Luc Baltussen
Opinie

20/09/11 om 13:25 - Bijgewerkt om 13:25

Ieder zijn job

Om de energieprijzen te drukken, zou de overheid een aantal taken van de distributeurs kunnen overnemen.

In de wereld van de gas- en elektriciteitsdistributie zal het de komende weken zenuwachtig toegaan. De CREG, federaal verantwoordelijk voor de regulering van de sector, heeft bekendgemaakt hoe ze in de toekomst de distributietarieven berekend wil zien. De distributeurs, zoals Eandis en Infrax, hebben een maand de tijd om het voorstel te bestuderen en opmerkingen te maken.

Het is intussen bekend dat we in dit land een stuk méér betalen voor onze energie dan in de buurlanden. Dat is niet alleen de schuld van de energieproducenten. In de factuur die mensen betalen voor hun elektriciteit en gas vormt de verbruikte energie slechts één element. Welke leverancier u ook kiest, die moet altijd een beroep doen op de netbeheerder die úw straat bedient, en die hebt u niet te kiezen. Afhankelijk van de plek waar u woont, luistert hij naar de naam Eandis, of Infrax, of nog iets anders. Het is hoe dan ook een maatschappij waarin uw gemeente aandeelhouder is.

De netbeheerder moet uiteraard ook vergoed worden voor de investeringen die hij in het netwerk doet, maar hij stuurt u daarvoor geen factuur. Het is de door u gekozen energieproducent die de distributiekosten moet meenemen op zijn eigen factuur, waar ze gemakkelijk oplopen tot 30 à 40 procent van de totale factuurprijs. Hoe scherper de prijs van uw producent, hoe zwaarder de distributiekosten doorwegen in het totaal.

Hoe de distributeurs hun tarieven moeten berekenen, wordt geregeld door een KB van 2008, dat federaal minister van Energie Paul Magnette (PS) opstelde op basis van een voorstel van de CREG. Maar Magnette nam het voorstel van de regulator niet klakkeloos over. Tot grote ergernis van de CREG paste hij verschillende 'correcties' toe. Volgens de CREG waren die aanpassingen er de rechtstreekse oorzaak van dat de distributietarieven later met liefst 13 procent per jaar stegen en op die manier verantwoordelijk waren voor een aanzienlijk deel van de energieprijsstijgingen. De bemoeienis van Magnette was bovendien onwettelijk omdat er al Europese richtlijnen bestonden die het recht om distributietarieven op te stellen toewijst aan de regulator. In mei 2011 heeft het Grondwettelijk Hof geoordeeld dat de CREG gelijk heeft en dat de politiek zich niet mag bemoeien met de manier waarop de CREG de correcte prijs voor de distributie berekent.

Het is aan de CREG om te oordelen wat het midden houdt tussen de belangen van de consumenten (zo laag mogelijke tarieven) en de belangen van de distributeurs (die uiteraard voldoende moeten overhouden om te investeren in performante netwerken). Aangezien er geen concurrentie speelt, is de druk van de CREG in feite het enige wat de distributeurs ertoe kan aanzetten zo efficiënt mogelijk te opereren. De overheid, ten slotte, zou kunnen helpen door de CREG zijn werk te laten doen. En misschien ook, door een aantal taken over te nemen die nu bij de distributeurs zitten en de energieprijs minder transparant maken dan hij zou moeten zijn. Horen sociale of ecologische taken (stroom leveren aan wie geen andere leverancier meer vindt, premies uitkeren aan wie investeert in zonnepanelen) niet meer thuis in een overheidsbudget dan bij een netwerkbeheerder?

Luc Baltussen

Onze partners