Ludo Bekkers

The Family of Man: de meest spraakmakende fototentoonstelling ooit

Ludo Bekkers Kunst- en fotografierecensent

Wellicht de meest spraakmakende fototentoonstelling ooit is de “The Family of Man” geweest die in 1955 werd geconcipieerd door Edward Steichen (1879-1973).

Steichen was zelf fotograaf maar ook schilder, galerist en museumconservator. In die laatste functie bij het MOMA in New York ontwierp hij de nu legendarische expo. Het was zijn bedoeling om, na de tweede wereldoorlog, het publiek weer moed te geven door de nadruk te leggen op het humanitaire aspect van de samenleving.

Zijn geesteskind werd aangekondigd als “De grootste fotografische tentoonstelling aller tijden, 503 beelden uit 68 landen, ontworpen door Edward Steichen van het Museum of Modern Art” Van 1955 tot 1966 reisde de show de wereld rond in 69 landen en trok meer de 10 miljoen bezoekers die 2 oe miljoen catalogi kochten. In een avant-gardistische setting waren zowat alle, destijds beroemde, fotografen samengebracht in een thematische volgorde met werk dat later iconisch werd. De titel werd in de originele catalogus door de dichter Carl Sandburg zo geduid : “De eerste schreeuw van een pasgeboren baby in Chicago of Zamboango, in Amsterdam of Rangoon heeft dezelfde sleutel en kracht. Ze zeggen allemaal, ik ben hier, ik ben gekomen, ik hoor erbij. Ik ben een lid van de familie”.

Steichen had aanvankelijk niet gedacht dat zijn tentoonstelling zoveel succes zou kennen en zo’n impact zou hebben in de geschiedenis van de fotografie. Na afloop van het internationaal parcours nam hij het besluit om zijn project een permanente status te geven en koos zijn geboorteland Luxemburg (waar hij maar kort na zijn geboorte verbleef) als definitieve thuishaven. Het werd in 1974 het Kasteel van Clervaux. Van daaruit wou hij zijn boodschap verder uitdragen. Hij vond dat, na het bloedbad van de tweede wereldoorlog, moest bewezen worden dat het mensdom één grote familie is die zichzelf moet beschermen tegen totalitarisme en oorlogsdreiging altijd broedend om de kop op te steken. Dat statement wilde hij in het Groot-Hertogdom bestendigd zien. En dat gebeurde. Een kasteel was weliswaar geen ideale locatie om een permanente fototentoonstelling te presenteren maar mits enkele aanpassingen en een selectie uit de totaliteit werd ze toegankelijk gemaakt tot 2010. Ondertussen was ze door de UNESCO in het werelderfgoed patrimonium opgenomen (2003).

Maar er kwam letterlijk en figuurlijk sleet op de foto’s. Het kasteel sloot zijn deuren en de tentoonstelling verdween uit de belangstelling maar niet uit het collectieve geheugen. Met die bedenking in het achterhoofd werd voor enkele jaren beslist om haar te revitaliseren. Onder supervisie van de Luxemburgse nationale dienst voor landschappen en monumenten werd het kasteel op een discrete manier aangepast aan de actuele museumstandaarden. Bovendien werd in een sober kader de originele en avant-garde MOMA presentatie gereconstrueerd om de bezoekers de juiste context te laten beleven. Ook het oorspronkelijke parcours met de chronologie van de foto’s werd gehandhaafd.

Het moeilijkste element bij de reconstructie van het volledige fotobestand was de restauratie van de afdrukken met hun uiteenlopende formaten. Men kan zich indenken hoe de fragiliteit van de zwart/wit foto’s geleden had onder de talrijke niet altijd even zorgzame transporten in diverse klimaatomstandigheden. Het gaat tenslotte om papier. Het in- en uitpakken, het vervoer, het manipuleren, de lichtintensiteit, allemaal factoren die op lange termijn uitermate nadelig waren voor een optimale conservatie. En het ging bovendien om originele prints die op houten panelen gemonteerd waren. Restauratie werd dus een hoofdbekommernis. Plaatselijke technici, bijgestaan door de gespecialiseerde Studio Berselli uit Milaan, hebben, dank zij de ontwikkelingen in wetenschap en technologie, alle foto’s, stuk voor stuk, onder handen genomen en ze vrijwel in hun oorspronkelijke staat kunnen herstellen. Ze werden gereinigd, hun toestand geconsolideerd en geretoucheerd waar nodig. Kortom de tentoonstelling lijkt herboren weliswaar in een historisch kasteelkader maar via een discrete museografie en het juiste lichtvolume en klimaatregeling wordt het nu mogelijk om optimaal van het originele project te kunnen genieten. Steinert zou gelukkig geweest zijn moest hij het mogen beleefd hebben.

In het FOAM (Fotomuseum Amsterdam) is nu, ook toevallig, een tentoonstelling te zien van de modefoto’s die Steichen maakte voor Vogue en Vanity Fair in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. Meer dan 200 vintage prints (originelen dus) tonen een modebeeld van die tijd maar even veel aandacht schonk hij aan de modellen waaronder een aantal beroemde actrices zoals Gloria Swanson en Marlene Dietrich.

Ludo Bekkers
“Family of Man”, Clervaux (Luxemburg) van nu af permanent. Info op www.wearefamily.lu

Amsterdam FOAM “Edward Steichen : in High Fashion (1923-1937) nog tot 6 september

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content