Koen Meulenaere
Koen Meulenaere
Van 1991 tot 2012 de satiricus van Knack
Opinie

07/08/12 om 10:46 - Bijgewerkt om 10:46

Stanozolol

Men moet het de wielrenners nageven: allemaal vrije vogels die zich door niemand de wet laten voorschrijven. Het minst van al door het Internationaal Olympisch Comité.

Geen vierentwintig uur na de mooie openingsspeech van Jacques Rogge, over ethische waarden en fair play en dat soort patersgebazel, kaapte niet alleen een van de grootste dopingpakkers van het peloton de gouden medaille weg, hij kocht ze bovendien af van zijn medevluchter, open en bloot voor het oog van honderden miljoenen televisiekijkers. Kwestie van een neus te zetten naar wat onze chef-Wetstraat ooit omschreef als 'die vierjaarlijkse olympische onzin waaraan echt niemand nog een boodschap heeft'. Dat was in een als steeds bevlogen Woord Vooraf in Sport Magazine. Voorjaar 1980.

De manier waarop Alexandre Vinokourov de olympische gedachte uitlachte was weliswaar hartverwarmend, maar haalde het toch niet bij de finale van de 100 meter in Seoel. Wij schetsen de context. De met religieuze reinheid omgeven Carl Lewis had vier jaar voordien in eigen Los Angeles vier gouden medailles gewonnen, beelden van Jesse Owens in 1936 waren uit de archiefkast gehaald. Maar de jaren daarna was zijn hegemonie fel aangetast door de Canadees Ben Johnson. In zes maanden tijd was die meer aangekomen dan Bart De Wever onlangs in dezelfde tijdsspanne afviel, en dat was niet weinig. Spiermassa maal tien, botten en benen tien tot vijftien centimeter uitgerekt. Bij Johnson, bij De Wever deed het omgekeerde zich voor. Dat zoiets niet alleen een effect van krachttraining was, durfde de arme Lewis alleen te suggereren.
Drie maanden voor de Spelen in Seoel blesseerde Johnson zich. Een geval van immanente gerechtigheid, Lewis dankte de hemel waaruit hij zelf was nedergedaald. Johnson verdween van het toneel, maar bij de kwalificaties voor de 100 meter stond hij plots aan de start, met nog wat spieren bij. Stalen kabeltrossen, boven op armen en benen.

De reeksen begonnen. Lewis denderde van iedereen weg, Johnson liep krampachtig. Werd een keer derde. Finishte in 10.37, daarmee lig je er vandaag meteen uit. Maar in de kwartfinale ging het al iets beter dan in de reeksen, in de halve finale ging het beter dan in de kwartfinale, en honderdste na tiende naderde de tijd van Johnson op die van Lewis.

De finale vond plaats op 24 september 1988. Lewis in baan 3. Johnson in baan 6. Gunden elkaar geen blik. Toen klonk het schot en leek Johnson door het startpistool zelf te zijn afgeschoten. Als een kogel vloog hij weg en voor iedereen goed en wel rechtop liep, snelde Big Ben vijf meter voor de rest uit. Lewis haalde uit zijn lijf wat er in zat, maar kwam nauwelijks dichter. Johnson finishte in een op dat moment fabelachtig wereldrecord van 9.79. Nooit een mooiere race gezien. Twee dagen later werd bekend dat Johnson positief was bevonden op Stanozolol, een spierversterker, en vluchtte de Canadees weg uit het olympisch dorp en uit Korea. In 9.78.

Koen Meulenaere

Lees meer Koen Meulenaere in Knack Neem hier een abonnement op Knack

Onze partners