overheidslonen verhoogd. Die operatie kost de federale regering dit jaar ruim 1 miljard euro. En ook al boeten we met een indexsprong in aan koopkracht, het levert de overheid wel in één klap een smak geld op, en we winnen ook nog aan concurrentiekracht. De socialisten willen van zo'n indexsprong nog niet echt horen, zij denken eerder aan een veralgemening van de meerwaardebelasting, die nu beperkt is tot vennootschappen die aandelen verkopen. Dat ligt dan weer moeilijk bij de liberalen. De vraag is of zowel een indexsprong als een veralgemening van de meerwaardebelasting niet noodzakelijk is. Niet alleen omdat dan alle politieke partijen zowel toegevingen moeten doen als hun slag thuishalen, maar vooral omdat we er anders niet in zullen slagen de begrotingsdoelstellingen voor 2012 echt te halen.

Ewald Pironet

Onze partners