Hubert van Humbeeck
Hubert van Humbeeck
Commentator bij Knack
Opinie

22/11/11 om 10:45 - Bijgewerkt om 10:45

Terug naar Caïro

Het Tahrirplein in Caïro veranderde vorig weekend weer in een slagveld. Een week voor het begin van de verkiezingen is dat een slecht voorteken.

In Libië werd Seif Al-Islam Khaddafi opgepakt en in Syrië begeleidt de internationale gemeenschap Bashar Al-Assad behoedzaam naar de uitgang. Nu ook zijn Arabische buren afstand van hem nemen, kunnen alle kogels van de wereld zijn regime niet meer redden. Toch staat de Arabische Lente deze week vooral in Egypte voor een moment van de waarheid. Acht maanden na de val van Hosni Mubarak begint in dat land een proces van verkiezingen, dat enkele maanden duurt. Dat gaat gepaard met geweld en intimidatie. Het bekende Tahrirplein in het centrum van Caïro loopt weer vol met manifestanten, die door het leger en de oproerpolitie hard worden aangepakt. Er vielen daarbij de voorbije dagen tientallen doden.

Egypte wordt verscheurd door een volstrekt gebrek aan vertrouwen tussen de dikwijls jonge betogers en de militaire raad. Die bestuurt het land, in afwachting dat de macht na de verkiezingen wordt overgedragen aan een regering die steunt op een meerderheid in het parlement. Dat de generaals niet zeggen wanneer ze precies de macht uit handen willen geven, baart de betogers zorgen. Vooral de Moslimbroederschap twijfelt. Van die partij wordt verwacht dat ze als de grootste uit de stembus komt, zoals de moslimpartij ook in Tunesië met de meeste stemmen aan de haal ging. Het Egyptische leger en de Moslimbroederschap zijn oude vijanden.

Tegelijk is er ook niemand die op dit moment weet wat de Moslimbroederschap met een verkiezingsoverwinning zou doen. Door het gebruik van sociaalnetwerksites zoals Facebook en Twitter kon enkele maanden geleden de indruk ontstaan dat in Caïro een moderne, liberale democratie voor het grijpen lag. Maar Egypte is een arm land, met een grote meerderheid aan nauwelijks geschoolde, conservatieve mensen.

Dat neemt niet weg dat conservatieven en liberalen elkaar vorige week op het Tahrirplein toch weer vonden, in hun verzet tegen het ontwerp voor een nieuwe grondwet die tegelijk met de verkiezingen wordt geschreven. De directe aanleiding van de nieuwe, massale betogingen heeft te maken met de slinkse manier waarop de werking en de begroting van het leger in die tekst aan de controle van het parlement wordt onttrokken. De manifestanten leiden daaruit af dat legerleider en veldmaarschalk Hoessein Tantawi misschien toch niet van plan is om de macht snel uit handen te geven. Of dat de generaals toch alvast een slag om de arm houden.

Er werd daarom in Caïro, maar ook in Alexandrië en in Suez geroepen dat er sinds februari niets is veranderd. En dat de revolutie helemaal opnieuw moet beginnen. Egypte is in de Arabische wereld het land dat het meeste gewicht in de schaal legt. In dat land deelt het leger van oudsher de lakens uit. Dat leger heeft het vertrouwen van de Verenigde Staten en Israël en is daarom een factor van belang in de regionale machtsbalans. Welke rol een democratisch verkozen Egyptisch parlement in dat proces kan of wil spelen, moet nog blijken.

Bijna een jaar geleden stak een jongeman in Tunesië zichzelf bij wijze van protest in brand. Hij trok daarmee een ketting van gebeurtenissen op gang, waarvan ook nu niet zeker is welke kant ze precies opgaan. De uitkomst van de botsing in Egypte kan daarvoor bepalend zijn.

Hubert van Humbeeck

Onze partners