Luc Baltussen
Opinie

07/05/10 om 16:53 - Bijgewerkt om 16:53

Een heer in het verkeer

Zijn de premies voor jonge autobestuurders echt veel te hoog?

Zijn de premies voor jonge autobestuurders echt veel te hoog?

Vanuit twee hoeken wordt ons nog eens het recht op autorijden vanaf 18 onder ogen geduwd. Een recht dat bedreigd zou worden door verzekeraars die jongeren zulke hoge premies voorschotelen dat autorijden in de praktijk voor hen niet haalbaar meer is. Of die hen zelfs botweg weigeren.

Test-Aankoop heeft er nog eens een 'studie' over gemaakt, door in vijf steden en gemeenten op in totaal 180 plaatsen te informeren naar de polisvoorwaarden voor een 18-jarig meisje en een 22-jarige jonge vrouw, de eerste zonder en de tweede met anderhalf jaar ervaring.

En de Vlaamse Jeugdraad bracht op een aanschouwelijke manier in beeld hoe anonieme (want met een helm gemaskerde) jongelui door verzekeringsmakelaars en -agenten de duvel werd aangedaan.

Aan Knack vertelde Katrien Crispeyn van de Vlaamse Jeugdraad dat hun cijfers afkomstig waren van een door studenten gevoerd onderzoekje. Waarin de premies vergeleken werden voor een studente van 22 en haar moeder van 45.

Bij Assuralia, de federatie van de verzekeraars die door Test-Aankoop gemakshalve 'de machtige verzekeringslobby' wordt genoemd, kunnen ze er niet mee lachen: 'Totaal ongeloofwaardig. Onverantwoorde stemmingmakerij. Extreme voorbeelden zonder gemiddelden en zonder enige referentie naar de parameters die verzekeraars in de praktijk gebruiken', aldus Wauthier Robyns.

Die is vooral boos omdat Test-Aankoop zonder blikken of blozen voorbijgaat aan het rapport dat in 2006 werd opgemaakt door het (toenmalige) Nationaal Instituut voor de Statistiek. Dat rapport kwam er nadat de verantwoordelijke minister, Fientje Moerman, verzekeraars en consumenten op één lijn gekregen had over de methodologie die gebruikt zou worden. 'Uit dat rapport kwam toen een veel genuanceerder beeld naar voren dan Test-Aankoop ophing. En er is geen enkele reden om aan te nemen dat de situatie intussen verslechterd zou zijn. Maar kennelijk komt hen dat niet goed uit.'

De stelling van de verzekeraars is dat ze verplicht zijn hun premiestelsels te funderen op objectieve criteria - en het criterium leeftijd speelt nu eenmaal een doorslaggevende rol in het risico.

Voor de opmerking van de Vlaamse Jeugdraad, dat een heel klein groepje jongeren verantwoordelijk is voor de hoge ongevalcijfers in hun leeftijdscategorie, heeft Robyns wel begrip. 'Maar dat is dan ook precies waarom de verzekeraars gevoelig zullen zijn voor alle mogelijke informatie die het mogelijk maakt in te schatten of een jongere tot dat groepje brokkenmakers behoort of juist tot de voorzichtige groep.' Vandaar dat de kans op een redelijke verzekering beter wordt naarmate de makelaar het gezin al kent of als de jongere inschrijft voor een cursus defensief rijden. En dat zijn kansen slinken als hij als onervaren beginneling meteen met een dure sportwagen aan komt zetten.

Zowel Test-Aankoop als de Jeugdraad krijgt veel media-aandacht door het probleem aan te kaarten met anonieme jonge bestuurders -- maar daardoor boeten hun vaststellingen dus veel aan realisme in. En komen ze fundamenteel in de knoop met hun eigen eis om rekening te houden met de bewezen voorzichtigheid van een bestuurder.

Overigens baseren verzekeraars zich niet alléén op de familiale achtergrond of op de autokeuze om het risico van een jongere in te schatten. Al is een uniform wettelijk bonus-malussysteem een paar jaar geleden afgeschaft, de meeste maatschappijen passen nog altijd een bonus-malussysteem toe, naar eigen commercieel inzicht. Dat betekent dat echt voorzichtige jongeren bij sommige maatschappijen veel beter af zijn dan bij andere. Misschien is dat ook een manier om eens vergelijkingen op te zetten. Of is dat voor Test-Aankoop niet sexy genoeg?

Luc Baltussen

Onze partners