Brein werkt anders bij anorexia

20/09/12 om 17:22 - Bijgewerkt om 17:22

Vrouwen met anorexia gebruiken andere delen van hun hersenen wanneer ze over zichzelf spreken en denken. Misschien maakt dat de behandeling ervan extra moeilijk.

Brein werkt anders bij anorexia

© Thinkstock

Onderzoekers van de universiteit van Texas in de Verenigde Staten vergeleken de werking van de hersenen van vrouwen die teksten voorlazen of vragen beantwoordden over hun persoonlijke kenmerken, kwaliteiten van vriendinnen en de wijze waarop ze dachten dat hun vriendinnen hen waardeerden. Daarbij kwamen duidelijke verschillen aan het licht tussen vrouwen met anorexia en normale, gezonde vrouwen.

Vrouwen met anorexia gebruiken dus andere hersengebieden wanneer ze over zichzelf en hun sociale relaties en omgang met anderen nadenken. De verschillen kwamen aan het licht tijdens opnamen via hersenscans.

Volgens schattingen zou anorexia voorkomen bij ongeveer 0,5% van alle vrouwen jonger dan 30 jaar en komen er jaarlijks een 400 jonge vrouwen bij. Bij mannen komt de aandoening 10 tot 20 maal minder voor, maar alles bij elkaar spreken we hier toch nog van enkele duizenden jonge mensen.

Anorexia is een complexe psychiatrische aandoening die bij een 10 tot 15% van de mensen tot de dood leidt. Het is dus een belangrijk, maar moeilijk te behandelen gezondheidsprobleem.

De behandeling bestaat voor een deel uit het verbeteren van het afwijkende voedingspatroon naar normale, gevarieerde en gezonde voedingsgewoonten, maar die aanpak alleen leidt zelden tot succes.

Deze mensen hebben nood aan bijkomende psychische behandeling en ondersteuning. De onderzoekers Carrie McAdams en Daniel Krawczyk hopen dat hun onderzoek daartoe kan bijdragen, maar op welke wijze is nog helemaal niet duidelijk. Het gebruik van verschillende hersendelen zegt immers niets over wat er achter deze verschillen schuil gaat. Het is niet duidelijk of het verschil een gevolg of oorzaak is van de aandoening.

Hoe belangrijk deze nieuwe vaststelling is voor de aandoening zal dus nog moeten blijken, maar het onderzoek van McAdams en Krawczyk opent alvast een nieuwe weg voor verdere exploratie.

Het onderzoek wordt gepubliceerd in een komend nummer van Social Cognitive and Affective Neuroscience.

Jan Etienne, Bodytalk

Onze partners