Vrije Tribune
Vrije Tribune
Knack.be geeft hier een forum aan columnisten en gastbloggers
Opinie

14/05/13 om 11:47 - Bijgewerkt om 11:47

Hoe het kiessysteem kan afrekenen met politieke spelletjes

Hoe kan het kiessysteem afrekenen met de politieke spelletjes?

Minister van Staat Mark Eyskens (CD&V) brak in zijn nieuwe boek en in de Le Vif een lans voor een meervoudig kiessysteem, waarin elke burger meerdere stemmen zou kunnen verdelen over verschillende partijen. Dat soort bevraging van ons huidige kiessysteem kan alleen maar toegejuicht worden; dat blijkt ook uit het onderzoek dat wij recent voerden naar de wisselwerking tussen politiek, retoriek en speltheorie, of anders gezegd: naar 'politieke spelletjes' en hoe er komaf mee te maken.

De resultaten van dit onderzoek, in januari gepresenteerd op de tweejaarlijkse bijeenkomst van de Rhetoric Society of Europe, suggereren evenwel dat een meervoudig kiessysteem evenmin de meest optimale condities creëert om aan democratie te doen. Tijd dus om andere horizonten te verkennen.

Politici worden vaak verweten enkel uit te zijn op eigen gewin (of dat van hun partij), eerder dan het gemene goed te dienen. Debatten leiden vaker dan wenselijk is tot persoonlijk gekibbel tussen boegbeelden (soms tot groot jolijt van de media en de kijkers thuis). Een oppositiepartij kan haast niet anders dan de successen van een coalitie tegen te werken en onrust te stoken, om dan bij de volgende verkiezing zichzelf als heilzaam alternatief te kunnen opwerpen. Anderzijds tonen ook de deelnemers aan de regering weinig vertrouwen in elkaar, en zijn ze er als de kippen bij om bij ieder mogelijk falen de zwartepiet door te schuiven naar hun coalitiepartners.

Dit, helaas maar al te bekende, politieke cynisme observeren we wereldwijd, van onze eigen communautaire strubbelingen over de groteske regeringsvorming in Italië tot de bij wijlen vlijmscherpe strijd tussen rood en blauw in de VS. Moet men hier nu uit besluiten dat politiek dan wel moet beoefend worden door de meest aandachtszieke en egocentrische specimina van de menselijke soort? Onze analyse is optimistischer: de oorzaak van deze politieke spelletjes ligt niet zozeer bij de individuele politici als wel bij het politiek systeem waarin zij opereren. Anders gesteld: waarom zouden zij altruïsme, bescheidenheid en verzoenende discoursen etaleren, als zij daar uiteindelijk toch niet voor beloond worden tijdens verkiezingen? Maar waar ligt dan het concrete probleem?

De schuldige is, zo blijkt uit ons onderzoek, het 'zero-sumkarakter' van ons kiessysteem. Concreet: elke partij kan, als ze macht wil verwerven, alleen maar stemmen winnen als de anderen stemmen verliezen. Helaas lost een meervoudige stemming à la Eyskens een dergelijk probleem niet op. Ze vergroot wel het aantal stemmen dat uitgedeeld kan worden, maar verandert niks aan de wezenlijke dynamiek van ons kiessysteem.

Hoe kunnen we hier wel in ingrijpen? Zijn we in staat een systeem uit te denken dat politici die electoraal gewin nastreven, toch verplicht zich constructief en inclusief op te stellen? Ons antwoord luidt: ja, en het hoeft zelfs niet eens zo gecompliceerd te zijn. Stel je voor dat je tijdens een stemming de mogelijkheid krijgt om elke partij een score van bijvoorbeeld 0 tot 5 te geven. In het geval dat er zes partijen deelnemen aan de verkiezing, kan je dus maximaal 30 punten uitdelen, maar je kan evengoed slechts aan één partij 5 punten geven. Op die manier ligt het aantal punten niet op voorhand vast - en vervalt het zero-sumkarakter van de verkiezing.

Deze manier van stemmen lijkt misschien wat vreemd, of misschien zelfs oneerlijk. Dit is volgens ons slechts schijn: iedereen heeft namelijk dezelfde, vrije keuze om het maximum (of het minimum, of alles wat er tussen ligt) van de punten uit te delen, maar kan ervoor kiezen zijn eigen ideologische accenten te beklemtonen door de partij(en) van zijn voorkeur meer punten te geven dan de andere.

Hoe verandert dit systeem de concrete werking van het politieke veld? Aangezien elke partij een maximumscore kan halen zonder daarbij afhankelijk te zijn van de score (lees: het verlies) van de anderen, is het voor partijen veel zinvoller dan in het huidige kiessysteem om zich coöperatief op te stellen. In plaats van elkaar af te breken in de hoop stemmen te kunnen stelen (een dynamiek die men vaak kan zien bij partijen die gelijkaardige ideologische lijnen volgen - denk maar aan de linkervleugel bij de Antwerpse verkiezingen van 2012), kunnen goed samenwerkende partijen nu door een kiezerspubliek beloond worden voor hun gemeenschapszin. En nog belangrijker: doordat iedereen de kans krijgt elke partij te evalueren, kan een partij het zich niet langer permitteren om slechts een gedeelte van de bevolking aan te spreken ten koste van een ander stemgerechtigd deel (denk bijvoorbeeld aan Mitt Romney's '47%'-quote). Vooral op dit punt moedigt dit stelsel, zo blijkt opnieuw uit ons onderzoek, veel meer aan tot constructieve politieke strategieën dan het meerkeuzesysteem dat Eyskens voorstelt.

En de kiezer? Die krijgt de kans om nuance aan te brengen in zijn stemgedrag, en wordt niet langer gedwongen tot een lastige keuze, die voor sommigen soms tot in het stemhokje blijft spelen. Hij of zij kan in het hier voorgestelde systeem een persoonlijke, uitgebalanceerde visie articuleren omtrent het brede gamma economische, sociale, ecologische of andere uitdagingen waar de politiek een antwoord op moet bieden. In dit opzicht past dit kiesmodel naar alle waarschijnlijkheid beter bij de hedendaagse pluralistische mens, die zijn identiteit op diverse maatschappelijke domeinen beleeft, en wiens wereldbeeld al lang niet meer kan gereduceerd worden tot één enkel partijpunt of -programma.

En de democratie? Die krijgt een kiespubliek dat diepgaander en genuanceerder zijn stempel kan drukken op de samenstelling van zijn politieke vertegenwoordigers, en dus ook gemotiveerder de politieke debatten zal volgen. Een kiespubliek dat bovendien zijn impact op de verkiezingsuitslag kan vergroten door open te staan voor andere visies, en zo evolueert van een grotendeels passief naar een ontvoogd politiek denkorgaan.

Uiteraard is bovenstaand model slechts een soort electoraal dagdromen, dat op een aantal praktische en constitutionele bezwaren kan stoten. Maar de geest van ons onderzoek kan aanleiding geven tot een fundamentele, en naar onze mening broodnodige bevraging van ons hedendaags politiek bestel. Als burgers en politici zich en masse storen aan contraproductieve politieke gedragingen en discoursen, moeten we beseffen dat deze vaak een rechtstreeks gevolg zijn van de aard van ons politieke systeem. Nog belangrijker is het besef dat het veranderen van die structuren wel degelijk in onze macht ligt, bijvoorbeeld door te erkennen dat een zero-summodel misschien niet de beste garanties biedt op een efficiënte werking van onze democratie.

Hiervoor zal veel politieke zelfbevraging nodig zijn, zowel bij politici als bij de burgers. Want als een politieke stem complexer wordt, groeit ook de verantwoordelijkheid van de bevolking. Wij geloven echter dat, in een maatschappij waar de media elke dag inkijk bieden in de politieke besluitvorming, het systeem klaar is om te evolueren van een grotendeels paternalistisch en soms inefficiënt model naar een inclusiever en, naar ons aanvoelen, democratischer model, dat burgers én politici aanmoedigt om op creatieve wijze oplossingen te bedenken voor de veelzijdige problemen van onze moderne samenleving, in een respectvolle dialoog met andermans opinies.

Jeroen Lauwers is postdoctoraal onderzoeker aan de KU Leuven, en voert, met de steun van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen (FWO), onderzoek naar literatuur, discours en retoriek, van de Oudheid tot nu.David Eelbode is docent wiskunde aan de Universiteit Antwerpen. Hij doet zuiver theoretisch wiskundig onderzoek in hogerdimensionale analyse. Tom Deneire is postdoctoraal onderzoeker bij het Huygens ING (Den Haag), met de steun van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO), en bijzonder gastdocent aan de KU Leuven. Hij voert onderzoek naar literatuur, stijl en retoriek, van de Oudheid tot nu.

Onze partners