Milieu heeft weinig invloed op kinderleukemie

06/12/12 om 16:02 - Bijgewerkt om 16:02

Bij veel mensen leeft de vraag in welke mate kinderleukemie het gevolg is van natuurlijke of menselijke milieu-invloeden. Volgens de Belgische en Nederlandse Gezondheidsraden is het bewijs daarvoor beperkt.

Milieu heeft weinig invloed op kinderleukemie

© Thinkstock

Sinds 1990 ongeveer is er een stijging vastgesteld in het aantal gevallen van kinderleukemie, dat jaarlijks in ons land ongeveer rond 80 kinderen schommelt en in Nederland rond 140. De stijging lijkt ondertussen afgevlakt, maar ze roept toch de vraag op of omgevingsfactoren een rol spelen bij het ontstaan van deze ziekte.

De Belgische Hoge Gezondheidsraad en de Nederlandse Gezondheidsraad hebben binnen een Europees samenwerkingsverband de wetenschappelijke kennis hierover in kaart gebracht en beoordeeld.

Het Engelstalige rapport is te vinden op de website van de Nederlandse Gezondheidsraad.

Preventie blijft moeilijk

Ze vonden slechts beperkt bewijs voor oorzakelijke verbanden tussen milieufactoren en kinderleukemie. Dat betekent dat ook de mogelijkheid om beschermende maatregelen te nemen beperkt blijft.

Alleen voor radioactieve straling lijkt dat verband aangetoond. Die straling komt voort uit 2 soorten bronnen. De blootstelling aan de eerste, de natuurlijke stralingsbronnen, kunnen we niet verminderen, behalve voor radon.

De stralingsbronnen van menselijke oorsprong, zoals radiologische opnamen in ziekenhuizen, kunnen we wél perfect onder controle houden door ze bij jonge kinderen en zwangere vrouwen niet meer te gebruiken dan strikt noodzakelijk.

Stoppen met roken

Er is waarschijnlijk, maar niet zeker, een verband met blootstelling aan benzeen. Op dat vlak kan je als individu echter weinig ondernemen, buiten niet roken, wan tabaksrook is een belangrijke bron van benzeenblootstelling.

Opnieuw dus een reden te meer voor beide ouders, maar ook voor anderen om niet meer te roken in de buurt van zwangere vrouwen en jongere kinderen.

Ook een verband met blootstelling aan bestrijdingsmiddelen en bepaalde chemische stoffen, zoals PCB's, achten de raden 'mogelijk tot waarschijnlijk'. Aan het eerste kan je wel iets doen door ze bijvoorbeeld al niet meer te gebruiken in huis en tuin.

PCB's nemen we echter op via de voeding. Meestal in uiterst kleine dosissen, behalve voor wie veel vette vis eet. Dat is echter geen reden om vette vis volledig van het menu te schrappen. Want de voordelen van vis zijn nog altijd groter dan de (mogelijke) nadelen.

Beschermende borstvoeding? Borstvoeding en opvang in een kinderdagverblijf of frequente contacten met andere jongere kinderen lijken kinderen dan weer te beschermen tegen leukemie.

Twijfels over elektromagnetische velden blijven

Veel mensen zijn er halsstarrig van overtuigd dat elektromagnetische velden zoals die van hoogspanningslijnen, leukemie uitlokken. Het onderzoek dat daarnaar uitgevoerd werd, kan de raden echter niet overtuigen.

Ze quoteren deze en andere invloeden als 'mogelijk', 'onzeker' of 'onbekend'.

Complexe materie

Zonder afbreuk te willen doen aan het werk van het Europees samenwerkingsverband, kan je verschillende van de besluiten in dit rapport misschien nog het best omschrijven als "een veredelde vorm van giswerk op basis van de meest betrouwbare gegevens die men bij de hand heeft".

Want het samenspel tussen genetische factoren, omgevingsinvloeden (zowel natuurlijke als door de mens veroorzaakte) en het ontstaan blijft uiterst complex.

De gevolgen worden meestal pas zoveel jaren na het ontstaan duidelijk, dat het zo goed als onmogelijk is om nog vast te stellen welke samenloop van welke specifieke factoren dan ook het ontstaan van de leukemie in gang gezet kan hebben.

De raden zijn dan ook terecht van mening dat we de meeste gevallen van kinderleukemie waarschijnlijk nooit zullen kunnen voorkomen en dat het ook nooit mogelijk zal zijn om de oorzaak van individuele gevallen van kinderleukemie te achterhalen.

Kinderleukemie is een ernstige aandoening voor wie er door getroffen wordt. Maar al bij al blijven de aantallen per land erg klein.

Wie erdoor getroffen wordt, heeft vooral pech en moet vooral hopen dat de behandeling positief zal aflopen. Wat ze trouwens steeds vaker doen bij kinderleukemie.

Jan Etienne, Bodytalk

Onze partners