Marc De Vos (UGent)
Marc De Vos (UGent)
Directeur van de denktank Itinera en docent aan de UGent
Opinie

14/06/10 om 18:10 - Bijgewerkt om 18:10

We kruisen de vingers

Speculatie is een factor, maar de koolmijnramp is niet de schuld van de waarschuwende kanarie.

Terwijl u deze regels leest, wordt wellicht koortsachtig gespeculeerd over de regeringsvorming. Het volgende kabinet staat voor epische uitdagingen: een diepgaande staatshervorming voor stabiliteit en beter bestuur, zowat de grootste besparingsoperatie uit de vaderlandse geschiedenis en lang uitgestelde hervormingen die sociale zekerheid, economie, arbeidsmarkt, overheid en fiscaliteit structureel moeten verbeteren.

We kruisen de vingers. En dat geldt ook voor de internationale scène. De stoorzender die het scenario nog verder kan compliceren, is immers de economie in Europa en daarbuiten. Tot voor kort leek de wereldeconomie, die in 2008 nog op het randje van een echte depressie had gestaan, een nieuwe adem te hebben gevonden. Groeilanden zoals China en India bleven doorstomen en mede daardoor veerden de Verenigde Staten en Japan weer overeind. Europa ging wel trager, maar niettemin in dezelfde richting.

Dit beeld van een wereld die sneller en algemener dan verwacht aanknoopt met nieuwe groei, kan nog altijd aanhouden. Maar er zijn factoren opgedoken die het gevaar van een nieuwe dip vergroten, vooral in Europa. De belangrijkste is die van de overheidsschuld. Zowat alle ontwikkelde landen hebben de financiële crisis, veroorzaakt door excessieve privéschulden, beantwoord met een beleid van grote publieke schulden. De hoop was dat daarmee snel een nieuwe expansie zou komen, die de schulden geleidelijk zou uitgommen. In Europa, met Griekenland en andere zuiderse landen op kop, blijkt die hoop nu ijdel. Het economisch potentieel is gewoon structureel onvoldoende. Daarom moet nu massaal bespaard worden om een nefaste schuldspiraal te vermijden.

Op middellange termijn zullen besparingen renderen als ze gekoppeld worden aan noodzakelijke hervormingen die het economisch potentieel verbeteren. Op korte termijn zetten ze een domper op een ontwikkeling die nu eenmaal op schuld is gebouwd. Daarenboven is het schuldprobleem zo groot dat het de euro en de financiële instellingen bedreigt. In de nasleep van de mondiale financiële crisis heeft de banksector in Europa veel minder kapitaal bij opgebouwd en schulden afgebouwd dan in de Verenigde Staten. Daardoor is deze vitale bloedbaan van onze economie nog kwetsbaar. Een groot deel van de publieke schuld van de zwakke Zuid-Europese landen zit daarenboven bij diezelfde Europese banken. Zowel overheid als banken verkeren dus in geldnood, terwijl de euro internationaal status verliest en dus minder investeerders trekt. Een nieuwe en vooral Europese crisis is dus niet denkbeeldig. In elk geval blijft onrust de stroom van investeringsmiddelen naar de reële economie vertragen, met de bekende gevolgen voor groei en banen.

Naast het schuldenvraagstuk nijpt de onzekerheid nog op diverse andere fronten. Zal Griekenland wel slagen in het draconische besparingsplan, of volgt uiteindelijk toch een schuldherschikking met serieuze verliezen voor de Europese banksector? Hoe en waar moet het geld vandaan komen als er effectief een beroep moet worden gedaan op het Europese reddingsfonds van 750 miljard, dat vooralsnog een papieren belofte is? Hoe zwaar zal het internationaal opbod aan nieuwe belastingen en strengere regels voor financiële markten uiteindelijk wegen? Hoe duurzaam is de groei in China, waar de overheid nu drastisch heeft ingegrepen om oververhitting en zeepbellen in de bouwsector te vermijden? Wat zijn de geopolitieke risico's van bijvoorbeeld een nucleair Iran en halsstarrig Noord-Korea? En wat met de Verenigde Staten, die druk op weg zijn naar een overheidsschuld van Europese omvang en waar nu ook gewaarschuwd wordt dat de economische groei van morgen onvoldoende zal zijn om de schulden van vandaag uit te wissen?

Eén zaak is zeker: België en andere ontwikkelde landen hebben hun kruit intussen verschoten. Als de economie opnieuw dipt, kan de overheid niet andermaal bijspringen. Er is dus geen alternatief voor besparen en hervormen. Een stevige en daadkrachtige federale regering is een must.

Marc De Vos

Onze partners