Freya Piryns
Opinie

04/12/12 om 17:30 - Bijgewerkt om 17:30

Pleidooi voor Kinderpardon

Of asielzoekende jongeren in België mogen blijven, hangt wel degelijk van Maggie De Block persoonlijk af. En dat weet ze zelf ook.

De afgelopen maanden kwamen er in de media talloze verhalen aan bod van jongeren die na jaren in België uitgewezen werden naar hun geboorteland. Vorig jaar hadden we Scott Manyo en Parweiz Sangari. Scott mocht voorlopig blijven, Parweiz werd teruggestuurd. Onlangs hadden we de broers Zamir en Izmir, en Ramin en Ramish. Twee werden al teruggestuurd, de andere twee wachten bang af. Allemaal gingen ze hier naar school, spraken ze Nederlands, hadden ze hier vrienden, een sociaal leven, toekomstplannen. En toch worden ze zonder pardon teruggestuurd naar een zogenaamd 'thuisland' waar ze geen enkele band mee hebben, dat hen geen toekomst biedt.

Om dergelijke situaties in de toekomst te voorkomen heb ik een wetsvoorstel uitgewerkt onder de titel 'Kinderpardon'. Het is geïnspireerd op een voorstel uit Nederland, waar het VVD-PVDA kabinet een gelijkaardige regeling heeft uitgewerkt. Jongeren die als minderjarige in ons land zijn aangekomen en die hier een aantal jaren verbleven hebben, naar school gegaan zijn, en dus verankerd zijn in onze samenleving, moeten onder bepaalde voorwaarden een verblijfsvergunning kunnen krijgen.

In Knack stelde staatssecretaris Maggie De Block (Open VLD) dat ze best het debat wil voeren over wat er moet gebeuren met jonge mensen. Maar, stelt ze, ondertussen is de wet de wet. En dus kan ze haar beleid niet laten afhangen van een paar vervelende advocaten die naar de pers lopen omdat ze hun gelijk niet halen. Dura lex sed lex dus.

Dit is een mooi staaltje demagogie. Want mevrouw De Block weet zelf maar al te goed dat er eigenlijk geen specifieke wet bestaat die zegt wat er met deze jongeren moet gebeuren. Geen harde wet, geen zachte wet, gewoon geen wet. De vraag of zij in België mogen blijven, hangt wel degelijk van haar persoonlijk af, want zij kan via de zogeheten discretionaire bevoegdheid beslissen wie ze een permanente verblijfsvergunning geeft en wie niet. Dit is geen wenselijke situatie. Iemands toekomst kan niet afhangen van één enkele persoon. Dit soort zaken moet in duidelijke wetten en regels gegoten worden.

Over wetten gesproken. Het Kinderrechtenverdrag stelt dat Staten in alle beslissingen die ze nemen rekening moeten houden met het hoger belang van het kind. België heeft deze verplichting in haar Grondwet naar artikel 22bis omgezet. Zelfs in de vreemdelingenwet staat specifiek dat het hoger belang van het kind moet onderzocht worden bij elke beslissing tot verwijdering. Is er iemand die kan argumenteren dat het in het belang van kinderen is om hen na jaren lang in België te verblijven plots terug te sturen naar een land dat ze amper kennen?

De staatssecretaris noemt haar beleid coherent, correct en humaan. Ik zou haar graag willen geloven. Want ook Groen vindt dat mensen bij hun asielaanvraag zo snel mogelijk duidelijkheid moeten krijgen. We pleiten daarom al lang voor korte asielprocedures en intensieve begeleiding met het oog op hetzij integratie, hetzij vrijwillige terugkeer. Onder de staatsecretaris zijn er inderdaad al een aantal stappen genomen om deze doelstellingen te bereiken en ze krijgt daarvoor onze volle steun.

Maar de jongeren waarover de staatsecretaris nu wordt geïnterpelleerd hebben niet het genoegen gekend om van haar vernieuwde "humane" beleid te genieten. 'Correct en humaan' impliceert ook dat je als overheid fouten uit het verleden rechtzet. De overheid heeft de situatie van die kinderen jaren laten aanslepen. En dus begrijp ik de oproep van de Vlaamse onderwijskoepels zeer goed. Het is noch humaan, noch correct om deze jongeren nu op een zuchtje van hun diploma het land uit te zetten.

Onze partners