Marc De Vos (UGent)
Marc De Vos (UGent)
Directeur van de denktank Itinera en docent aan de UGent
Opinie

26/09/11 om 10:08 - Bijgewerkt om 10:08

Van G-20 naar G-0

We beleven het vierde jaar van de eerste grote crisis van de economische globalisering die na de val van het communisme spectaculair doorbrak.

De globalisering is als een vliegtuig waar we allemaal in zitten. Lange tijd ging het heel goed met de machine: groei en werkgelegenheid namen wereldwijd toe, armoede nam globaal af. Het vliegtuig ging hoog en snel. Maar ineens was daar de crisis: enorme en onvoorziene turbulentie. Het vliegtuig dook naar beneden. Dat was het moment waarop we collectief moesten vaststellen dat het vliegtuig niet alleen geen piloot had, maar zelfs geen cockpit.

Wat te doen? Met de financiële markten in totale paniek, werd inderhaast een cockpit bijeen getimmerd terwijl het vliegtuig in vrije val ging. Ziedaar de G-20, de groep van de twintig economisch belangrijkste landen. In het heetst van een crisis die iedereen bedreigde, vonden deze grote jongens voldoende eensgezindheid om de wereldeconomie te redden van de Grote Depressie 2.0.

Enkele jaren en vele mediagenieke meetings in vele hoofdsteden verder, is de G-20 weinig meer dan een praatbarak geworden. Het gedeelde belang van collectieve crisis is weg. Er is een enorme kloof tussen het eens zo zelfzekere Westen - dat zichzelf in nesten heeft gewerkt - en de nieuwe groeilanden die vooralsnog hun Gouden Eeuw aan het beleven zijn. Er worden nog wel ronkende verklaringen afgelegd, maar er volgt nog bitter weinig actie.

Vorige week deed de G-20 Washington aan, waar de dreigende donderwolken boven de wereldeconomie vooral peptalk opleverden. Al genoeg om de markten even te laten opfleuren, maar totaal ondermaats om iets te veranderen aan de grondoorzaken van de globale onrust. Tussendoor schooide Europa er bij de groeilanden om geld voor de schuldfinanciering van de eurozone : de ultieme illustratie van hoe de mondiale machtsverhoudingen op korte tijd in ons nadeel zijn gekeerd.

Ondertussen hebben we een spin-off van nog selectere clubjes : een G2 tussen de VS en China, een andere G2 tussen China en Rusland, een G-BRIC tussen Brazilië, Rusland, Indië en China, enzomeer. De globalisering krijgt geen globale aansturing, maar een wirwar van belangengroepjes die voor eigen winkel rijden. We leven in wat de " G-0 wereld " wordt genoemd: zonder overkoepelend economisch model, zonder overkoepelende politieke agenda en zonder de dominantie van een bepalende supermacht. Getuige de immer in het rond draaiende Doha-ronde voor een volgend globaal vrijhandelsakkoord dat er maar nooit komt.

De moraal van dit verhaal is dat de crisis ook een institutionele crisis is: de economische realiteit is de politieke realiteit voorbij gestoken. Zonder een afdoend internationaal institutioneel kader speelt het spel van nationale en regionale belangen vrijuit. Dat is het geval met de Euro en het is net zo met de globalisering in het algemeen. Het ondermijnt ons vermogen tot oplossing, het verergert de crisis nodeloos en het zal op langere termijn de terugkeer naar een eerlijke en open internationalisering van de economie bemoeilijken. Daarvoor zullen we allemaal de rekening betalen, met minder welvaart en meer politieke instabiliteit. Het post-1989 gevoel is definitief verloren.

Marc De Vos doceert aan de UGent en is directeur van de denktank Itinera ( www.itinerainstitute.org ). Hij schrijft deze wekelijkse column in eigen naam. Twitter @devosmarc

Onze partners