Ludo Bekkers
Ludo Bekkers
Kunst- en fotografierecensent
Opinie

27/02/14 om 11:21 - Bijgewerkt om 11:53

Jan Hoet: explosief en spontaan in werk en leven

In de Belgische kunstwereld zal er wellicht nooit meer zo'n flamboyante persoonlijkheid te vinden zijn als Jan Hoet, schrijft Knack-kunstrecensent Ludo Bekkers.

Jan Hoet: explosief en spontaan in werk en leven

Jan Hoet © Piet Goethals

Een museumconservator wordt nu ook soms directeur of zelfs administrateur-generaal, genoemd, what's in a name. Jan Hoet was gewoon conservator. Dat betekende voor hem meer dan "bewaarder", hij was ook innovator. Hij beschouwde het als zijn taak om het museumpubliek kennis te laten maken met alle nieuwe verschijnselen in de beeldende kunst. En hij gebruikte er alle, ook verrassende, middelen voor. Denken we maar aan de spraakmakende tentoonstelling extra muros " Chambres d'Amis" (1986) waarbij hij kunstenaars werk liet maken in privéwoningen en de bezoekers van het ene adres naar het andere dienden te wandelen. Het heeft hem internationale roem gebracht. Gevolg, in 1989 werd hij aangesteld tot artistiek leider van de Documenta IX. Een natte droom van alle conservatoren in de wereld die dan ook met gemengde nieuwsgierigheid uitkeken naar het resultaat van die flamboyante Belg. Het werd een razend succes en Hoet bewees er mee dat zijn kennis van de internationale kunstwereld heel ruim was.

Typisch voor hem was ook de manier waarop hij de bestaande gebouwen inventief gebruikte en bovendien losse paviljoenen liet ontwerpen door de architecten Robbrecht-Daem. Daarna werd Gent soms wat klein voor hem en kreeg hij aanbiedingen zoals van het nieuwe museum Marta in Herford (Duitsland) waar hij een aantal jaren artistiek directeur was. En ondertussen riep men hem her en der om tentoonstellingen te ontwerpen, juryvoorzitter te zijn of artistiek raadgever van koningin Paola. Het keverplafond van Jan Fabre was zijn idee.

Onorthodox was Jan Hoet alleszins. Hij opende een tentoonstelling met een boksmatch die hij o zo na won. Hij was model voor een collectie van het modehuis Comme Des Garçons in Parijs, hij voerde een happening uit met de wereldberoemde kunstenares Marina Abramovic, hij fungeerde in reclamecampagnes van Côte d'Or en Kasteelbier of de kunstbibliotheek uitgegeven door Ludion (met de slogan "Eindelijk snap ik iets van kunst") Het geld dat hij daarmee verdiende schonk hij voor het grootste deel aan het SMAK. Hij was geen foefelaar, dong bij de kunstenaars wel af op de prijs maar betaalde die correct zonder een handje onder tafel. Bijna alle vedetten uit de internationale artistieke wereld waardeerden hem en werkten graag met hem samen.

Hoet behoorde tot een generatie conservatoren die in de jaren zestig van de vorige eeuw aan bod kwamen en zeker niet zonder slag of stoot. Met Willy van den Bussche in Oostende en de kunstverenigingen die na 1958 overal in het land het mooie weer uitmaakten kwam een museumvisie aan de oppervlakte die danig afweek van het vertrouwde archaïsch patroon. Een museum voor moderne en hedendaagse kunst was niet langer een droom en beide jonge conservatoren wisten er, elk op hun manier, vorm aan te geven. Dat heeft, na enige tijd, een drive op gang gebracht die zowel nieuwe musea als het galeriewezen gevitaliseerd heeft en waar we vandaag nog de vruchten van plukken. In zo'n context moeten we de figuur van Jan Hoet situeren.

Hij was explosief en spontaan, ook in zijn oordelen over kunstenaars en dat is vaak oorzaak geweest dat bepaalden onder hen daar ernstig nadeel hebben van ondervonden. Daar was hij zich pas na langere tijd van bewust en repareerde dan de schade zoveel als mogelijk. Het gebeurde wel meer dat hij vandaag verbrandde wat hij gisteren aanbad maar met zijn algemeen erkend charisma wist hij de meeste plooien glad te strijken.

In de Belgische kunstwereld zal er wellicht nooit meer zo'n flamboyante persoonlijkheid te vinden zijn. Exuberant, rusteloos, durvend en vloekend ging hij door de artistieke scène en zijn persoonlijk leven. De jongste jaren zag hij meer hospitaalmuren dan die van een museum. Maar altijd overwon hij het falen van hart en nieren tot nu. We zullen hem missen.

Lees meer over:

Onze partners