31/07/12 om 15:15 - Bijgewerkt om 15:15

Vrijlating Michèle Martin: revolte of rechtstaat?

De emotie van vader Marchal is begrijpelijk. Maar zijn bedreiging, die eigenlijk een rechtstreekse belofte is om het recht in eigen hand te nemen, is onaanvaardbaar.

Vrijlating Michèle Martin: revolte of rechtstaat?

© Belga

Michèle Martin komt vrij... 'Een donderslag bij heldere hemel', heette het vanmorgen. Vreemd, want deze vervroegde invrijheidsstelling hing al sinds mei 2011 in de lucht. Het was een kwestie om de strenge voorwaarden die Martin werden opgelegd, te vervullen. Die voorwaarden zijn niet gering: de opsluiting in de gevangenis wordt eigenlijk vervangen door een opgelegde verbanning. Een vorige poging mislukte 'dankzij' de sensibilisering van sommige ouders van slachtoffers.

Het feit dat Martin, na 16 jaar opsluiting, onder voorwaarden 'vrij' mag, roept bij hen een gevoel van revolte op. Het gaat niet om het gevaar dat Martin (nog) voor de maatschappij betekent of om de dreiging die van haar zou uitgaan. Neen. Het gaat om een subjectief gevoel van onrechtvaardigheid. Een vrouw die aan de meest gruwelijke daden heeft meegewerkt, mag het recht niet krijgen om niét opgesloten te zitten.

De uitspraak van 22 juni 2004 die Michèle Martin tot 30 jaar veroordeelde, was een uitspraak in een rechtsstaat. Meer nog. Het was een veroordeling door een assisenhof, een burgeruitspraak. Democratischer kan het niet, al wordt deze vorm van democratie steeds meer in vraag gesteld. Het is een assisenjury die geoordeeld heeft, het waren burgers. Een rondvraag indertijd heeft bovendien aangetoond dat net toen de burger - meer dan ooit - vond dat hij en alleen hij over Dutroux en consoorten mocht oordelen. Diezelfde burger belooft vandaag een openlijke heksenjacht.

De uitspraak van 30 jaar in 2004 betekende toen al bijna onvermijdelijk dat er een moment zou komen waarop Michèle Martin voorwaardelijk vrij zou komen. Zo zit de Belgische rechtspraak nu eenmaal in elkaar. De voorwaardelijke invrijheidsstelling (VI) geeft de maatschappij de kans om de veroordeelde verder te blijven volgen, voorwaarden op te leggen, die strikt te controleren en categoriek op te treden als die niet worden gevolgd.

"Waar Michèle Martin zich ook verstopt, ik zal haar overal vinden", liet Paul Marchal eerder nog weten. Ik begrijp zijn emotie, ik begrijp zelfs zijn uitlating. Maar zijn bedreiging, die eigenlijk een rechtstreekse belofte is om het recht in eigen hand te nemen, is onaanvaardbaar. Het zijn zulke uitlatingen, ingegeven door immens en begrijpelijk verdriet, die pas een echte bedreiging zijn. Dit mogen we niet accepteren.

Ik was jaren parketverslaggever. Dutroux heeft mijn hele carrière beheerst. Al die jaren heb ik het verdriet van de ouders gezien, hun pijn, hun machteloosheid. Maar ik heb ook de pijn en het verdriet van de ouders van Loubna Benaïssa gezien, op 9-jarige leeftijd vermoord door Patrick Derochette, maar pas jaren later gevonden. Ik ben meegegaan met Marie-Noëlle Bouzet naar de Canarische Eilanden, in een vruchteloze zoektocht naar haar 12-jarig dochtertje Elisabeth Brichet. De vrouw van Elisabeths moordenaar - Monique Olivier - werd tot levenslang veroordeeld, maar met de mogelijkheid tot vervroegde vrijlating. Ook zij zal op een dag onder voorwaarden vrij komen. Is het lijden van de ouders van Loubna en Elisabeth anders of minder? Is het lijden van ouders die minder mondig, minder 'pers'-gevoelig of minder prominent publiek aanwezig zijn minder groot?

Wij leven in een rechtsstaat. Elke dag komen, door onze zelf gestemde wetten, mensen voorwaardelijk vrij. Daar zijn strikte regels voor, zoals een parket-generaal dat naar het Hof van Cassatie kan trekken, wat ook hier is gebeurd. Je kunt een rechtspraak niet laten afhangen van de graad van sympathie of antipathie die een familie of een dader oproept. Dat de discussie over de VI opnieuw oplaait, is goed. Maar laat het een democratische discussie zijn met een democratisch, rechtsgeldig antwoord. Ik kan nu eigenlijk alleen maar hopen dat het klooster waar Martin zich voor de wereld gaat verbergen, niet zwicht voor deze publieke druk. Ze is onterecht.


Désirée De Poot werkte 10 jaar als parketjournaliste. Ze volgde de zaak-Dutroux vanaf de eerste dag, bij de bevrijding van Sabine en Laetitia, tot de laatste dag, bij de veroordeling van Dutroux en Co.

Onze partners