16/12/10 om 11:15 - Bijgewerkt om 11:15

Tussen hemel en hel. Sterven in de middeleeuwen

Tussen hemel en hel. Sterven in de middeleeuwen (****) in de KMKG is een vermakelijke expo rond de dood.

Tussen hemel en hel. Sterven in de middeleeuwen

© Musée du Grand Curtius

Tussen hemel en hel. Sterven in de middeleeuwen (****) in de KMKG is een vermakelijke expo rond de dood.


The end


Tussen hemel en hel. Sterven in de middeleeuwen, een expo van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, bleek aanvankelijk in de planningsfase voor wat consternatie te zorgen: "Is dit wel een leuk onderwerp voor een expo?" We gaan graag het thema uit de weg en tegelijkertijd voelen we ons geniepig aangetrokken tot het morbide. Al een geluk dat de commissarissen van de expo voet bij stuk hielden, het blijkt een degelijk uitgekiende vertelling rond de middeleeuwse dood geworden te zijn.


De middeleeuwen en de dood is een onlosmakelijk duo. Niet dat men er ooit aan kan ontsnappen, maar toen zeker niet. De mortaliteit lag beduidend hoger. Pest en oorlogen waren twee kardinale oorzaken van die dodelijke eeuwen. Maar ook slechte hygiëne en een slabakkende medische wetenschap hadden kwalijke gevolgen.


De middeleeuwen


Men koos het tijdvak van de middeleeuwen als afbakening van het onderwerp. Wil men geen oppervlakkig verhaal vertellen, dan is een afbakening van een onderwerp, dat in principe alle kanten uitkan, noodzakelijk. De term middeleeuwen lijkt dan misschien wel monolithisch te zijn, dat lange millennium was nochtans verbluffend veelzijdig. Hoe is het dan nog mogelijk dat men in de geschiedschrijving zo'n buitenproportionele temporele afbakening - al is die zeer handig - blijft handhaven?


Voor deze expo koos men een verdere geografische opdeling (Noordwest-Europa) om het probleem van de onoverzichtelijkheid van dergelijk tijdvak te tackelen. Dan nog blijft de uitgangspositie ambitieus. Hoe vertel je een visueel verhaal over de dood? Wat toon je dan? Welke thema's behandel je? De makers van deze tentoonstelling hebben getracht om zo volledig mogelijk en multidisciplinair te werk te gaan. Men slaagt daar zelfs in. Vier hoofdstukken brengen structuur: de oorzaken van de dood, begrafenisrituelen, grafmonumenten en geloofsopvattingen.


Grafcultuur


Het blijkt dat Brugge niet enkel in de vijftiende eeuw een leidinggevend kunstcentrum was. Via het genre van de funeraire schilderkunst werd Brugge koersbepalend. Vanaf circa 1270 ontstond in dit zeer beperkte gebied het gebruik om graven binnenin te beschilderen met de frescotechniek. Brugge beïnvloedde hiermee steden als Lille, Lübeck en Keulen. Zelfs over het Kanaal vond men sporen van deze bijzondere grafkunst.


Het waren de kerk, en vooral de kloosterorden, die mensen ertoe aanzetten om zich in en rond de kerk te laten begraven. Dat was namelijk financieel bijzonder aantrekkelijk: de een zijn dood is ... . Het ging niet om een fijn afgewerkte schildering van een Madonna of de kruisiging. De dode werd op de dag van het overlijden of de dag erna begraven. Het moest dus vooruitgaan.


Expo


Ritmisch zit deze expo goed, ook al is dat door de keuze van uiteenlopende media niet evident. Het oog wordt genoeg verwend en de stukken en thema's zijn gevarieerd. Die verwennerij gold niet de slecht of zelfs nauwelijks uitgelichte tekstbordjes. Men beloofde om het probleem op te lossen.


Op het einde van de expo zit een minutieus gesneden skelet op zijn eigen graftombe. Het ivoren kleinood is een geraamte dat nukkig en verveeld tegen een zandloper leunt. Terwijl wij het levenseinde een onvergeeflijke constructiefout vinden, was een memento mori voor de middeleeuwer redundant. De dood waart rond in het Jubelpark en dat is voor een keer een goede zaak: het ultieme taboe is doorbroken.

Tussen hemel en hel. Sterven in de middeleeuwen
Tot 24/4
Jubelparkmuseum, KMKG Brussel
Website
Matthias Depoorter

Onze partners