Grote verschillen in prijzen bij cataractoperaties

21/03/13 om 16:14 - Bijgewerkt om 16:14

De factuur voor een cataractoperatie kan in België sterk verschillen naargelang het gekozen ziekenhuis.

Grote verschillen in prijzen bij cataractoperaties

© Reuters

De factuur voor een cataractoperatie kan in België sterk verschillen naargelang het gekozen ziekenhuis. Dat is te wijten aan de verschillen in aangerekende supplementen. Dat blijkt uit een onderzoek dat Test-Aankoop en de Socialistische Mutualiteiten hebben gevoerd.

Staar

Cataract, ook wel staar genoemd, is een vertroebeling van de ooglens. De enige oplossing is een operatie waarbij die ooglens wordt vervangen door een implantaat. Dat het niet gaat om een zeldzame aandoening, bewijzen de cijfers: in 2011 werden in België zo'n 115.000 cataractoperaties uitgevoerd.

Test-Aankoop nam telefonisch contact op met alle algemene ziekenhuizen in België en met 42 privépraktijken. Daarbovenop analyseerde de consumentenorganisatie alle websites van ziekenhuizen. De Socialistische Mutualiteiten verzamelden de facturen van 27.526 cataractoperaties in dagopname.

Supplementen

De keuze van het ziekenhuis blijkt doorslaggevend te zijn voor het totale kostenplaatje. Uit het onderzoek bleek het duurste ziekenhuis 650 euro meer aan supplementen aan te rekenen dan het goedkoopste. Het gaat daarbij om meerpersoonskamers. Wie een eenpersoonskamer wenst, moet in sommige gevallen tot 1.500 euro aan supplementen betalen.

Opvallend is ook dat vooral in Brussel de tarieven hoog liggen, vooral door de hoge (ereloon)supplementen. Verscheidene ziekenhuizen zijn ook erg duur voor de patiënt omdat ze hoge materiaalsupplementen aanrekenen. Meestal is dat het gevolg van het gebruik van multifocale lenzen, die niet vergoed worden door de ziekteverzekering. De kosten van dit soort lenzen kan oplopen tot 1.000 euro.

De twee organisaties klagen ook aan dat het voor patiënten moeilijk te achterhalen is of een oogarts al dan niet geconventioneerd is. Uit het onderzoek blijkt minder dan de helft van de oogartsen de RIZIV-tarieven toe te passen.

Wachttijden

Een andere vaststelling zijn de lange wachttijden. Gemiddeld moet een patiënt 61 dagen wachten op een eerste consultatie, alhoewel ook daar grote regionale verschillen waar te nemen zijn: in Brussel moet men gemiddeld 33 dagen wachten, in Vlaanderen 49 en in Wallonië 88 dagen. Slechts in 15 procent van de gevallen slaagde men erin binnen de 20 dagen een afspraak vast te leggen bij een geconventioneerde oogarts. Bij 25 procent van de ziekenhuizen bedraagt de wachttijd meer dan 90 dagen en in een enkel geval bedroeg die zelfs 263 dagen.

In de privésector was de wachttijd dan weer gemiddeld 29 dagen, maar privéklinieken zijn over het algemeen wel een pak duurder. Dat doet bij Test-Aankoop en de Socialistische Mutualiteiten de vrees rijzen dat er een gezondheidszorg op twee snelheden dreigt te ontstaan.

Patiënten die informatie willen vergaren via de websites van de ziekenhuizen, zijn er meestal aan voor de moeite: slechts één op de vijf ziekenhuizen informeert de potentiële patiënt afdoende. Het gaat uitsluitend over sites van Vlaamse ziekenhuizen.

Tariefzekerheid

Beide organisaties vragen dat ereloonsupplementen voor dagopnames snel afgeschaft worden en dat ziekenhuizen via hun onthaalbediendes en websites beter communiceren. Ze vragen ook dat de overheid een nieuw kader ontwikkelt voor privéklinieken, dat ervoor zorgt dat de patiënt tariefzekerheid krijgt. Ten slotte vragen ze dringende maatregelen voor het nijpende tekort aan (geconventioneerde) oogartsen. (Belga/EE)

Onze partners