31/07/12 om 11:43 - Bijgewerkt om 11:43

Goednieuwsshow tot aan de gemeenteraadsverkiezingen

Nog zeker tot aan de gemeenteraadsverkiezingen moet Elio Di Rupo volhouden dat het met zijn zespartijenregering alleen maar de goede kant uit gaat.

Goednieuwsshow tot aan de gemeenteraadsverkiezingen

© Belga

Premier Elio Di Rupo (PS) laat geen kans voorbijgaan om te onderstrepen dat België in goede conditie is. Ook bij de opening van het Belgium House voor de Olympische Spelen in Londen vorige week mochten de aanwezige politici, sponserende ondernemers, sportbobo's en de voor de gelegenheid weer opgetrommelde Eddy Merckx van hem vernemen dat de economische en financiële crisis Europa hard treft, maar dat ons land er weer bovenop komt door de aanpak van zijn regering. 'Ja, het gaat beter met België. We zitten vandaag in de Europese kopgroep. We zijn een vaste waarde geworden', klonk het vol zelfvertrouwen.

Of het optimisme van Di Rupo de Belgische sportersdelegatie in Londen een extra boost bezorgd heeft, kon daar in Londen niet meteen gemeten worden. Aan de andere kant kan van een eerste minister natuurlijk ook moeilijk worden verwacht dat hij zijn eigen regeringsbeleid afkraakt en dat hij, terwijl de eurocrisis in alle hevigheid verder woedt, de bevolking een pessimistische stemming aanpraat.

Goed een half jaar na de start van de regering-Di Rupo, kan ze zelfs al een lijstje met prestaties voorleggen. Daarop prijken onder meer een pensioenhervorming, een actieplan tegen sociale en fiscale fraude, een plan voor de energiebevoorrading, de goedkeuring van een eerste deeltje van een nieuwe staatshervorming met ook de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde, een pakketje maatregelen om de economie te steunen, en een overheidsbegroting die op koers blijft om in 2012 het financieringstekort in toom te houden.

Een nieuwe budgetcontrole verliep haast rimpelloos dankzij een beter economisch groeicijfer en de gedaalde rente op de overheidsschuld. Maar de gunstige evolutie van die parameters zonder meer toeschrijven aan het regeringsbeleid, is wel erg kort door de bocht. België heeft een open economie die sterk afhankelijk is van wat er in de buurlanden, Duitsland op kop, gebeurt. Zonder een licht economisch herstel en zonder een positiever rentetarief zou de begroting van de regering-Di Rupo trouwens voor honderden miljoenen euro's van de ramingen afgeweken zijn.

Bovendien zijn noodzakelijke sociaaleconomische hervormingen andermaal doorgeschoven tot na de gemeenteraadsverkiezingen in oktober. Ze worden voor het grootste deel ook uitbesteed aan de sociale partners. Zij mogen hun tanden stukbijten op een beheersing van de loonkosten, de minimumlonen, de welvaartvastheid van de sociale uitkeringen, een heroriëntatie van lastenverminderingen, stimulansen voor innovatie, en de harmonisering van de statuten van arbeiders en bedienden. Een overladen agenda voor vakbonden en werkgeversorganisaties is een waarborg voor een mislukking.

Dat Di Rupo en zijn zes coalitiepartners hun eerste verwezenlijkingen tegen heug en meug in de verf zetten, heeft uiteraard vooral te maken met die gemeenteraadsverkiezingen. Zowel voor de Vlaamse als voor de Franstalige meerderheidspartijen vormen ze een nieuwe krachtmeting met de N-VA van Bart De Wever, op weg naar de grote electorale clash in 2014. Maar goednieuwsboodschappen zijn zelden zo lang bestand tegen de tijd.

Patrick Martens

Onze partners