25/06/12 om 08:58 - Bijgewerkt om 08:58

Het OS van de sport

De Olympische Spelen worden ook een technorace.

We kunnen ons alvast opwarmen aan het EK Voetbal, en dan aan de Tour de France, vervolgens aan het Belgisch Kampioenschap Wielrennen, het EK Atletiek en dan eindelijk... op 27 juli is daar het koninginnenstuk, de hoogmis voor elke sporter: de Olympische Spelen in Londen.

Zeventien dagen lang gaan zo'n 10.000 atleten uit 200 landen in 26 sporten het beste van zichzelf geven om te eindigen als snelste, hoogste of sterkste atleet van de huidige wereld. Voor dit korte moment van krachtmeting hebben ze zich tenminste vier jaar lang volledig gegeven, getraind, een aangepast leefschema gevolgd, en ijverig de meest recente technologie gebruikt die er op hun domein voorradig is.

Want laten we duidelijk zijn: grote sport en de evenementen daarrond zijn meer en meer op technologie gebouwd. Op Facebook werd de pagina Explore London 2012 opgericht: 22 talen en 100 miljoen connecties tussen fans en atleten, vermeldde Datanews vorige week. Daarmee is het digitale scenario gezet voor de eerste 'socialympics'.

Gerry Pennell is iemand die in de IT industrie mooie papieren heeft. Hij is de CIO van Londen 2012. Hij is verantwoordelijk voor een techno-budget van iets meer dan 2 miljard £, werkt met 450 technici die 1160 PCs 24 op 7 draaiend moeten houden. Er moeten 92 verschillende locaties met elkaar geconnecteerd worden, 4.500 kilometer bekabeling onderhouden en bijna 100.000 internetconnecties actief gehouden worden. En dat in een omgeving die elke seconde op televisie zo niet op YouTube te zien is. Heb je nog grotere credentials nodig?

Het zat er al een tijdje aan te komen maar deze editie van de OS wordt écht technologisch onderbouwd. Vanaf het moment dat de chronometer werd ingevoerd om de tijdmeting secuurder te laten verlopen, is het gebruik en de impact van technologie alsmaar groter geworden. Niet alleen om de Spelen zo goed mogelijk te omkaderen, maar ook om de prestaties van de atleten naar verdere ongekende hoogten te jagen.

In de omkadering kan de firma Atos, die verantwoordelijk is voor de IT ruggengraat van de Spelen, zich weinig fouten veroorloven, met 18.000 journalisten (bijna twee per deelnemende atleet) het evenement van begin tot einde volgen, samen met 2 miljard televisiekijkers. Er is echter meer dan IT alleen. Dank zij de inspanningen van het BOIC, Agoria en de Belgian Sports Technology Club zijn er ook behoorlijk wat Belgische bedrijven die hun technologisch kunnen mogen inzetten in Londen.

Het zal u wellicht niet direct opvallen, maar wanneer u volgende maand uw TV aanzet ziet u wellicht grasmatten van Desso, monitoren van Barco, en wordt alles schitterend in beeld gebracht door EVS of Alfacam. Op die vlakken is België al zeker van een medaille. Nooit eerder zullen de Spelen zo dominant in beeld gebracht worden als dit jaar; alles in HD kwaliteit en delen ervan ook in 3D. Voor landen met minder gemakkelijk zendbreik hebben de OS een contract afgesloten met YouTube, zodat ook in de verste uithoeken van de wereld de prestaties gevolgd kunnen worden. Universaliteit heeft zijn rechten.

Sinds geruime tijd ook ondersteunt technologie de atleten om hun prestaties doelgericht te verbeteren. En dan hebben we het in de eerste plaats over de bewegingsanalyse. Tia Hellebaut springt niet alleen op wilskracht over de 2 meter. Haar sprongen werden voordien gedetailleerd gefilmd in slow motion om elk onderdeel ervan minutieus te kunnen analyseren en te kunnen verbeteren. Golfers doen iets gelijkaardigs en kleven stickers op hun lichaam om zo de ideale lijn van hun swing te kunnen opbouwen.

Bij topsport komt ook heel wat Business Intelligence kijken: de analyse van een pak cijfergegevens. In de Verenigde Staten is het ondertussen al een gewoonte geworden om in het baseball het strike-gehalte te berekenen tegen een bepaalde pitcher, en ook de impact te kennen van linkshandige of rechtshandige tegenstanders.

Talentscouts die op het sportterrein op zoek gaan naar hun volgende sterspeler, doen dat niet meer op het gezicht, maar op basis van getallentabellen. De mensen die Brad Pitt in 'Moneyball' gezien hebben, weten wat ik bedoel. Vergelijkbaar daarmee is wat SportVU doet in de Amerikaanse NBA basketcompetitie. Bij 10 clubs hebben zij minuscule camera's gehangen die de spelers 25 maal per seconde vastlegt, wanneer zij dribbelen, schieten, scoren. Met de gegevens die op die manier verzameld werden kan alles gedaan worden, van coachen tot recruteren tot de berekening van de waarde van een speler. Overigens, vier van die tien ploegen geraakten tot in de play-offs en een van hen tot in de finale.

Het gebruik van "oortjes" bij het wielrennen, van hartslagmeters, hogedrukkamers, GPS ... Het zijn even zovele informatiespuiers die de beslissingen van de trainers en atleten er niet eenvoudiger op maken, maar de resultaten wel verbeteren.

Die prestaties gingen ook pijlsnel de hoogte in toen technologie zijn intrede deed bij de materiaalsporten. Herinnert u zich nog Graeme Obree op zijn zelfgebouwde 'wasmachinefiets' en Chris Boardman op zijn spectaculaire aerobike van Lotus? Zij initieerden verhitte discussies over de legitimatie van die materiaalverbeteringen. Ondertussen kennen alle renners wel de voordelen van aerodynamica en van koolstofvezel. De Aquablade, de Fastskin en de LZR Racer racepakken van Speedo hebben de jongste twintig jaren talloze zwemrecords laten sneuvelen. Ook in het zeilen - een categorie nauw aan mijn hart- heeft technologie van DSM of British Aerospace geleid tot verbazende resultaten: zeilboten gemaakt alsof het F1 bolides zijn. Het is duidelijk dat het Westen nog altijd een voorsprong heeft qua materiaal en technologie. En daarmee zijn de Olympische Spelen ook enigszins verworden tot een technorace.

Het allerbelangrijkste blijft toch nog de atleet zelf. De uitspraak "Mens sana in corpore sano" bevat twee premissen. Ja, inderdaad, het lichaam moet perfect getraind zijn, en dat zijn ze op dat niveau allemaal. Maar de geest moet er even goed bij zijn: geconcentreerd en met focus.

Bij de vorige Olympische Spelen in China waren de telefoonverbindingen zo slecht dat het bijna onmogelijk was om met het thuisfront te communiceren. Een maand weg van huis met groot tijdsverschil heeft voor jonge atleten voor-en nadelen. Wanneer Tia Hellebaut in Bejing goud won, was dat deels te danken aan het feit dat zij haar GSM verloren was en dat haar trainer Wim Vandeven ook haar PC had weggenomen. Weg de onverwachte vragen van pers of nerveuze verwachtingen van het thuisfront. Focus. Mens sano.

In China anno 2008 kon je je makkelijk afsluiten van de wereld. Ik hoop dat er een heleboel GSMs zullen uitgaan bij de Belgen in Londen.

Ik wens alle sportfanaten tevens veel kijk- en sportplezier tijdens de zomer. Ik trek nu uit deze kolommen ook even de stekker gedurende de zomerstop. En ga met heel veel belangstelling de prestaties van de atleten in Londen volgen... met de push-mail op "off". We zien elkaar aan de andere zijde van de zomer; relaxed en vol energie om er opnieuw tegenaan te gaan.

Onze partners