26/04/11 om 13:00 - Bijgewerkt om 13:00

Klaar voor de sprong

Woestijnvis heeft de Rubicon overgestoken. De VRT moet zichzelf nu opnieuw uitvinden. Spannend.

Iedereen feliciteerde Wouter Vandenhaute en Aimé Van Hecke vorige week met hun klinkende overwinning. Ze hadden (samen met Corelio) de commerciële zenders VT4 en VijfTV gekocht en daarmee het Vlaamse medialandschap grondig omgeploegd. De wraak was zoet. In 2006 werd de grond te heet onder de voeten van Van Hecke en ruilde hij de VRT in voor Sanoma. Woestijnvis wist toen al dat het zijn voorkeursbehandeling zou verliezen.

De overname van de SBS-zenders (voor de neus van De Persgroep en RTL) veegt al die negatieve emoties van de voorbije jaren weg. De champagne knalde.

Dat Vandenhaute zijn imperium bouwde op een riant exclusiviteitscontract dat hem (door Van Hecke) in de schoot werd geworpen zonder enige vorm van mededinging, wordt vandaag zedig verzwegen.

Vandenhaute leidt nu twee concurrerende zenders, en hij droomt van een radionet. Humo, de Sanoma-bladen en De Standaard kunnen voluit gaan in crosspromotie. Dat lijkt slecht nieuws voor de VRT. Bovendien verliest de openbare omroep in 2012 de rechten op de bekende Woestijnvis-formats. en zullen de Vlaamse topwielerwedstrijden in de nabije toekomst wellicht niet meer door Michel Wuyts worden becommentarieerd. Tenzij die overloopt naar Woestijnvis. Een rampscenario voor de VRT? Of niet?

Wie de zaak ontdoet van alle emoties ziet ook ongelooflijke toekomstkansen. Dat de SBS-zenders in Vlaamse handen blijven, is een goede zaak voor de lokale audiovisuele industrie. Als ze ook gevuld zullen worden met de kwaliteitsprogramma's die we gewoon zijn van Woestijnvis, dan is dat dubbele winst. En dat Vlaanderen een sportzender krijgt zonder dat de overheid daarin hoeft te investeren, is ook meegenomen.

De VRT kan van dit alles alleen maar beter worden. De afhankelijkheid van één productiehuis dat ver boven de (lokale) marktprijs werd betaald, was nefast. Niet alleen doodde het elke creativiteit die intern aanwezig is, maar het ontmoedigde ook andere productiehuizen die onvoldoende aan de bak kwamen.

Er is talent genoeg binnen en buiten de VRT om de openbare omroep sterk en relevant te houden. Een nieuwe beheersovereenkomst die de maatschappelijke roeping opnieuw doet primeren op de commerciële kan hiervoor de katalysator zijn. Met een derde net voor kinderen en jongeren, een dotatie die op peil blijft en verstandige steun vanuit het Vlaams Audiovisueel Fonds is de VRT goed gewapend om weerwerk te bieden. Als de interne reorganisatie wordt doorgezet, tenminste.

En Woestijnvis is nog niet thuis. Is het denkbeeldig dat de joviale 'vriendenclub' die Woestijnvis is, zal afkalven wanneer creatievelingen als Michel Vanhove, Jan Eelen en Tom Van Dyck in minder comfortabele omstandigheden zullen moeten werken en hun docu's en series moeten laten onderbreken door reclame? Wat houdt hen dan tegen om hetzelfde te doen wat Vandenhaute in 1997 deed: het warme nest verlaten en zelf een nieuw productiehuis beginnen. Eentje dat wél voor de VRT mag werken.

Er is nog een verschil met 1997. Toen waren productiehuizen eenzijdig gericht op VTM. Woestijnvis was de enige... vis in de VRT-woestijn. Vandaag is het medialandschap een malse weide waarop tientallen raspaarden grazen. De beste tv-programma's worden niet meer door Woestijnvis (alleen) gemaakt. En bovendien verliest Woestijnvis zijn belangrijkste troef: de VRT. De winnaars van vandaag kunnen dus nog altijd de verliezers van morgen worden. En omgekeerd.

Karl van den Broeck

Onze partners