23/10/12 om 12:02 - Bijgewerkt om 12:02

Van budgetcontrole naar budgetcontrole

De gezondmaking van de overheidsfinanciën heeft stilaan veel weg van sisyfusarbeid. Dat heeft de regering-Di Rupo in niet geringe mate aan zichzelf te danken.

De regering-Di Rupo buigt zich opnieuw over de gezondmaking van de overheidsfinanciën. In 2015 zouden ze in evenwicht moeten zijn, maar het budgettaire traject in die richting heeft stilaan veel weg van sisyfusarbeid. Dat heeft de regering in niet geringe mate aan zichzelf te danken.

Voor de zomer vond vicepremier en minister van Financiën Steven Vanackere het zowat als enige opportuun om op dat moment al een begrotingsoefening voor de komende twee jaar te maken.

Premier Elio Di Rupo en de rest van zijn regering lieten de bevolking liever met een optimistische noot over de economie en de financiën van het land aan de vakantie beginnen. In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen was er helemaal geen behoefte aan onaangename boodschappen en onpopulaire maatregelen, toch? Gouverneur Luc Coene van de Nationale Bank werd de levieten gelezen toen hij alsnog met een recessievoorspelling roet in het eten kwam gooien. De Europese controlekalender werd met gemak aan de kant geschoven.

De waarschuwing van Vanackere dat de afwas beter niet blijft staan tot de dag na het feest, heeft niets uitgehaald. De afwas is intussen flink aangekoekt en is nog nauwelijks proper te krijgen. De economische groei is stilgevallen. De berichtenstroom over bedrijfsherstructureringen en ontslagen neemt onheilspellende vormen aan. De concurrentiekracht van de ondernemingen verzwakt. De met veel poeha aangekondigde relancestrategie van de regering-Di Rupo zet tot nader order weinig zoden aan de dijk.

De gevolgen voor de overheidsfinanciën zijn door een ambtelijk monitoringcomité in harde cijfers omgezet. Om de met Europa afgesproken tekorten te respecteren, moet de federale regering voor dit jaar nog snel 800 miljoen euro extra bij elkaar sprokkelen. Voor 2013 moeten alle overheden samen (federaal, regionaal en lokaal) minstens 4,5 miljard zien te vinden. In 2014 loopt die gezamenlijke inspanning volgens het comité zelfs op tot 8 miljard.

Al die besparingsramingen gaan voor de komende twee jaar dan nog uit van een economie die weer aantrekt, maar alvast bij het Internationaal Monetair Fonds hebben ze daar geen goed oog in. Bij de bedragen is bovendien noodgedwongen abstractie gemaakt van de effecten van de nieuwe staatshervorming en de gewijzigde financieringswet, omdat de regering-Di Rupo daar nog een hele tijd de handen mee vol heeft. Ze anticiperen ook nu niet op de meerkosten van de vergrijzing in de gezondheidszorg en de pensioenen. Die blijken telkens weer onderschat te zijn. Door schuldig verzuim blijven ze een zorg voor later.

Van de regering-Di Rupo moet helaas ook geen doortastende aanpak verwacht worden. Om het begrotingstekort dit jaar onder 3 procent van het bruto binnenlands product te drukken, is het rekenwerk al drie keer overgedaan. Maar nog is dat geen garantie dat de budgettaire doelstelling in de eindafrekening bereikt wordt. Elke keer weer is het zoeken naar een mix van nieuwe belastingen, besparingen, het uitstellen van uitgaven, het vervroegen van fiscale inkomsten en andere eenmalige ingrepen. Voor de federale begroting van 2013 zal het niet anders zijn en zal het gesukkel van budgetcontrole naar budgetcontrole voortduren.

De zes coalitiepartijen in de regering-Di Rupo hebben zich elk met een klein deel van hun accenten opgesloten in een moeizaam bereikt regeerakkoord. Meer is niet mogelijk. Daarop lopen fundamentele ingrepen vast om te komen tot een minder duur en efficiënter overheidsapparaat, een transparante en rechtvaardige fiscaliteit, een wezenlijke verlaging van de arbeidskosten voor een competitieve economie met meer mensen die actief zijn en dat ook langer doen. De regering-Di Rupo werkt niet structureel. Ze bricoleert.

Patrick Martens

Onze partners