07/03/11 om 19:03 - Bijgewerkt om 19:03

Europees keurslijf

Bezwerende boodschappen voor binnenlands gebruik zullen niet volstaan om te ontsnappen aan de alsmaar grotere greep van Europa op ons budgettair en sociaaleconomisch beleid.

De grote actiedag van de socialistische vakbond ABVV en de liberale ACLVB eind vorige week is niet uitgemond in een nationale staking, maar hij was zeker voelbaar. De ontslagnemende regering-Leterme II is er niet door op andere gedachten gebracht. Ze blijft bij haar bijgestelde versie van het centraal loonakkoord voor 2011-2012. In een vertroebelde sociale sfeer schuift het front van de loononderhandelingen nu op naar de bedrijfssectoren en ondernemingen, waar nieuwe sociale verkiezingen in mei 2012 mee zullen wegen op de opstelling van de vakbonden.

Dat de regering niet meer wil sleutelen aan haar afspraak over een pakket met daarin loonmatiging, een structurele verankering van diverse anticrisismaatregelen, een enveloppe voor de welvaartsaanpassing van de sociale uitkeringen en een bescheiden aanzet tot de harmonisering van het arbeiders- en bediendestatuut, hoeft op zich niet te verwonderen. Aan het precaire 'evenwicht tussen koopkracht en concurrentiekracht' hangt een stevig prijskaartje en die kosten dienen voorspelbaar te zijn voor het begrotingswerk.

Dat laatste zou alvast voor 2011 moeten resulteren in een tekort van minder dan 4 procent. Dat vergt een inspanning van minstens 2 miljard euro. Een derde van die som kan worden ingeschreven dankzij hogere dividenden en vergoedingen van Belgcaom, bpost en de banken. Waar de rest vandaan moet komen, zal binnenkort blijken.

Europese druk
Meteen zal duidelijk worden hoe strak het nieuwe Europese keurslijf voor ons land is. In maart moet premier Yves Leterme (CD&V) met de begroting van 2011 naar de Europese Commissie en in april moet België ook een meerjarenplan voor de sanering van de overheidsfinanciën voorleggen. Blijft de economie met 2 procent of meer per jaar groeien, dan kan dat nog net lukken. Anders komen er Europese aanbevelingen en mogelijk sancties.

Minstens even ingrijpend zijn de voorstellen van de voorzitters van de Europese Commissie en de Europese Raad, José Manuel Barroso en Herman Van Rompuy, om het economisch bestuur in Europa te versterken. Eind deze week houden die voorstellen al de leiders van de eurolanden bezig en ook,op de Europese top van 24 maart staan ze op de agenda. Ze zijn alleszins niet van de poes: een loonmatiging die niet langer wordt gekoppeld aan de inflatie maar aan de productiviteit, een pensioenleeftijd in verhouding tot de gestegen levensverwachting, 'flexicurity' op de arbeidsmarkt, een drastische rem op overheidsschulden enzovoort.

Bij gebrek aan een volwaardige regering tast Leterme tegen die achtergrond de grenzen van het regime van lopende zaken af. Daarbij poogt hij het beeld van een land onder Europese curatele af te wenden met geruststellende mededelingen over pijnloze budgettaire ingrepen, positieve 'facts and figures' die aan internationale ratingbureaus worden voorgeschoteld, en met een suggestie om de impact van galopperende energieprijzen op inflatie en loonindexering af te vlakken. Maar of dat volstaat om de Europese druk op ons sociaaleconomisch model af te houden, is zeer de vraag.

Patrick Martens

Onze partners