4 jaar na Fukushima: waarheen met 30 miljoen ton radioactief afval?

11/03/15 om 07:07 - Bijgewerkt om 08:50

Vier jaar na de aardbeving en tsunami en de daaropvolgende kernramp in Fukushima ontrolt zich in Japan een nieuw ecologisch drama: 30 miljoen ton radioactief afval dat niemand wil.

Op 11 maart 2011 was de wereld getuige van een van de zwaarste kernrampen ooit in het Japanse Fukushima. Sindsdien heeft Japan al meer dan 15 miljard dollar vrijgemaakt om de radioactieve straling in de omliggende dorpen te verminderen. Elke dag worden wegen met water gespoeld, huizen afgeschrobd, takken van de bomen gezaagd en besmette aarde van landbouwgrond afgeschraapt. Maar waar moet al dat gevaarlijk afval heen? Voorlopig ligt het in blauwe en zwarte vuilniszakken op verlaten rijstvelden, parkings en zelfs tuinen van voormalige inwoners van Fukushima verspreid..

De komende jaren zal in de schaduw van de verwoeste kerncentrale van Fukushima een opslagplaats van 16 vierkante kilometer - zowat vijf keer de omvang van het Central Park in New York - gebouwd worden waar 30 miljoen ton radioactief afval moet worden opgeslagen. De Japanse regering heeft beloofd om het afval na 30 jaar te verwijderen. Maar daar geloven de landeigenaars, die gevraagd werden om hun land aan de overheid te verkopen, niets van. Zij denken dat de site als finale opslagplaats dient en weigeren hun land af te staan. Na de tsunami werden zo'n 82.000 mensen geëvacueerd. Ze wonen nog altijd in voorlopige woningen.

Ondertussen ligt het totale bedrag dat aan de heropbouw van de regio's in het noordoosten van het land is besteed op meer dan 230 miljard euro.

Onze partners