26/07/11 om 16:00 - Bijgewerkt om 16:00

In hout

Niemand wordt graag aan het schrikken gebracht, en zeker een koning niet.

Evenmin als een gewone sterveling kan onze vorst de dag van vandaag nog kennis nemen van al de staatkundige en politicologische werken en werkjes die her en der het licht zien. En gelukkig voor hem, want de meeste van die geleerde geschriften hadden zonder enige schade, en zelfs tot ieders voldoening ongeschreven kunnen blijven.

Dat neemt niet weg dat er wel degelijk handboeken bestaan die waardevolle ideeën bevatten, en zelfs praktische raadgevingen. Die kunnen goede diensten bewijzen als er bijvoorbeeld een speech geschreven moet worden. Het gaat dan meestal wel om oudere werken, die hun proeven al hebben afgelegd en door de geschiedenis zijn uitgezeefd.

Van de hand van Giulio Raimondo di Mazzarino (1602-1661), bekend als kardinaal Mazarin, hebben we er zo eentje. Oorspronkelijk in het Latijn, maar bij Arléa in Parijs verscheen in 1996 een vertaling: Bréviaire des politiciens. Umberto Eco schreef er een voorwoord bij.

Dit brevier is niet speciaal voor koningen bestemd, maar voor iedereen die met politiek bezig is. Elio Di Rupo zal het gelezen hebben meen ik, want vaak zien we hem volgende raadgeving uit het hoofdstuk Weldaden ter harte nemen: 'Laat u van uw genereuze kant zien, als het gaat om zaken die u op dit moment zeker niets kosten, en die u ook nooit iets zullen kosten: bijvoorbeeld privilegies waar de begunstigde geen gebruik van kan maken.'

Ook het hoofdstuk Wijsheid is hem niet voorbijgegaan: 'Maak handig gebruik van de optatief, van de amfibolie, van de oratorische aanroeping, kortom van alle retorische figuren waarachter u zich kunt verstoppen.'

Mazarin kende dan wel Italiaans en Frans en Latijn, maar toch is talenkennis niet altijd een troef vond hij: 'Mensen die veel talen kennen zijn vaak onbezonnen, want hun geheugen is zodanig overbelast dat hun oordeelsvermogen verstikt raakt.' Deze raad is bij Elio niet in dovemansoren gevallen, en toevallig heeft hij nu het voordeel aan tafel te zitten met vier Vlaamse partijvoorzitters die zoals bekend uitstekend Frans spreken. Zo kan hij zijn eigen geest vrijhouden voor in hout.

Anders is het gesteld met Albert Coburg. Wat moet die man geschrokken zijn van de laatste verkiezingsuitslag! Of misschien nog meer van de laatste peilingen. Niemand wordt graag aan het schrikken gebracht, en zeker een koning niet. Das verzeiht kein Fürst, zegt de Duitser.

Maar of een vorst er dan goed aan doet zijn vuisten te ballen en met zijn vinger te wijzen en zijn stem te verheffen, is twijfelachtig. Mazarin heeft een heel hoofdstukje over 'Conserver sa sérénité'. Hij raadt zijn lezer ook af om bij een noodzakelijke reprimande al te precieze woorden te gebruiken - termen bijvoorbeeld als 'poujadist' of 'populist' zouden wij zeggen - want satirici maken daar snel misbruik van en dat laatste moet een vorst vermijden. Maar wat kan hij op den duur dan wél nog zeggen?

Zelfs een brede term als 'modern burgerschap' volstaat al om spotters te doen vragen of btw-ontduiking bij de aankoop van een motorjacht ook onder dat begrip valt.

Marc Vanfraechem

Onze partners