07/03/11 om 18:57 - Bijgewerkt om 18:57

Partijbelangen

Wie wil meeregeren moet zwaar inboeten op zijn of haar partijprogramma.

In Moord beschouwd als een der schone kunsten doceert auteur Thomas de Quincey dat om tot een kunstzinnige moord te komen er enige medewerking van het slachtoffer is vereist.

Dat geldt ook in de Belgische politiek. Neem nu zoiets onmogelijks als het partijprogramma van N-VA. Partijprogramma's zijn een handige leidraad voor de televisiemakers die verkiezingsdebatten moeten organiseren. Doch om te besturen is zo'n document dan weer bijzonder hinderlijk.

Dat laatste bleek tijdens de al maanden aanslepende regeringsonderhandelingen. De bekende politicoloog Carl Devos van de Universiteit Gent maakt hierover in Knack een interessante bedenking.

Devos vindt een goed regeerakkoord zonder de N-VA de logica zelve. Want, zegt hij, N-VA is dan wel de grootste partij van het land, maar haar mentale kader is niet meegegroeid 'Ze heeft nog altijd de psychologie van een kleine strijdpartij,' zegt de professor. 'Niet van een partij die verantwoordelijkheid voor het land moet dragen en dus zwaar op haar programma moet inboeten.' U leest het juist: wie wil meeregeren moet zwaar inboeten op zijn of haar partijprogramma. Van Bart De Wever wordt dus verwacht dat hij op elegante wijze meewerkt aan de eigen politieke liquidatie.

De Wever kan een voorbeeld nemen aan Yves Leterme. Om te kunnen meeregeren - en omdat de geur van de Wetstraat 16 zo roezig maakte - heeft Leterme in 2007 nagenoeg het volledige CD&V-programma opgepeuzeld. Vooral zijn Franstalige coalitiegenoten hebben dat bijzonder gewaardeerd - in tegenstelling tot de altijd sikkeneurige Vlaamse kiezer.

Alle traditionele partijen gingen de voorbije decennia in hun inboeten op het eigen programma zo ver dat de onderlinge verschillen nog amper merkbaar zijn met het blote oog. Een onaangename bijwerking van dit alles is wel dat die zelfde partijen dezer dagen de handen vol hebben met het uitschrijven van leden.

Maar er kan niet eeuwig worden onderhandeld. Bovendien zijn er de partijbelangen en de gedeelde belangen. Want samen vormen de traditionele partijen een groep die het Belgische beleidsniveau bezet houdt, geregeld de buit onderling verdeelt en omzeggens niemand, ook het federale parlement niet, uitleg is verschuldigd.

De traditionele partijen hebben bovendien verplichtingen. Want zij functioneren als uitzendbureaus voor leden die een hoge bestuurlijke functie ambiëren. Het is een nog steeds geldende bedenking ooit gemaakt door Bart Tromp, de huisideoloog van de Nederlandse PvdA.

Gelukkig worden verkeerde beslissingen niet langer gesanctioneerd, zelfs niet door het parlement. Is het landelijke energiebeleid een puinhoop, als gevolg van een verregaande verwaarlozing en een uitverkoop van het nationaal belang aan Franse energiereuzen door de paarse regeringen van Guy Verhofstadt en de daarop volgende schijnregeringen van Yves Leterme? Dan is dat jammer. We kunnen nog altijd een soortement van Staten-Generaal bijeenroepen, zoals iemand Vlaams energieminister Freya Van de Bossche influisterde. Die Staten-Generaal zou dan een langetermijnvisie kunnen uitwerken. Waarbij de minister even vergat dat haar partij SPA al sinds 1988 deel uitmaakt van vele regeringen en bijgevolg ruim de kans kreeg om zo'n visie te ontwikkelen, doch nooit veel verder kwam dan het inplanten van windmolens.

Kennelijk hebben de krachten die er in het land toe doen beslist dat het de hoogste tijd wordt voor een klassieke driepartijenregering, eventueel versterkt met de groene partijen om, in geval van een bescheiden staatshervorming, tot een tweederdemeerderheid te geraken. De truc met Didier Reynders, voorbeeldig begeleid door de Koninklijke entourage, heeft alvast uitstekend gewerkt. De liberalen werden opnieuw aan boord gehesen en lijken vastbesloten daar te blijven.

Met acht aan tafel dus. Wat erop neerkomt dat die regering, zonder N-VA, in Franstalig België zelfs geen rekening dient te houden met mogelijke oppositie. Want op die eenzame vertegenwoordiger van de efemere Parti Populaire (PP) na, maken alle andere Franstalige Kamerleden dan deel uit van de meerderheid. Terwijl langs Vlaamse kant alle Vlaams-nationalisten naar de oppositie worden gedrumd. Dat is pas comfortabel.

Geen prijs is de traditionele partijen te hoog om het oordeel van de kiezer nog wat uit te stellen.

Rik Van Cauwelaert

Onze partners