Tom   Vandyck
Tom Vandyck
Tot 2014 correspondent in de VS voor Knack.be
Opinie

18/07/12 om 06:50 - Bijgewerkt om 06:50

Obama 2012 = Bush 2004

'Hope and change' liggen ver achter ons. In de Amerikaanse presidentscampagne gaat het dezer dagen hard tegen hard en Barack Obama gaat er vaak nog het hardst tegenaan.

Volgens het weekblad Business Week waren 89 procent van Obama's televisiespotje in de twee weken voor 9 juli negatief - niet vóór hemzelf, dus, maar tegen de Republikeinse kandidaat Mitt Romney. Die was zelf was zo mogelijk nog negatiever. Hij viel Obama aan in 94 procent van zijn spotjes.

De meest memorabele aanval tot nog toe kwam echter uit het Obamakamp. Dat gebruikte het patriottische lied 'America the Beautiful', behoorlijk vals gezongen door Romney (en nog eens extra aangezet met ijselijke geluidseffecten), als soundtrack voor een bloemlezing van diens rekeningen in Zwitserland en alle Amerikaanse banen die hij als vermeende roofkapitalist naar China, India en Mexico versast zou hebben:

Dat Barack Obama zijn gevleugelde campagne van 2008 niet zomaar dunnetjes kan overdoen, spreekt voor zich. Na vier jaar in het Witte Huis en alle builen, blutsen en grijze haren die daarbij komen kijken, kan je jezelf niet meer presenteren als het frisse gezicht.

Obama en zijn troepen zijn dan ook al maanden bezig met het bestuderen van George W. Bush' campagne in 2004, toen die met aan handjevol stemmen won van de Democraat John Kerry.

Dat Obama de mosterd haalt bij door zijn eigen supporters hartsgrondig verfoeide lui als Bush en diens campagnegoeroe Karl Rove mag verassend heten, maar de president is een koele cijferaar en niet de naïeve Witte Ridder waar velen hem nog steeds voor houden. Hij weet dus donders goed waar hij mee bezig is.

De klassieke truc van Rove: val je tegenstander aan op zijn sterkste punt en maak daar een zwakte van. John Kerry liet zich in 2004 nomineren op basis van zijn status als veelvuldig gedecoreerd Vietnamveteraan. Het waren de nadagen na 9/11 en de Democraten wisten dat ze het niet tegen de manhaftige Bush konden opnemen met een softie. Kerry moest hen immuun maken tegen de klassieke aantijging dat ze 'soft on defense' waren, of - zo mogelijk nog erger toen - 'soft on terror'.

Schijnbaar uit het niets doken echter de Swift Boat Veterans for Truth op, een groep van Vietnam-oudstrijders die beweerden dat Kerry gelogen had over zijn heldendaden en zijn lintjes dus niet verdiend had. Kerry vond daar nooit een afdoend antwoord op. Sterker nog: in de waan dat de kiezer hem daarvoor zou belonen, weigerde hij maanden aan een stuk om zich te verlagen tot het beantwoorden van de valse swiftboat-aantijgingen. Toen hij dat wel deed, was het te laat.

Formeel hadden de Swift Boat Veterans for Truth niks te maken met de Bush-campagne, maar de groep werd wel gesponsord door een stel ouwe getrouwen van de president uit Texas. Onder hen: Sam Fox, Bush' latere ambassadeur in België. Er was dus geen hond die eraan twijfelde dat Rove erachter zat.

Ook nu weer stevent de VS af op een nipte presidentsverkiezing in het zog van een traumatische gebeurtenis: de financiële crisis van 2008. Mitt Romney's vermeende sterke punt is dat hij een door de wol geverfde 'Mr. FixIt' is, een man uit het bedrijfsleven die weet hoe je de handen uit de hemdsmouwen steekt en de economie doet draaien.

Op nauwelijks een paar maanden heeft Obama daar echter een gapende zwakte van gemaakt. Middels een niet-aflatende stroom van bijtende spotjes die op het scherm komen in Ohio, Pennsylvania, Florida, Virginia en nog een stuk of wat andere strijdstaten (degene waar hij en Romney aan elkaar gewaagd zijn en waar de verkiezing dus beslist zal worden), heeft hij Romney neergezet als een gewetenloze roofkapitalist, een arrogante multimiljonair die zich niet aan dezelfde regels meent te moeten houden als de gewone Amerikaan.

Daar komt het namelijk op neer in dit stadium aan de campagne: definieer je tegenstander als een niet te vertrouwen individu en zorg ervoor dat de kiezer daar zo van doordrongen is dat dat etiket er nauwelijks nog vanaf gaat.

De conventionele wijsheid wil weliswaar dat de meeste kiezers pas na de zomer aandacht gaan besteden aan de campagne, maar Karl Rove gaat er nog steeds prat op dat hij Kerry niet klein kreeg in de laatste rechte lijn, maar in de lente van 2004, toen de Swift Boat Veterans opdoken.

Met andere woorden: Obama doet Bush' campagne uit 2004 over. Vandaag is hij doende met het 'swiftboaten' van Mitt Romney. En net als Rove destijds gebruikt daar argumenten voor die niet honderd procent koosjer zijn.

Ter discussie staat met name Obama's offensief de voorbije dagen over Romney's activiteiten als hoofd van de investeringsfirma Bain Capital, die door de Washington Post een pionier van het delokaliseren genoemd werd.

Romney zegt dat hij daar in de periode 1999-2002, toen Bain volop Amerikaanse banen overzee verscheepte, alleen nog formeel baas was en zich niet meer bemoeide met het dagelijkse bestuur. Obama wijst erop dat Romney's naam in die periode nog steeds op de officiële documenten stond en dat hij dus wel degelijk verantwoordelijk was voor wat er zich bij Bain afspeelde.

Sterker nog: ofwel bedriegt Romney vandaag de kiezers, zeggen Obama's woordvoerders, ofwel hij heeft destijds gelogen tegen de beurswaakhonden, wat een misdrijf is.

Mediawaakhonden als FactCheck.com en Politifact geven Romney gelijk met zijn bewering dat hij in 1999-2002 niks meer deed bij Bain. Her en der binnen de Democratische partij heerst er dan ook onvrede. Als Obama zichzelf tot dit soort tactieken verlaagt, klinkt het, dan is hij nu al de morele verliezer.

Maar net zo goed zijn er veel democraten die nog steeds niet over hun trauma van 2004 heen zijn en zeggen: dat nooit meer. Zij gooien liever zelf als eerste met modder, want lelijk winnen, is óók winnen.

Feit is: om Romney te swiftboaten, hoef je niet eens te liegen. Zijn naam stáát daadwerkelijk op de officiële documenten van Bain, als enige aandeelhouder, voorzitter van de raad van bestuur en CEO tussen 1999 en 2002. Probeer dan maar eens uit te leggen dat je omzeggens nooit op kantoor was. Vooral als je voortdurend van twee walletjes wil eten. Romney is namelijk niet te beroerd om krediet te claimen voor de groei van Staples, een winkelketen in kantoorwaren die in diezelfde periode door Bain bestierd werd en toen flink groeide.

Bovendien past Bain Capital feilloos in het plaatje dat Mitt Romney van zichzelf heeft doen groeien, met - om maar een losse greep uit het aanbod te doen - zijn bankrekeningen in Zwitserland en Luxemburg, zijn weigering om meer dan één of twee belastingsaangiften publiek te maken, zijn in aanbouw zijnde villa met een lift voor zijn auto's en zijn nonchalante weddenschappen voor 10.000 dollar op het debatpodium. Het is moeilijk aan te tonen dat zo'n man géén wereldvreemde multimiljonair is die mijlenver van de gewone Joe Sixpack staat.

Gisteren kwam onverwacht het nieuws van Sensata Technologies, een fabriek van autosensoren in Freeport, Illinois, die eigendom is van Bain. Bain wil de productie daar naar China verhuizen, wat betekent dat de werknemers in Freeport op straat komen te staan. Die lanceerden dan maar een oproep aan Romney. Ze weten wel dat hij nu écht weg is bij Bain, maar ze gaan ervan uit dat hij daar nog steeds invloed heeft en ze vragen hem om die aan te wenden om hun banen te redden. Probeer daar maar eens een goed antwoord op te verzinnen.

Om maar te zeggen: de lijst met genante feiten blijft groeien voor Romney. Daarmee is niet noodzakelijk dat de president de verkiezing gaat winnen, maar wel dat zijn kansen om Romney af te schilderen als een arrogante hufter schier eindeloos zijn. Voor Obama is de Republikeinse kandidaat, zoals dat heet, 'the gift that keeps on giving'.

En Karl Rove? Die mag trots zijn op beste leerling, Barack Obama. Had je dat in 2008 durven voorspellen, men had je stapelgek verklaard.


Tom Vandyck

Onze partners