Anne Dedry (Groen)
Anne Dedry (Groen)
Kamerlid voor Groen en afgevaardigd bestuurder van De Bakermat, expertisecentrum Kraamzorg & borstvoeding
Opinie

02/10/14 om 07:58 - Bijgewerkt om 07:58

Een belangrijke bron van besparen werd nog niet aangeboord: borstvoeding

Borstvoeding ondersteunen en promoten is een goedkope en tevens kosteneffectieve investering in de gezondheidszorg, schrijft Anne Dedry (Groen).

Er vloeide de voorbije weken heel wat inkt rond de voor- en nadelen van een vettaks. Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) gaat het nut hiervan onderzoeken. Los van wie gelijk heeft over de effecten op korte en lange termijn, leun ik aan bij de groep opiniemakers die positieve maatregelen (zoals het goedkoper maken van groenten en fruit, aansporen tot meer bewegen en gezonde voeding) mee in het debat brachten. In geen enkel opiniestuk echter werd de promotie voor de beste startvoeding bij het begin van het leven vermeld.

Bij het begin van de Week van de Borstvoeding, mag dit misschien wel eens hardop gezegd worden. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat een langere duur exclusief borstvoeding geven een beschermend effect heeft op later overgewicht en obesitas in de kindertijd en de adolescentie. Het heeft bovendien ook een positief effect op het gewichtsverlies bij de moeder in de postpartumperiode. Moeders die borstvoeding geven, zijn ook zelf meer bezig met kwaliteitsvoeding voor hun gezin.

Campagnes ter preventie van obesitas zouden dus moeten starten met de ondersteuning van borstvoeding. Zeker bij socio-economisch achtergestelde gezinnen, want juist zij geven het minder vaakst borstvoeding en zijn extra gevoelig voor de fastfood-eetcultuur.

Maar borstvoeding doet natuurlijk meer met een mens....

Investeren in het begin van het leven rendeert, ook op vlak van gezondheidseconomie

De WHO beveelt exclusief borstvoeding aan tot de leeftijd van zes maanden. Deze aanbeveling is gebaseerd op wetenschappelijke evidentie. Borstvoeding is niet alleen de beste startvoeding voor elke baby. Ook op lange termijn zijn er belangrijke gezondheidsvoordelen: naast het minder voorkomen van obesitas, zijn er minder luchtwegen- en maagdarminfecties, minder ziekenhuisopnames, een verlaagd risico op hypercholesterolemie, diabetes type 1 en 2, een verminderd risico op hypertensie op latere leeftijd, én niet te vergeten de bevordering van moeder en kind binding.

Dus, borstvoeding verdient wel degelijk maatschappelijke en politieke aandacht. Onze Belgische startcijfers zijn helemaal niet goed. Terwijl amper 63 % van onze moeders start met borstvoeding, is dit in omringende landen heel wat hoger. In Zweden, Nederland, Spanje, Polen, Italië, Slovenië ... is dit tussen de 75 tot 90 %.

Bovendien stoppen we veel sneller met borstvoeding dan de WHO aanbeveelt . In Vlaanderen krijgt 45 % van de kinderen nog exclusief borstvoeding op zes weken, 28 % op drie maanden en amper 8 % op zes maanden . Het kan dus veel beter!

Het belang van beleidsaandacht voor het begin van het leven wordt in ons land al decennia zwaar onderschat. Een kwalitatieve zwangerschapsbegeleiding, een niet-gemedicaliseerde bevalling, een eerstelijns-kraamtijd met borstvoedingsbegeleiding, zou ons land al heel wat WHO- ranking punten opleveren.

Maar bovenal is het duidelijk dat de economische waarde van borstvoeding in ons land nog niet is doorgedrongen. Lage borstvoedingscijfers leiden tot een toegenomen incidentie van ziekten op korte en lange termijn wat op zijn beurt resulteert in een significante meerkost voor de gezondheidszorg.

Recent internationaal onderzoek toont aan dat in het Verenigd Koninkrijk 50 miljoen euro per jaar kan bespaard worden bij meer borstvoeding op de uitgaven voor vijf ziekten: borstkanker bij de moeder, darm- en luchtwegeninfecties, middenoorontstekingen en necrotiserende enterocolitis bij de baby. Ook in de Verenigde Staten heeft men berekend dat de suboptimale borstvoedingscijfers de staat bijna 10 biljoen euro per jaar kost aan pediatrische gezondheidszorg. De American Academy of Pediatrics stelt dat elk kind dat kunstvoeding krijgt 247 tot 355 euro meer kost aan het gezondheidszorgsysteem gedurende het eerste levensjaar in vergelijking met een kind dat borstvoeding krijgt. Met de circa 127.000 kinderen die jaarlijks geboren worden in België kan de verbetering van de borstvoedingscijfers door de structurele ondersteuning en promotie van borstvoeding een aanzienlijke besparing opleveren. Met een stijging van 10% meer kinderen die borstvoeding krijgen kunnen we in België gemiddeld 3.136.900 tot 4.508.500 euro besparen aan pediatrische gezondheidszorg.

Begrijpe wie begrijpe kan dat deze bron van besparing nog niet werd aangeboord bij de huidige regeringsvorming! En begrijpe wie begrijpe kan dat onze overheid de schaarse middelen rond borstvoedingsondersteuning vorig jaar drastisch teruggeschroefd heeft.

Borstvoeding, een bonus voor kansarme gezinnen

Borstvoeding ondersteunen en promoten is -zoals hierboven aangetoond- een goedkope en tevens kosteneffectieve investering in de gezondheidszorg. Meer beleidsaandacht voor de beste voedingskeuze bij de start van het leven én het versterken van de emotionele hechting tussen moeder en kind, komen bovendien vooral en maximaal ten goede aan baby's geboren in kansarme gezinnen.

Armoedebestrijding blijft hopelijk een belangrijk aandachtspunt in het toekomstig federaal beleid (het Vlaams regeerakkoord ten spijt). Het percentage jonge kinderen ( jonger dan drie jaar) dat in een kansarm gezin leeft is verdubbeld op tien jaar tijd. Het besef is doorgedrongen dat deze kinderen met een maatschappelijke achterstand worden geboren, zeker op vlak van gezondheid.

En zijn het nu juist - absoluut niet toevallig - deze kinderen die veel minder vaak en minder lang borstvoeding krijgen dan hun rijkere wieggenoten? Terwijl gemiddeld bijna twee op drie kinderen in Vlaanderen de kans hebben om borstvoeding te krijgen, is dit amper één op drie bij baby's die geboren worden in een kansarm gezin.

'Borstvoeding op de politieke agenda' zetten in tijden van moeilijke regeringsvorming lijkt een ver van mijn bed show

Maar toch enkele realistische voorstellen. Laat ons alvast beginnen met een klinische richtlijn borstvoeding en een betere opleiding voor alle zorgverleners, zodat alle neuzen in dezelfde richting staan en alle moeders - ongeacht hun sociale afkomst - dezelfde informatie en begeleiding krijgen. Laat ons durven de ethische code van de WHO voor het op de markt brengen van moedermelkvervangende producten volledig toe te passen, zodat ouders correct en zonder commerciële misleiding een geïnformeerde keuze kunnen maken. Dit heeft reeds in andere Europese landen tot een aanzienlijke stijging van de borstvoedingscijfers geleid.

Laat ons deze Week van de Borstvoeding aangrijpen om van borstvoeding een hogere beleidsprioriteit te maken, zodat borstvoedende moeders zich gesteund weten door de samenleving en door de poltici.

Lees meer over:

Onze partners