'Internet stimuleert krankzinnigheid'

11/07/12 om 14:20 - Bijgewerkt om 14:20

Er duiken steeds meer bewijzen op voor de stelling dat internetgebruikers angstig, obsessief-compulsief en zelfs psychotisch worden door de digitalisering.

'Internet stimuleert krankzinnigheid'

© Thinkstock

Het idee dat internet en computers de manier van denken en voelen van mensen kunnen veranderen, werd lang afgedaan als belachelijk en naïef. Uit een artikel van het Amerikaanse weekblad Newsweek blijkt echter dat de bewijzen zich opstapelen. Het blad legde studies uit tientallen landen samen en trok zijn conclusies. "Het idee dat mobiele technologie verslavend is en bijdraagt tot depressie of psychose, kan niet meer genegeerd worden", klinkt het.

'We zijn allemaal cyborgs'

In de Verenigde Staten staren tieners gemiddeld 11 uur per dag naar een scherm en sturen ze maar liefst 3700 berichtjes per maand, een verdubbeling van het aantal in 2007. Bij volwassenen liggen de gemiddelden lager: acht uur per dag zitten ze voor het scherm, maar zelfs zij sturen 400 berichten per maand, een verviervoudiging in vergelijking met 2007. Meer dan een derde van smartphonegebruikers gaat online nog voor ze uit bed komen.

Internetgebruikers zijn mobieler dan ooit. Een onderzoekster aan het MIT, Sherry Turkle, vergelijkt hen met 'cyborgs'. Zij lijden aan, om maar iets te noemen, het 'fantoom-vibratiesyndroom'. Ze voelen hun telefoon trillen, terwijl dat eigenlijk niet het geval is. Het internet is niet langer een gewoon medium, maar creëert een volledig nieuwe mentale leefomgeving. "De menselijke geest wordt een tollend instrumentenbord, en slechts weinig mensen zullen er heelhuids vanaf komen", aldus Tony Dokoupil in Newsweek.

Maker van Kony 2012-documentaire tijdelijk krankzinnig

Toen de Youtube-documentaire 'Kony 2012' van Jason Russell de wereld rondging, werd Russell meegezogen in een spiraal van non-stopcommunicatie en plotse beroemdheid. In vier dagen tijd sliep hij nog geen twee uur en zijn mentale achteruitgang uitte zich in bizarre Twitter-berichten. Acht dagen na de documentaire sloegen de stoppen door. Hij liep naakt de straat op, knielde neer op een druk kruispunt, sloeg met zijn handen op het asfalt en schreeuwde wartaal over de duivel.

De diagnose was reactieve psychose, een vorm van tijdelijke krankzinnigheid, die bovendien niets te maken had met alcohol of drugs. Russell verbleef vier maanden in het ziekenhuis en is nog steeds herstellende. Momenteel blijven de accounts van Russell op sociale media leeg.

Extreme mentale gevolgen

Het voorbeeld van Russell is er slechts eentje uit een trieste lijst. Verschillende studies leggen ondertussen een verband tussen de digitale wereld en extreme mentale stoornissen. Een ander voorbeeld is een man die, door zijn verschillende alterego's op het internet, extreem hoog scoorde voor meervoudige persoonlijkheidsstoornis. "Het was alsof ik de test had voorgelegd aan Sybil Dorsett (pseudoniem voor Shirley Ardell Mason, die zestien persoonlijkheden had, nvdr.)", zegt dokter Aboujaoude, onderzoeker aan Stanford University.

Joel Gold, psychiater bij New York University, en zijn broer Ian Gold, psychiater bij de Canadese McGill University, onderzoeken de mogelijkheid van technologie om mensen los te rukken van de realiteit, en hallucinaties en zelfs psychose te veroorzaken. Onderzoekers aan de universiteit van Tel Aviv spreken alvast over "internetgerelateerde psychose".

Internet verandert onze hersenen

Misschien nog ingrijpender is het effect van het internet op onze hersenen. In 2008 onderzocht Gary Small, onderzoeker bij de universiteit van Californië UCLA, 24 mensen met een hersenscanner. De ene groep bestond uit fervente internetgebruikers, de andere uit 'internetgroentjes'. Het verschil was "frappant". De internetgebruikers hadden een duidelijk aangepaste prefrontale cortex. Small vroeg vervolgens aan de groentjes om in een week tijd minstens vijf uur online te zijn. "Toen zij terugkeerden, hadden hun hersenen zich al aangepast. Wat zou er gebeuren als zij nog vaker online zijn?", aldus de onderzoeker.

Het brein van internetgebruikers lijkt op dat van alcohol- en drugsverslaafden. Fervent internetgebruik leidt bijvoorbeeld tot een afname van 10 tot 20% van de hersengebieden verantwoordelijk voor onder andere geheugen, spraak, motoriek en emotie.

Probleem van de kip en het ei

Het oorzakelijk verband tussen internet en mentale problemen is nog niet helemaal perfect. Onderzoekers worstelen vooral met de vraag of internet de psyché van mentaal gezonde mensen breekt, of dat het reeds bestaande problemen uitvergroot. Ondanks die onduidelijkheid, blijven de resultaten onrustwekkend.

Het staat immers stilaan vast dat de digitalisering de psyché en het brein verandert en soms zelfs breekt. Dat gebeurt bovendien niet enkel bij jongeren of mensen in een zwakke maatschappelijke positie. Zelfs bij blanke respondenten met een gemiddelde leeftijd van veertig en met een gemiddeld loon van 40.000 euro per jaar heeft minstens een persoon op acht een "ongezonde relatie met het internet."

'Zelfgenoegzaamheid moet stoppen'

"Sinds de relatie met het internet begon, heeft iedereen het aanvaard zoals het is, zonder na te denken over hoe het er moet uitzien of wat we willen vermijden", schrijft Dokoupil. "Die zelfgenoegzaamheid moet stoppen. Het internet moet nog altijd door ons vorm krijgen. Onze geest staat op het spel." (GM)

Lees meer over:

Onze partners