Jaarlijkse controle bij de arts redt geen levens

18/10/12 om 15:00 - Bijgewerkt om 15:00

Een lekkere titel en een hapklare brok voor wie kritisch tegen "De Gezondheidsindustrie" aankijkt. Maar een grondige lezing van de studie en de kritieken die ze krijgt, leiden tot een ander beeld.

Jaarlijkse controle bij de arts redt geen levens

© Thinkstock

Volgens een systematisch onderzoek dat de resultaten van 16 vroegere onderzoeken bundelt, zou een jaarlijkse check-up bij de arts de globale sterfte en ziektecijfers niet doen dalen, ook niet het aantal sterfgevallen door hart- en vaataandoeningen en kanker.

Het onderzoek werd gepubliceerd door de Cochrane Database of Systematic Reviews, een organisatie die hoog aangeschreven staat voor de kwaliteit van zijn publicaties. Maar toch.

In de analyse waren de resultaten opgenomen van een 183.000 mensen die over een vrij lange periode opgevolgd werden. Dat maakt hiervan een sterk onderzoek met vrij betrouwbare resultaten, stellen de auteurs.

Vals optimisme

Ze wijzen er op dat er bij check-ups geregeld foute vaststellingen worden gedaan. De arts stelt iets vast en vermoedt dat het een ernstige aandoening is. De patiënt ondergaat bijkomende onderzoeken en soms een ingreep, terwijl er uiteindelijk niets aan de hand blijkt te zijn.

Dat is bijvoorbeeld de reden waarom veel artsen zo fel van leer trekken tegen de algemene screening voor borstkanker bij vrouwen en prostaatkanker bij mannen.

Ondanks alle inspanningen lijkt het aantal sterfgevallen door prostaatkanker bijvoorbeeld niet wezenlijk te dalen. De Amerikaanse overheid heeft daarom recent nog geadviseerd tegen de algemene screening voor prostaatkanker. Het kost niet alleen veel geld, het berokkend veel bijkomend leed dat niet gecompenseerd wordt door een toename van het aantal voorkomen of genezen prostaatkankers.

Veel ernstige aandoeningen komen bovendien toevallig aan het licht en niet tijdens de jaarlijkse check-up.

En toch

Het grote probleem met deze studie wordt pas op het einde duidelijk, wanneer de onderzoekers op de zwakke punten van hun werk wijzen.

De 16 onderzoeken die ze analyseerden, zijn relatief oud, stellen ze, en dat doet afbreuk aan de uitkomst ervan. Er worden ondertussen nieuwe middelen en technieken gebruikt die misschien betere resultaten opleveren. Tja, daar sta je dan.

Bovendien worden veel jaarlijkse check-ups in verschillende landen alleen maar uitgevoerd om te voldoen aan administratieve eisen, zodat de waarde ervan sterk in twijfel getrokken kan worden.

Fundamentele bedenkingen

Er is nog een meer fundamentele bedenking bij dit soort studies.

We weten namelijk allemaal dat de aanpassing van je levensstijl het krachtigste middel is om de gezondheid op peil te houden. Dat betekent gewicht onder controle houden, gezond en gevarieerd eten, niet roken en vooral ook voldoende bewegen.

Artsen vermelden dit wel in hun advies aan hun patiënten, maar maken er nauwelijks woorden aan vuil. Ze geven geen duidelijke instructies en zijn daar ook slecht voor opgeleid. Veel artsen kunnen nauwelijks een goede uitleg geven over gezonde voeding en aangepast bewegingsadvies.

Ze grijpen terug naar het model waarbinnen ze zijn opgeleid: de harde geneeskunde met pillen, metingen, toestellen en ingrepen. Die hebben hun nut. Wie het tegendeel beweert, weet niet waarover hij of zij spreekt.

Maar dit model heeft ook zijn beperkingen. Zeer ernstige beperkingen zelfs. Geneesmiddelen zijn uitstekende hulpmiddelen wanneer ze zeer zorgvuldig ingezet worden. Maar veel mensen laten ze na enige tijd staan omdat ze ongewenste effecten veroorzaken en wanneer ze dat aan de arts melden, gelooft die hen niet. Om welke onduidelijke reden dan ook, maar veel artsen staan nog altijd niet open voor kritische vragen van hun patiënten.

De patiënten laten zelf ook steken vallen door hun geneesmiddelen niet langer in te nemen "omdat ze er geen zin meer in hebben". Zoiets kan alleen opgelost worden door begrip voor het standpunt van de patiënt en overleg in respect met de patiënt waardoor die gaat inzien dat de therapie wel degelijk zin heeft.

Maar dat vraagt tijd en het kost geld. En door het tekort aan het ene, heeft de arts gewoonlijk ook een tekort aan het andere. Al telt dit argument niet altijd.

Besluit

Maakt dit onderzoek ons veel wijzer? Neen, toch niet. De onderzoekers zagen zelf de poten onder hun stoel door wanneer ze verwijzen naar de misschien achterhaalde vaststellingen van de onderzoeken die ze analyseerden.

Indien een jaarlijkse check-up je geruststelt is er ook geen reden om het te laten. Er zijn geen aanwijzingen dat je sterfterisico er door toeneemt. Spreek dus gerust af voor een jaarlijkse babbel. Het maakt dat je elkaar op zijn minst al kent wanneer de zaken echt ernstig worden.

Wil je iets doen voor je gezondheid, onderneem dan iets. De richtlijnen qua voeding en beweging zijn eenvoudig.

Het enige moeilijke er aan is ze vol te houden.

En daarom wensen we je veel sterkte.

Jan Etienne, Bodytalk

Lees meer over:

Onze partners