Leo Neels
Leo Neels
Docent Mediarecht aan de K.U. Leuven en UAntwerpen en algemeen directeur van de denktank Itinera.
Opinie

18/05/11 om 09:28 - Bijgewerkt om 09:28

Leve de democratie

En dat ze het zelf maar uitzoeken...

Putten in het wegdek staan symbool voor achterstallig onderhoud, en dat is er ook aan de democratische rechtsstaat. Die sputtert langs alle kanten.

Tussen wetgever, regering en magistratuur moet subtiel evenwicht heersen. Sedert de Verlichting beoogt het onderscheid tussen die functies om machtsmisbruik te voorkomen; dat vergt een een nauwluisterende dynamiek in hun onderlinge relaties. We hebben daar sociaal-economisch overleg aan toegevoegd van alle aard, en de media claimen een functie van "vierde macht", als zgn. waakhond van de democratie.

Het geheel van dit subtiele evenwicht vergt een bewustzijn van elke betrokkene van haar of zijn rol, en van de eigen verantwoordelijkheid inzake het algemeen belang. Ieder treedt dan op met een subtiele mengeling van daadkracht en terughoudendheid, en respect voor wettelijkheid en evenwicht.

Waw, wat klinkt dat ouderwets. We hebben aan de essentiële staatszaken een verwachtingspatroon toegevoegd dat de overheid voor àlles instaat en àlles kan garanderen. Het woord verzorgingsstaat verhult dat we te veel vergen, overvragen. We zijn ook ongeduldig ten aanzien van de overheid: ze moet niet alleen àlles doen, het moet ook direct en perfect gebeuren. Ook verregaande delegatie: de overheden staan in voor alles, niet wij, maar zij.

Diezelfde overheid belasten we met een totale afwezigheid van vertrouwen, we wantrouwen politici, ambtenaren en magistraten, waarvan we àlles verwachten. We schelden op ze dat het een lieve lust is: profiteurs, zakkenvullers en luiaards! We proberen ook zo weinig mogelijk bij te dragen tot financiering, beetje ontduiking is een nationale sport. We dragen ook niets bij tot de kwaliteit van de besluitvorming: het moet ons allemaal worden aangereikt.

We zijn wel thuis als het om resultaten gaat: die moeten er liggen, op elk terrein, en ze moeten beantwoorden aan ons allerindividueelste inzicht en onze private behoefte op elk moment.

Daarmee zijn we ver verwijderd van de democratische rechtsstaat, die rust op een grote betrokkenheid van elke burger bij het algemeen belang, met grote maatschappelijke debatten en actieve besluitvorming. Mondige en actieve burgers met reële belangstelling voor het goed van het algemeen, die met verantwoordelijkheidszin deelnemen aan verkiezingen om maatschappelijk waardevolle realisaties mogelijk te maken.

Oeps, gingen verkiezingen dààr dan over, gingen ze niet over loze beloften, electorale marketing en mannetjesmakerij? Is het politiek bedrijf zeker dat het met gratis-illusies en de 'wij kunnen alles'-retoriek nog over burgers beschikt, of resten er nog slechts politieke consumenten voor politieke marketeers? Zijn al degenen die maatschappelijk belangrijke functies bekleden in de democratische rechtsstaat zich bewust van de subtiliteit die hun optreden op elk moment en bij elke aangelegenheid vergt? Is die subtiliteit verenigbaar met de moderne electorale 'dynamiek' en de dagelijkse mediascore?

Ambtenaren en regeringsleden schelden op magistraten. Nochtans was en is de belangrijkste verworvenheid van de rechtsstaat de rechterlijke controle op overheidsoptreden (TOM BINGHAM, The Rule of Law, 2010). Te veel wetgevers maken te veel en te slechte regels, een dagelijks keizerkosterlijk reglementair diarree. Te veel ambtenaren zijn verstrikt in regels die hen van de realiteit vervreemden, we krijgen geen fatsoenlijk project meer rond: omvallende verlichtingspalen, geen strooizout, te weinig schoolgebouwen, onvoldoende leerkrachten, volle cellen, wachtlijsten in hoven, rechtbanken en zorg, Oosterweeldébacle . Goed bestuur is een studiedag-onderwerp, geen streefnorm van de politieke wereld, het kiezerskorps en de media. Rechterlijke beslissingen - strafrechtelijke, strafprocesrechtelijke en administratiefrechtelijke - worden met emotie of met ieders eigen "hoger belang" afgeschoten. Flauwekul, maar flauwekul wint, omdat niemand opkomt voor het evenwicht, het algemeen belang.

We voeden de stommiteit dat algemeen belang de optelling zou kunnen zijn van alle individuele belangetjes. Onzin, maar wie komt er voor uit?

Justitie faalt al veertig jaar in de bewaking van behoorlijke regelgeving en de garantie van de voorwaarden voor correcte rechtshandhaving. Hoe verwacht je dan steun van het publiek voor het algemeen belang? Méér gerechtsjournalistiek dan ooit, doch vooral een dikkere laag emotie, weinig maatschappelijke bijdrage. Vedetten maken van advocaten, rechters, daders, slachtoffers, of ze afbranden.

In dit hijgklimaat functioneert de democratische rechtsstaat niet, hij verdampt. De waarden waarop hij rust vergen een betrokkenheid bij de gezamenlijke zaak. Daar spelen we mee, lichtzinnig. We eisen. Eigen belang eerst, eigenbelang eerst, en de illusie intact laten dat "de politiek" dat allemaal zal bieden. Nonsens. Waar zijn de verantwoordelijken - politici, ambtenaren, magistraten, redacteurs en redactrices, burgers - die daar eens écht op antwoorden. Het is hun echte taak.

We zijn een Titanic-orkest, niet alleen op een budgettair en economisch zinkend schip, ook op het wrak van wat eens de promesse van de rechtsstatelijke democratie was. Nochtans is er een goede reden om daar beter op te letten. Zoals de Britse historicus Tony Judt schreef (Ill Fares the land, 2010): we have nothing else to defend...

Leo NEELS Mediarecht ULeuven en UAntwerpen

Onze partners